Article 14
1. Everyone has the right to seek and to enjoy in other countries asylum from persecution.
UNIVERSAL DECLARATION OF HUMAN RIGHTS
Article 14
1. Everyone has the right to seek and to enjoy in other countries asylum from persecution.
UNIVERSAL DECLARATION OF HUMAN RIGHTS
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 24/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
[23]
Vanaf 12 juni 2026 gaan nieuwe asielregels gelden in de Europese Unie (EU). Zo moeten er strengere controles aan de buitengrenzen komen, snellere asielprocedures en beperkingen voor asielzoekers om door te reizen naar andere EU-landen om daar asiel aan te vragen. De nieuwe regels zijn het gevolg van het Europese Asiel- en Migratiepact.
Het Europese Asiel- en migratiepact moet helpen om de instroom van migranten te beperken en migratie beter te beheersen.
Lees:
Het Migratiepact bestaat uit 1 richtlijn en 9 verordeningen. Om die in Nederlandse wet- en regelgeving op te nemen is een wijziging van de Vreemdelingenwet nodig.
Daarvoor heeft het kabinet op 4 juli 2025 de Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 naar de Raad van State gestuurd voor advies. De Tweede en Eerste Kamer moeten het wetsvoorstel nog goedkeuren.
In het Migratiepact staan onder andere de volgende afspraken:
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 23/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
NOS
EU SLUIT MIGRATIEPACT: VERSNELDE PROCEDURES, ”VEILIGELANDERS” MOGEN VASTGEZET WORDEN
20 DECEMBER 2023
Het heeft jaren geduurd, maar de EU-lidstaten en het Europees Parlement zijn erover uit: er komen nieuwe Europese regels voor asiel en migratie. Migranten krijgen volgens het akkoord vanaf 2026 aan de buitengrenzen van de EU te horen of ze naar binnen mogen.
De regels maken deel uit van een groter pakket dat in 2020 is voorgesteld door de Europese Commissie als reactie op de migratieproblemen in de EU.
Een van de belangrijkste punten in het nu gesloten migratiepact is een snellere screening van migranten. Om ervoor te zorgen dat die systemen minder chaotisch verlopen, is het zogenoemde zevendaagse screeningsproces in het leven geroepen.
Tijdens de procedure worden er vingerafdrukken en gezichtsopnames gemaakt, die worden verzameld in een EU-database. Alle lidstaten krijgen toegang tot deze database en kunnen controleren of een asielzoeker niet in meerdere EU-landen asiel heeft aangevraagd.
Daarnaast verandert de grensprocedure. Die geldt straks voor alle asielzoekers die aankomen bij buitengrenzen. Migranten uit relatief ‘veilige’ landen, zoals Marokko, Algerije of Bangladesh, komen in een versneld proces terecht.
De bedoeling is dat de procedure maximaal negen maanden duurt en de migranten worden tussentijds vastgezet in speciale centra met beperkte bewegingsvrijheid. Als blijkt dat de asielzoekers geen recht hebben op asiel, worden ze teruggestuurd.
Verdere details moeten nog bekend gemaakt worden, maar het lijkt erop dat alleenreizende minderjarigen worden uitgesloten van de grensprocedure en gezinnen met minderjarigen prioriteit krijgen.
Erkende vluchtelingen komen terecht in de normale procedure. Het idee is dat kansrijke asielzoekers zo sneller geholpen kunnen worden en de asiel- en opvangsystemen minder snel vastlopen.
Waar aankomstlanden eerst verplicht waren om een asielprocedure te starten voor een migrant, mogen EU-landen nu kiezen: betalen of overnemen. Lidstaten staan voor de keuze om asielzoekers over te nemen van landen zoals Italië en Griekenland, waar de instroom hoog is, of een bedrag te betalen van 20.000 euro per niet-overgenomen asielzoeker.
Het doel hiermee is om landen financieel te compenseren voor de vele asielzoekers die zij opvangen. In de praktijk moet nog blijken of dit genoeg zal zijn; het land waar een migrant aankomt, blijft verantwoordelijk voor het regelen van asiel. Hoeveel migranten een land moet opvangen, wordt bepaald door een rekensom. Dit verschilt per lidstaat.
Nu het parlement en de lidstaten het eens zijn over het migratiepact, moet er alleen nog formeel gestemd worden in het Europees Parlement en de Raad van Ministers. Over twee jaar zou de wet in moeten gaan.
Bijna elk EU-land heeft het afgelopen jaar te maken gehad met problemen met de opvang van vluchtelingen. In Nederland moesten in het Groningse Ter Apel bijvoorbeeld mensen buiten slapen, omdat er geen plek meer was. Ook andere Europese landen, zoals België en Frankrijk, kampen met een toenemende druk op de asielopvang.
Al na de vluchtelingencrisis van 2015 was er binnen de EU eensgezindheid dat er iets moest veranderen. De druk op landen als Griekenland en Italië, waar vluchtelingen vaak de EU binnenkomen, was de afgelopen jaren groot. Opvang en registratie van migranten liep daardoor vast.
Voor de meeste vluchtelingen waren deze landen niet de eindbestemming. Daardoor kwam die druk vervolgens ook te liggen bij de Noord-Europese landen. Maar het lukte de 27 Europese ministers van Asiel en Migratie jarenlang dus niet om het eens te worden over het opvangen, verdelen en terugsturen van migranten die in Europa aankomen.
De druk was groot om nu tot een akkoord te komen, voor de Europese verkiezingen in juni volgend jaar.
In het bijzonder Duitsland en Italië stonden lang tegenover elkaar, landen die allebei nodig waren om tot een meerderheid voor een akkoord te komen. Verdere impasses ontstonden bij het Europees Parlement en de EU-lidstaten, vooral met betrekking tot de verdeling van asielzoekers.
In de migratiedeal die vandaag is gesloten, is ook rekening gehouden met noodsituaties waarin er plotseling veel mensen naar de EU komen. In het pact staat hoe de EU en de lidstaten moeten reageren in deze crisissituaties. Het gaat om maatregelen die bedoeld zijn om de lasten eerlijk te verdelen tussen de landen.
Er zijn ook zorgen rond de deal. Zo waarschuwden gisteren meer dan vijftig mensenrechtenorganisaties in een open brief aan de onderhandelaars dat de deal zou leiden tot een “onmenselijk systeem”.
Verder is er de vrees dat Griekenland, Italië, Malta en Spanje binnen dit systeem waarschijnlijk veel verantwoordelijkheid zullen dragen. Als landen aan de buitengrens krijgen ze meer te maken met asielzoekers die via hun grenzen binnenkomen.
EINDE
[22]
Met de Asielprocedureverordening willen de lidstaten een uniforme gemeenschappelijke asielprocedure invoeren. Daarmee wordt voorkomen dat asielzoekers met een kansloos asielverzoek toegang krijgen tot het grondgebied van de EU en kunnen doorreizen naar andere lidstaten.
ADVIESRAAD MIGRATIE
WORDT DE EUROPESE ASIELGRENSPROCEDURE DE
NIEUWE NORM?
2 MEI 2024
ZIE VOOR GEHELE TEKST, NOOT 19
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 21 EN 22/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
Met de Asielprocedureverordening willen de lidstaten een uniforme gemeenschappelijke asielprocedure invoeren. Daarmee wordt voorkomen dat asielzoekers met een kansloos asielverzoek toegang krijgen tot het grondgebied van de EU en kunnen doorreizen naar andere lidstaten.”
ADVIESRAAD MIGRATIE
WORDT DE EUROPESE ASIELGRENSPROCEDURE DE
NIEUWE NORM?
2 MEI 2024
Weblogbericht | 02-05-2024 | Mr. David de Jong
Het EU-migratiepact bevat regels voor een nieuw Europees asielsysteem en treedt in 2026 in werking.[1] In deze blog belichten we het voorstel voor een asielgrensprocedure (hierna: grensprocedure) die is vastgelegd in de nieuwe Asielprocedureverordening.
De asielgrensprocedure staat niet op zichzelf. Deze kan worden voorafgegaan door een screeningsprocedure maar ook gevolgd worden door een grensterugkeerprocedure. In de screeningsprocedure vindt zorgvuldige identificatie van de migrant[2] plaats. Daarna wordt deze verwezen naar de passende vervolgprocedure. Dat kan een herplaatsing zijn naar de verantwoordelijke lidstaat, een verwijzing naar een asielprocedure (een ‘gewone’ asielprocedure of een asielgrensprocedure) of naar een terugkeergrensprocedure.
Met de Asielprocedureverordening willen de lidstaten een uniforme gemeenschappelijke asielprocedure invoeren. Daarmee wordt voorkomen dat asielzoekers met een kansloos asielverzoek toegang krijgen tot het grondgebied van de EU en kunnen doorreizen naar andere lidstaten. Daarnaast zou de verordening ervoor moeten zorgen dat procedures beter op elkaar aansluiten. Na een afwijzing van een kansloos asielverzoek volgt dan spoedig een terugkeerprocedure.
De asielgrensprocedure (hierna: grensprocedure) is een nieuwe procedure waarin lidstaten een asielverzoek behandelen zonder dat migranten juridisch toegang krijgen tot het grondgebied van de EU. Migranten moeten gedurende de procedure in locaties aan of in de buurt van de buitengrens of in transitzones[3] verblijven.[4]
De grensprocedure wordt toegepast op asielverzoeken die worden ingediend door verzoeker(s) die niet voldoet/voldoen aan de toelatingsvoorwaarden voor het Schengengebied, in de volgende situaties:
Om aan de toelatingsvoorwaarden voor het Schengengebied te voldoen moeten derdelanders bijvoorbeeld in het bezit zijn van een geldig grensoverschrijdingsdocument en een visum. De grensprocedure kan ook worden toegepast na herplaatsing overeenkomstig de Verordening inzake asiel- en migratiebeheer.[5]
In de Asielprocedureverordening staan verplichte en facultatieve gronden om de grensprocedure toe te passen. Een lidstaat is verplicht de grensprocedure toe te passen in de volgende drie situaties:
– de asielzoeker heeft de autoriteiten opzettelijk misleid door valse informatie of documenten te tonen of door relevante informatie of documenten achter te houden die een negatief effect op de beslissing op het asielverzoek hadden kunnen hebben;
– er redelijke gronden zijn de asielzoeker als een gevaar voor de nationale veiligheid of openbare orde te beschouwen of de asielzoeker is om die redenen al eerder gedwongen uitgezet;
– de asielzoeker afkomstig is uit een land waarvoor het inwilligingspercentage van asielverzoeken 20% of lager is.
Naast deze verplichte gronden zijn er in de Asielprocedureverordening een groot aantal gronden vastgelegd waarop de lidstaten de toepassing van de grensprocedure kunnen baseren. Deze gronden zien op kansloze asielverzoeken. Voorbeelden zijn asielverzoeken zonder asielmotieven en herhaalde asielverzoeken die volgen op eerdere verzoeken die zijn afgewezen. De asielaanvragen van onbegeleide minderjarige asielzoekers worden in de regel behandeld in de gewone asielprocedure tenzij er sprake is van redelijke gronden dat de minderjarige een gevaar vormt voor de nationale veiligheid/openbare orde of om die reden al eerder gedwongen is uitgezet. In dat geval moet de aanvraag van een minderjarige in de grensprocedure worden behandeld. De Asielprocedureverordening schrijft voor dat de behandeling van asielaanvragen van minderjarigen, al dan niet met gezinsleden, met voorrang moeten worden behandeld.
De EU-lidstaten streven naar de behandeling van ten minste 30.000 asielverzoeken per jaar in de grensprocedure. De Europese Commissie (EC) stelt, afgeleid van het totale aantal van 30.000 grensprocedures, het aantal asielverzoeken vast dat een lidstaat per jaar in de grensprocedure moet behandelen.
Deze verplichting om asielverzoeken in de grensprocedure te behandelen vervalt als de lidstaat het door de EC vastgestelde aantal asielverzoeken in de grensprocedure heeft behandeld, met uitzondering van de verzoeken van asielzoekers, inclusief niet-begeleide minderjarigen, die als een gevaar voor de nationale veiligheid of openbare orde kunnen worden beschouwd.
In een situatie van crisis hebben de lidstaten de bevoegdheid om de grensprocedure toe te passen wanneer de asielzoeker de nationaliteit of, in geval van staatlozen, een gewone verblijfplaats in een derde land had waarvoor het inwilligingspercentage van asielverzoeken 50% of lager is. Dat is veel hoger dan de grens van 20% die buiten crisissituaties wordt gehanteerd.
Ruime toepassing van facultatieve gronden in combinatie met crisissituaties in lidstaten kan ertoe leiden dat toepassing van de grensprocedure de norm wordt en asielverzoeken voornamelijk in deze procedure worden behandeld.
Zoals eerder vermeld, kan de grensprocedure worden voorafgegaan door een screeningsprocedure en gevolgd worden door een grensterugkeerprocedure. De screeningprocedure duurt maximaal zeven dagen. De grensprocedure duurt in beginsel maximaal twaalf weken, maar kan met vier weken worden verlengd als de asielzoeker is herplaatst en de lidstaat van herplaatsing de grensprocedure toepast. In geval van crisis of overmacht mag de grensprocedure maximaal achttien weken duren. Dat zijn lange termijnen, zeker als dit wordt afgezet tegen de huidige Nederlandse grensprocedure die maximaal vier weken mag bedragen.[6]
Asielzoekers waarvan het asielverzoek in de grensprocedure is afgewezen, doorlopen vervolgens een terugkeerprocedure aan de grens. Deze duurt maximaal twaalf weken. De Terugkeerrichtlijn regelt de rechtsbescherming. Na beëindiging van de terugkeergrensprocedure kan de detentie van de migrant worden voortgezet onder de voorwaarden opgenomen in de Terugkeerrichtlijn als er nog zicht is op uitzetting. Opgeteld kan de periode van detentie van screening tot uitzetting meer dan 30 weken bedragen.
Op welke schaal de verschillende procedures door de lidstaten zullen worden toegepast en of deze procedures in detentie worden doorlopen is op voorhand niet in te schatten. Het risico bestaat echter dat de grensprocedure de nieuwe norm wordt en asielzoekers gedurende een lange periode in detentie aan de buitengrenzen van de EU verblijven.
EINDE
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 20/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
”Opvallend is dat de Raad voorstelt het gebruik van grensprocedures in bepaalde omstandigheden verplicht te stellen. Namelijk wanneer…..
of 3) de asielzoeker/verzoeker afkomstig is uit een derde land waarvoor het percentage besluiten tot verlening van internationale bescherming in de hele EU twintig procent of minder bedraagt.”
VERBLIJFBLOG
HET ASIEL EN MIGRATIEPACT VAN DE EU UITGELEGD:
DE VERORDENING ASIELPROCEDURE
7 NOVEMBER 2023
https://verblijfblog.nl/het-
ZIE VOOR GEHELE TEKST NOOT 16
[19]
”
Met de Asielprocedureverordening willen de lidstaten een uniforme gemeenschappelijke asielprocedure invoeren. Daarmee wordt voorkomen dat asielzoekers met een kansloos asielverzoek toegang krijgen tot het grondgebied van de EU en kunnen doorreizen naar andere lidstaten.”
ADVIESRAAD MIGRATIE
WORDT DE EUROPESE ASIELGRENSPROCEDURE DE
NIEUWE NORM?
2 MEI 2024
Weblogbericht | 02-05-2024 | Mr. David de Jong
Het EU-migratiepact bevat regels voor een nieuw Europees asielsysteem en treedt in 2026 in werking.[1] In deze blog belichten we het voorstel voor een asielgrensprocedure (hierna: grensprocedure) die is vastgelegd in de nieuwe Asielprocedureverordening.
De asielgrensprocedure staat niet op zichzelf. Deze kan worden voorafgegaan door een screeningsprocedure maar ook gevolgd worden door een grensterugkeerprocedure. In de screeningsprocedure vindt zorgvuldige identificatie van de migrant[2] plaats. Daarna wordt deze verwezen naar de passende vervolgprocedure. Dat kan een herplaatsing zijn naar de verantwoordelijke lidstaat, een verwijzing naar een asielprocedure (een ‘gewone’ asielprocedure of een asielgrensprocedure) of naar een terugkeergrensprocedure.
Met de Asielprocedureverordening willen de lidstaten een uniforme gemeenschappelijke asielprocedure invoeren. Daarmee wordt voorkomen dat asielzoekers met een kansloos asielverzoek toegang krijgen tot het grondgebied van de EU en kunnen doorreizen naar andere lidstaten. Daarnaast zou de verordening ervoor moeten zorgen dat procedures beter op elkaar aansluiten. Na een afwijzing van een kansloos asielverzoek volgt dan spoedig een terugkeerprocedure.
De asielgrensprocedure (hierna: grensprocedure) is een nieuwe procedure waarin lidstaten een asielverzoek behandelen zonder dat migranten juridisch toegang krijgen tot het grondgebied van de EU. Migranten moeten gedurende de procedure in locaties aan of in de buurt van de buitengrens of in transitzones[3] verblijven.[4]
De grensprocedure wordt toegepast op asielverzoeken die worden ingediend door verzoeker(s) die niet voldoet/voldoen aan de toelatingsvoorwaarden voor het Schengengebied, in de volgende situaties:
Om aan de toelatingsvoorwaarden voor het Schengengebied te voldoen moeten derdelanders bijvoorbeeld in het bezit zijn van een geldig grensoverschrijdingsdocument en een visum. De grensprocedure kan ook worden toegepast na herplaatsing overeenkomstig de Verordening inzake asiel- en migratiebeheer.[5]
In de Asielprocedureverordening staan verplichte en facultatieve gronden om de grensprocedure toe te passen. Een lidstaat is verplicht de grensprocedure toe te passen in de volgende drie situaties:
– de asielzoeker heeft de autoriteiten opzettelijk misleid door valse informatie of documenten te tonen of door relevante informatie of documenten achter te houden die een negatief effect op de beslissing op het asielverzoek hadden kunnen hebben;
– er redelijke gronden zijn de asielzoeker als een gevaar voor de nationale veiligheid of openbare orde te beschouwen of de asielzoeker is om die redenen al eerder gedwongen uitgezet;
– de asielzoeker afkomstig is uit een land waarvoor het inwilligingspercentage van asielverzoeken 20% of lager is.
Naast deze verplichte gronden zijn er in de Asielprocedureverordening een groot aantal gronden vastgelegd waarop de lidstaten de toepassing van de grensprocedure kunnen baseren. Deze gronden zien op kansloze asielverzoeken. Voorbeelden zijn asielverzoeken zonder asielmotieven en herhaalde asielverzoeken die volgen op eerdere verzoeken die zijn afgewezen. De asielaanvragen van onbegeleide minderjarige asielzoekers worden in de regel behandeld in de gewone asielprocedure tenzij er sprake is van redelijke gronden dat de minderjarige een gevaar vormt voor de nationale veiligheid/openbare orde of om die reden al eerder gedwongen is uitgezet. In dat geval moet de aanvraag van een minderjarige in de grensprocedure worden behandeld. De Asielprocedureverordening schrijft voor dat de behandeling van asielaanvragen van minderjarigen, al dan niet met gezinsleden, met voorrang moeten worden behandeld.
De EU-lidstaten streven naar de behandeling van ten minste 30.000 asielverzoeken per jaar in de grensprocedure. De Europese Commissie (EC) stelt, afgeleid van het totale aantal van 30.000 grensprocedures, het aantal asielverzoeken vast dat een lidstaat per jaar in de grensprocedure moet behandelen.
Deze verplichting om asielverzoeken in de grensprocedure te behandelen vervalt als de lidstaat het door de EC vastgestelde aantal asielverzoeken in de grensprocedure heeft behandeld, met uitzondering van de verzoeken van asielzoekers, inclusief niet-begeleide minderjarigen, die als een gevaar voor de nationale veiligheid of openbare orde kunnen worden beschouwd.
In een situatie van crisis hebben de lidstaten de bevoegdheid om de grensprocedure toe te passen wanneer de asielzoeker de nationaliteit of, in geval van staatlozen, een gewone verblijfplaats in een derde land had waarvoor het inwilligingspercentage van asielverzoeken 50% of lager is. Dat is veel hoger dan de grens van 20% die buiten crisissituaties wordt gehanteerd.
Ruime toepassing van facultatieve gronden in combinatie met crisissituaties in lidstaten kan ertoe leiden dat toepassing van de grensprocedure de norm wordt en asielverzoeken voornamelijk in deze procedure worden behandeld.
Zoals eerder vermeld, kan de grensprocedure worden voorafgegaan door een screeningsprocedure en gevolgd worden door een grensterugkeerprocedure. De screeningprocedure duurt maximaal zeven dagen. De grensprocedure duurt in beginsel maximaal twaalf weken, maar kan met vier weken worden verlengd als de asielzoeker is herplaatst en de lidstaat van herplaatsing de grensprocedure toepast. In geval van crisis of overmacht mag de grensprocedure maximaal achttien weken duren. Dat zijn lange termijnen, zeker als dit wordt afgezet tegen de huidige Nederlandse grensprocedure die maximaal vier weken mag bedragen.[6]
Asielzoekers waarvan het asielverzoek in de grensprocedure is afgewezen, doorlopen vervolgens een terugkeerprocedure aan de grens. Deze duurt maximaal twaalf weken. De Terugkeerrichtlijn regelt de rechtsbescherming. Na beëindiging van de terugkeergrensprocedure kan de detentie van de migrant worden voortgezet onder de voorwaarden opgenomen in de Terugkeerrichtlijn als er nog zicht is op uitzetting. Opgeteld kan de periode van detentie van screening tot uitzetting meer dan 30 weken bedragen.
Op welke schaal de verschillende procedures door de lidstaten zullen worden toegepast en of deze procedures in detentie worden doorlopen is op voorhand niet in te schatten. Het risico bestaat echter dat de grensprocedure de nieuwe norm wordt en asielzoekers gedurende een lange periode in detentie aan de buitengrenzen van de EU verblijven.
EINDE
Europese landen met een onevenredig groot aantal asielaanvragen en de Dublinverordening die niet goed werkt. Een paar voorbeelden die duidelijk maken dat het Europees asielstelsel beter kan. Dat gaan de EU-landen samen regelen. Het asiel- en migratiepact dat op 12 juni 2026 ingaat, moet daarvoor zorgen. Wat houdt dit pact in?
Het is een gedeelde verantwoordelijkheid van alle EU-landen om het asielstelsel beter te laten functioneren. Het asiel- en migratiepact streeft naar meer eenheid in het migratiebeleid in Europa. De bedoeling van het pact is dat vluchtelingen de bescherming krijgen die ze nodig hebben en de rest snel terug kan naar het land van herkomst. Daarom worden de buitengrenzen beter bewaakt met een verplichte screening en komt er een snellere grens- en terugkeerprocedure. Ook solidariteit en een eerlijke en juiste verdeling van asielzoekers zijn belangrijk in dit pact. Er worden stappen gezet voor meer Dublinoverdrachten in de toekomst. Het land dat verantwoordelijk is voor de aanvraag, behandelt deze dan ook. Ontvangt een land relatief veel aanvragen? Dan moet een ander EU-land asielzoekers overnemen of geld betalen aan dat land.
Na invoering van het asiel- en migratiepact ondergaan alle irreguliere migranten aan de buitengrenzen van Europa een screening. Dit betekent dat hun vingerafdrukken en foto’s in een Europese databank worden opgeslagen. Daarnaast vinden veiligheids- en gezondheidscontroles plaats. De screening bij aankomst bepaalt welke procedure aanvragers ingaan. Maken ze weinig kans op een verblijfsvergunning? Dan komen ze in het land van aankomst terecht in de verplichte asielgrensprocedure. Ze verblijven dan in sobere, gesloten opvanglocaties. Overigens geldt dit niet voor alleenstaanden onder de 18 jaar. Deze opvanglocaties moeten voorkomen dat asielzoekers met een kansloze aanvraag toegang krijgen tot het EU-grondgebied en kunnen doorreizen naar andere EU-landen. Na afwijzing van hun aanvraag, komen ze snel terecht in de terugkeerprocedure.
Aanvragers die meer kans maken op asiel gaan naar de gewone asielprocedure in het land van aankomst. Dit betekent automatisch dat landen aan de buitengrenzen relatief veel aanvragen ontvangen. De Europese Commissie geeft jaarlijks via een rapportage aan welke landen naar verwachting onder hoge migratiedruk komen te staan. Vervolgens worden asielzoekers volgens een verdeelsleutel verdeeld over de EU-landen. Maar de landen hoeven de asielzoekers niet over te nemen. Het asiel- en migratiepact stelt namelijk een systeem in van verplichte, maar flexibele solidariteit. Landen kunnen er ook voor kiezen geld te betalen aan het ontvangende land.
De screening wordt dus bepalend. Dit belangrijke onderdeel van het asiel- en migratiepact moet dan ook goed gebeuren. De gemeenschappelijk databank Eurodac waarin alle gegevens van aanvragers staan, wordt daarom verbeterd. De verwachting is dat het aantal Dublinoverdrachten hierdoor ook toeneemt. Dit betekent dat het land dat verantwoordelijk is voor de asielaanvraag, die aanvraag ook behandelt. Daar is wel wat meer voor nodig. Ook de termijnen worden aangepast om de Dublinverordening beter te laten werken.
Het asiel- en migratiepact is op 10 april jl. goedgekeurd door het Europees Parlement en bestaat uit negen verordeningen en een richtlijn. De verordeningen hebben een directe werking en een aanzienlijke impact op de uitvoeringsprocessen bij verschillende organisaties. Tegelijkertijd bieden ze ook kansen om procedures te vereenvoudigen en flexibeler in te richten. Nederland heeft overigens al een screening aan de buitengrenzen en in Ter Apel, de zogenoemde I&R-straat. Ook een versnelde procedure en grensprocedure is voor ons land niet nieuw. Maar eerst moet nog duidelijk worden wat de precieze gevolgen van het pact zijn. De termijn is kort. Dus de tijd is hard nodig om alles uit te werken met als doel dat vluchtelingen bescherming krijgen en de anderen snel terug kunnen naar het land van herkomst.
EINDE
[19A]
Aanvragers die meer kans maken op asiel gaan naar de gewone asielprocedure in het land van aankomst
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 18 T/M 19A/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
Europese landen met een onevenredig groot aantal asielaanvragen en de Dublinverordening die niet goed werkt. Een paar voorbeelden die duidelijk maken dat het Europees asielstelsel beter kan. Dat gaan de EU-landen samen regelen. Het asiel- en migratiepact dat op 12 juni 2026 ingaat, moet daarvoor zorgen. Wat houdt dit pact in?
Het is een gedeelde verantwoordelijkheid van alle EU-landen om het asielstelsel beter te laten functioneren. Het asiel- en migratiepact streeft naar meer eenheid in het migratiebeleid in Europa. De bedoeling van het pact is dat vluchtelingen de bescherming krijgen die ze nodig hebben en de rest snel terug kan naar het land van herkomst. Daarom worden de buitengrenzen beter bewaakt met een verplichte screening en komt er een snellere grens- en terugkeerprocedure. Ook solidariteit en een eerlijke en juiste verdeling van asielzoekers zijn belangrijk in dit pact. Er worden stappen gezet voor meer Dublinoverdrachten in de toekomst. Het land dat verantwoordelijk is voor de aanvraag, behandelt deze dan ook. Ontvangt een land relatief veel aanvragen? Dan moet een ander EU-land asielzoekers overnemen of geld betalen aan dat land.
Na invoering van het asiel- en migratiepact ondergaan alle irreguliere migranten aan de buitengrenzen van Europa een screening. Dit betekent dat hun vingerafdrukken en foto’s in een Europese databank worden opgeslagen. Daarnaast vinden veiligheids- en gezondheidscontroles plaats. De screening bij aankomst bepaalt welke procedure aanvragers ingaan. Maken ze weinig kans op een verblijfsvergunning? Dan komen ze in het land van aankomst terecht in de verplichte asielgrensprocedure. Ze verblijven dan in sobere, gesloten opvanglocaties. Overigens geldt dit niet voor alleenstaanden onder de 18 jaar. Deze opvanglocaties moeten voorkomen dat asielzoekers met een kansloze aanvraag toegang krijgen tot het EU-grondgebied en kunnen doorreizen naar andere EU-landen. Na afwijzing van hun aanvraag, komen ze snel terecht in de terugkeerprocedure.
Aanvragers die meer kans maken op asiel gaan naar de gewone asielprocedure in het land van aankomst. Dit betekent automatisch dat landen aan de buitengrenzen relatief veel aanvragen ontvangen. De Europese Commissie geeft jaarlijks via een rapportage aan welke landen naar verwachting onder hoge migratiedruk komen te staan. Vervolgens worden asielzoekers volgens een verdeelsleutel verdeeld over de EU-landen. Maar de landen hoeven de asielzoekers niet over te nemen. Het asiel- en migratiepact stelt namelijk een systeem in van verplichte, maar flexibele solidariteit. Landen kunnen er ook voor kiezen geld te betalen aan het ontvangende land.
De screening wordt dus bepalend. Dit belangrijke onderdeel van het asiel- en migratiepact moet dan ook goed gebeuren. De gemeenschappelijk databank Eurodac waarin alle gegevens van aanvragers staan, wordt daarom verbeterd. De verwachting is dat het aantal Dublinoverdrachten hierdoor ook toeneemt. Dit betekent dat het land dat verantwoordelijk is voor de asielaanvraag, die aanvraag ook behandelt. Daar is wel wat meer voor nodig. Ook de termijnen worden aangepast om de Dublinverordening beter te laten werken.
Het asiel- en migratiepact is op 10 april jl. goedgekeurd door het Europees Parlement en bestaat uit negen verordeningen en een richtlijn. De verordeningen hebben een directe werking en een aanzienlijke impact op de uitvoeringsprocessen bij verschillende organisaties. Tegelijkertijd bieden ze ook kansen om procedures te vereenvoudigen en flexibeler in te richten. Nederland heeft overigens al een screening aan de buitengrenzen en in Ter Apel, de zogenoemde I&R-straat. Ook een versnelde procedure en grensprocedure is voor ons land niet nieuw. Maar eerst moet nog duidelijk worden wat de precieze gevolgen van het pact zijn. De termijn is kort. Dus de tijd is hard nodig om alles uit te werken met als doel dat vluchtelingen bescherming krijgen en de anderen snel terug kunnen naar het land van herkomst.
EINDE
”Opvallend is dat de Raad voorstelt het gebruik van grensprocedures in bepaalde omstandigheden verplicht te stellen. Namelijk wanneer…..
of 3) de asielzoeker/verzoeker afkomstig is uit een derde land waarvoor het percentage besluiten tot verlening van internationale bescherming in de hele EU twintig procent of minder bedraagt.”
VERBLIJFBLOG
HET ASIEL EN MIGRATIEPACT VAN DE EU UITGELEGD:
DE VERORDENING ASIELPROCEDURE
7 NOVEMBER 2023
https://verblijfblog.nl/het-
ZIE VOOR GEHELE TEKST NOOT 16
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 17/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
[15]
Europese landen met een onevenredig groot aantal asielaanvragen en de Dublinverordening die niet goed werkt. Een paar voorbeelden die duidelijk maken dat het Europees asielstelsel beter kan. Dat gaan de EU-landen samen regelen. Het asiel- en migratiepact dat op 12 juni 2026 ingaat, moet daarvoor zorgen. Wat houdt dit pact in?
Het is een gedeelde verantwoordelijkheid van alle EU-landen om het asielstelsel beter te laten functioneren. Het asiel- en migratiepact streeft naar meer eenheid in het migratiebeleid in Europa. De bedoeling van het pact is dat vluchtelingen de bescherming krijgen die ze nodig hebben en de rest snel terug kan naar het land van herkomst. Daarom worden de buitengrenzen beter bewaakt met een verplichte screening en komt er een snellere grens- en terugkeerprocedure. Ook solidariteit en een eerlijke en juiste verdeling van asielzoekers zijn belangrijk in dit pact. Er worden stappen gezet voor meer Dublinoverdrachten in de toekomst. Het land dat verantwoordelijk is voor de aanvraag, behandelt deze dan ook. Ontvangt een land relatief veel aanvragen? Dan moet een ander EU-land asielzoekers overnemen of geld betalen aan dat land.
Na invoering van het asiel- en migratiepact ondergaan alle irreguliere migranten aan de buitengrenzen van Europa een screening. Dit betekent dat hun vingerafdrukken en foto’s in een Europese databank worden opgeslagen. Daarnaast vinden veiligheids- en gezondheidscontroles plaats. De screening bij aankomst bepaalt welke procedure aanvragers ingaan. Maken ze weinig kans op een verblijfsvergunning? Dan komen ze in het land van aankomst terecht in de verplichte asielgrensprocedure. Ze verblijven dan in sobere, gesloten opvanglocaties. Overigens geldt dit niet voor alleenstaanden onder de 18 jaar. Deze opvanglocaties moeten voorkomen dat asielzoekers met een kansloze aanvraag toegang krijgen tot het EU-grondgebied en kunnen doorreizen naar andere EU-landen. Na afwijzing van hun aanvraag, komen ze snel terecht in de terugkeerprocedure.
Aanvragers die meer kans maken op asiel gaan naar de gewone asielprocedure in het land van aankomst. Dit betekent automatisch dat landen aan de buitengrenzen relatief veel aanvragen ontvangen. De Europese Commissie geeft jaarlijks via een rapportage aan welke landen naar verwachting onder hoge migratiedruk komen te staan. Vervolgens worden asielzoekers volgens een verdeelsleutel verdeeld over de EU-landen. Maar de landen hoeven de asielzoekers niet over te nemen. Het asiel- en migratiepact stelt namelijk een systeem in van verplichte, maar flexibele solidariteit. Landen kunnen er ook voor kiezen geld te betalen aan het ontvangende land.
De screening wordt dus bepalend. Dit belangrijke onderdeel van het asiel- en migratiepact moet dan ook goed gebeuren. De gemeenschappelijk databank Eurodac waarin alle gegevens van aanvragers staan, wordt daarom verbeterd. De verwachting is dat het aantal Dublinoverdrachten hierdoor ook toeneemt. Dit betekent dat het land dat verantwoordelijk is voor de asielaanvraag, die aanvraag ook behandelt. Daar is wel wat meer voor nodig. Ook de termijnen worden aangepast om de Dublinverordening beter te laten werken.
Het asiel- en migratiepact is op 10 april jl. goedgekeurd door het Europees Parlement en bestaat uit negen verordeningen en een richtlijn. De verordeningen hebben een directe werking en een aanzienlijke impact op de uitvoeringsprocessen bij verschillende organisaties. Tegelijkertijd bieden ze ook kansen om procedures te vereenvoudigen en flexibeler in te richten. Nederland heeft overigens al een screening aan de buitengrenzen en in Ter Apel, de zogenoemde I&R-straat. Ook een versnelde procedure en grensprocedure is voor ons land niet nieuw. Maar eerst moet nog duidelijk worden wat de precieze gevolgen van het pact zijn. De termijn is kort. Dus de tijd is hard nodig om alles uit te werken met als doel dat vluchtelingen bescherming krijgen en de anderen snel terug kunnen naar het land van herkomst.
EINDE
[16]
Volgens de tekst van het pact kan een grensprocedure worden toegepast op eenieder “die niet voldoet aan de voorwaarden voor binnenkomst op het grondgebied van een lidstaat als omschreven in artikel 6 van Verordening 2016/399″. Deze voorwaarden uit de Schengencode omvatten het bezit van een geldig reisdocument en van voldoende middelen van bestaan, zowel voor de duur van het voorgenomen verblijf als voor de terugkeer naar het land van herkomst. Een grensprocedure kan van toepassing zijn op de meerderheid (zo niet alle) asielzoekers aan de buitengrenzen van de EU.”
VERBLIJFBLOG
HET MIGRATIE EN ASIELPACT VAN DE EU UITGELEGD:
DE VERORDENING ASIELPROCEDURE
7 NOVEMBER 2023
https://verblijfblog.nl/het-
De Europese Raad van de EU bereikte in juni 2023 overeenstemming over de teksten van twee voorgestelde verordeningen. Deze voorstellen zijn onderdeel van het Pact inzake Asiel en Migratie dat in eerdere Verblijfblogs besprak. Verblijfblog bespreekt in dit blog de regels voor de behandeling van asielaanvragen, vooral aan de buitengrenzen.
Op 8 juni 2023 bereikte de Europese Raad een langverwacht akkoord over het migratie en asielpact. De Commissie presenteerde dit pact in 2020, het bevat meer dan 500 pagina’s wetgevingsvoorstellen op het gebied van migratie- en asielwetgeving. De ministers van Binnenlandse Zaken van de lidstaten onderhandelden over hun standpunt op basis van het oorspronkelijke Commissievoorstel en het standpunt van het Europese Parlement, dat in april 2023 werd bereikt. De Raad stelde zijn algemene aanpak vast met betrekking tot twee “zeer moeilijke en gevoelige dossiers“, namelijk de verordening asielprocedure
Wat op 8 juni uit de bus kwam, is een compromistekst van meer dan 300 pagina’s die nog ingewikkelder wordt genoemd dan de vorige ontwerpen van de Commissie en het Parlement: ‘een labyrint van procedurele regels van Byzantijnse complexiteit’. De voorstellen beogen een hervorming van de Europese asielprocedures door een verdergaande versterking van de buitengrenzen. Uitgangspunt is dat grensprocedures moeten plaatsvinden om te beoordelen of een asielzoeker toegang krijgt tot het grondgebied van de EU of moet worden teruggestuurd naar zijn land van herkomst of naar een derde land dat voor hem veilig wordt geacht. Ook wordt een solidariteitsregeling geïntroduceerd voor de toewijzing van de verantwoordelijkheid voor de financiële lasten van asielzoekers.
De relevantie van het besluit van de Raad en de volgende stappen
De overeenkomst kwam tot stand na lange onderhandelingen en wordt door de Raad beschouwd als een beslissende stap in de richting van een modernisering van de EU regels voor asiel en migratie. Omdat de onderhandelingen zo lang duurden en het zo moeilijk was om een gedeelde meerderheid te bereiken, wordt het akkoord beschouwd als een historisch moment. Het standpunt van de Raad zal nu de basis vormen voor de bijeenkomsten met de Commissie en het Parlement, met als doel om de regelingen uiteindelijk vast te stellen. De hoop is om de twee voorgestelde verordeningen goed te keuren voor het einde van de zittingsperiode, in juni 2024. De eerste tegenslag kwam echter al op 30 juni, toen Polen en Hongarije op enkele cruciale punten bezwaar maakten.
De verordening asielprocedure
De verordening asielprocedure streeft een “gestroomlijnde” asielprocedure in de EU in te voeren. De Verordening Asielprocedure bevat strengere regels dan het huidige kader dat is vastgelegd in Richtlijn 32/2013, een instrument dat meer interpretatieruimte biedt aan de lidstaten die de richtlijn uitvoeren. Het voorstel van de Raad draait om een uniforme, snellere en meer voorspelbare asielprocedure. Er wordt een zogeheten ‘naadloze verbinding’ tot stand gebracht tussen asiel- en terugkeerprocedures. Dit betekent dat de verordening voorziet in een verplichting om een terugkeerbesluit uit te vaardigen telkens wanneer een asielverzoek wordt afgewezen, zoals de Commissie in 2020 had voorgesteld. Deze vernieuwing voorkomt dat een nieuwe handeling moet worden verricht door een andere autoriteit en maakt de afgewezen asielzoeker onmiddellijk uitzetbaar in het kader van de Terugkeerrichtlijn. Andere aspecten van de verordening betreffen een uitgebreider gebruik van versnelde procedures, grensprocedures, niet-
Grensprocedures
Een van de centrale uitgangspunten van het voorstel van de Raad is de uitbreiding van het gebruik van asielprocedures die rechtstreeks aan de buitengrenzen worden uitgevoerd. Het idee is om asielzoekers te houden in gebieden waar zij aankomen, om zo hun eventuele terugkeer te vergemakkelijken. De nieuw voorgestelde grensprocedures vormen waarschijnlijk het meest verreikende element van de nieuwe gestroomlijnde asielprocedure.
Grensasielprocedures zijn gecodificeerd in een reeks ingewikkelde bepalingen. De procedures dienen om snel te kunnen beoordelen of verzoeken om internationale bescherming ongegrond of niet-ontvankelijk zijn. Ze vinden plaats rechtstreeks aan de EU-buitengrenzen, waar verzoekers aankomen, van boord gaan na een SAR-operatie of worden aangehouden. Volgens de tekst van het pact kan een grensprocedure worden toegepast op eenieder “die niet voldoet aan de voorwaarden voor binnenkomst op het grondgebied van een lidstaat als omschreven in artikel 6 van Verordening 2016/399″. Deze voorwaarden uit de Schengencode omvatten het bezit van een geldig reisdocument en van voldoende middelen van bestaan, zowel voor de duur van het voorgenomen verblijf als voor de terugkeer naar het land van herkomst. Een grensprocedure kan van toepassing zijn op de meerderheid (zo niet alle) asielzoekers aan de buitengrenzen van de EU.
Opvallend is dat de Raad voorstelt het gebruik van grensprocedures in bepaalde omstandigheden verplicht te stellen. Namelijk wanneer 1) de asielzoeker valse informatie of documenten heeft overgelegd; 2) er redelijke gronden zijn om de verzoeker te beschouwen als een gevaar voor de nationale veiligheid of de openbare orde; of 3) de asielzoeker/verzoeker afkomstig is uit een derde land waarvoor het percentage besluiten tot verlening van internationale bescherming in de hele EU twintig procent of minder bedraagt. Het verplichte karakter van deze procedure werd eerder door het Parlement tijdens de onderhandelingen verworpen. Het is dan ook waarschijnlijk het belangrijkste en meest controversiële punt van het akkoord. Ook omdat deze procedure onder bepaalde omstandigheden tevens verplicht zal zijn voor minderjarigen.
De verordening voert ook een “fictie van niet-toelating” in waardoor asielzoekers wiens aanvraag aan de buitengrenzen van de EU wordt onderzocht, worden beschouwd als nog niet toegelaten tot het grondgebied van de EU. Om dit te bewerkstelligen nemen de lidstaten “alle passende maatregelen […] om ongeoorloofde toegang tot hun grondgebied te beletten”. Aanvragers moeten in de nabijheid van de buitengrenzen verblijven voor de gehele duur van de grensprocedure, die maximaal 12 weken mag duren (verlengbaar tot 16). Als hun aanvraag wordt afgewezen, krijgen zij ook geen toestemming om de lidstaat binnen te komen totdat hun verwijdering is afgerond. In deze gevallen worden zij nog eens maximaal 12 weken in bewaring gehouden op locaties aan of in de nabijheid van de buitengrens of op andere aangewezen locaties op het grondgebied van de lidstaat. Deze bepalingen betekenen dat een asielzoeker tot 7 maanden in bewaring kan worden gehouden, zonder ooit toestemming te krijgen om het grondgebied van de lidstaat te betreden, van aankomst tot terugkeer. Volgens de Solidar Foundation zal de toepassing van grensprocedures zoals geschetst in de voorgestelde verordening een situatie van voortdurende detentie aan de Europese grenzen creëren.
Een andere belangrijke innovatie is de overeenstemming over numerieke streefcijfers (aangeduid als “adequate capacity”) voor de toepassing van de grensprocedure. Het concept “adequate capacity” stelt een minimumaantal aanvragers vast dat in een jaar in de EU aan de grensprocedure moet worden onderworpen. De capaciteit van de EU dient op haar beurt om de capaciteit van de afzonderlijke lidstaten te berekenen, een jaarlijks (maximum)plafond voor de lidstaten vast te stellen en de gevolgen te bepalen wanneer deze drempel wordt overschreden. Er is bezorgdheid geuit over de prikkels die dit concept creëert voor de lidstaten aan de buitengrens om informeel de toegang tot hun grondgebied te weigeren, omdat dit zal leiden tot een vermindering van het aantal mensen dat zij in de komende jaren in de grensprocedure moeten verwerken.
Conclusie
De complexiteit van de goedgekeurde teksten en de lange weg die nog moet worden afgelegd voordat ze definitief in wetgeving worden omgezet, maken het moeilijk om te voorspellen hoe de mogelijke tenuitvoerlegging eruit zal zien. Sommigen wezen op het risico dat ‘de complexe regels die aan de ”nieuwe” uitvoeringsmechanismen ten grondslag liggen een nieuwe periode van ambiguiteit en hercriminalisering zullen inluiden, waarmee het onderlinge vertrouwen tussen lidstaten verder zal verminderen.’ In een eerste commentaar identificeerde ECRE winnaars en verliezers van de overeenkomst. Zo werden de Commissie, lidstaten met een harde lijn en smokkelaars winnaars genoemd en vluchtelingen, niet-EU-landen aan de grenzen en de mediterrane lidstaten als verliezers bestempeld. Het pact wordt geacht de beschermingsnormen in de EU te verlagen. Of de andere doelstellingen van het pact, het afschrikken van aankomsten, het mogelijk maken van snelle terugkeer en het verminderen van zogenaamde secundaire bewegingen van het land van aankomst naar andere EU-landen, worden gehaald, valt nog te bezien. Daarom moeten de onderhandelingen de komende maanden nauwlettend worden gevolgd.
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 15 EN 16/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
”Irreguliere migranten zijn migranten zonder geldige documenten om een land binnen te komen of om in een land te verblijven. Bijvoorbeeld omdat iemand geen geldig paspoort of reisdocument heeft, of valse documenten gebruikt.”
EUROPEAN MIGRATION NETWORK
EMN NETHERLANDS
IRREGULIERE IMMIGRATIE
https://www.emnnetherlands.nl/
Migranten komen soms de Europese Unie (EU) binnen zonder geldige documenten. Dit wordt irreguliere immigratie genoemd.
Irreguliere migranten zijn migranten zonder geldige documenten om een land binnen te komen of om in een land te verblijven. Bijvoorbeeld omdat iemand geen geldig paspoort of reisdocument heeft, of valse documenten gebruikt. EU-landen vermijden hiervoor termen als ‘illegale migratie’ en ‘illegale migranten’, omdat het dan lijkt te gaan om iets crimineels. Irreguliere migratie is een administratieve schending en geen criminele daad.
Nederland is zelf verantwoordelijk voor het tegengaan van irreguliere migratie, bijvoorbeeld door grenscontroles. Hierbij is Nederland wel afhankelijk van de andere EU-lidstaten. Door de Schengenafspraken deelt Nederland de buitengrenzen met andere lidstaten en controleert Nederland migranten in principe niet aan de binnengrenzen.
Volgens de tekst van het pact kan een grensprocedure worden toegepast op eenieder “die niet voldoet aan de voorwaarden voor binnenkomst op het grondgebied van een lidstaat als omschreven in artikel 6 van Verordening 2016/399″. Deze voorwaarden uit de Schengencode omvatten het bezit van een geldig reisdocument en van voldoende middelen van bestaan, zowel voor de duur van het voorgenomen verblijf als voor de terugkeer naar het land van herkomst. Een grensprocedure kan van toepassing zijn op de meerderheid (zo niet alle) asielzoekers aan de buitengrenzen van de EU.”
VERBLIJFBLOG
HET MIGRATIE EN ASIELPACT VAN DE EU UITGELEGD:
DE VERORDENING ASIELPROCEDURE
7 NOVEMBER 2023
https://verblijfblog.nl/het-
De Europese Raad van de EU bereikte in juni 2023 overeenstemming over de teksten van twee voorgestelde verordeningen. Deze voorstellen zijn onderdeel van het Pact inzake Asiel en Migratie dat in eerdere Verblijfblogs besprak. Verblijfblog bespreekt in dit blog de regels voor de behandeling van asielaanvragen, vooral aan de buitengrenzen.
Op 8 juni 2023 bereikte de Europese Raad een langverwacht akkoord over het migratie en asielpact. De Commissie presenteerde dit pact in 2020, het bevat meer dan 500 pagina’s wetgevingsvoorstellen op het gebied van migratie- en asielwetgeving. De ministers van Binnenlandse Zaken van de lidstaten onderhandelden over hun standpunt op basis van het oorspronkelijke Commissievoorstel en het standpunt van het Europese Parlement, dat in april 2023 werd bereikt. De Raad stelde zijn algemene aanpak vast met betrekking tot twee “zeer moeilijke en gevoelige dossiers“, namelijk de verordening asielprocedure
Wat op 8 juni uit de bus kwam, is een compromistekst van meer dan 300 pagina’s die nog ingewikkelder wordt genoemd dan de vorige ontwerpen van de Commissie en het Parlement: ‘een labyrint van procedurele regels van Byzantijnse complexiteit’. De voorstellen beogen een hervorming van de Europese asielprocedures door een verdergaande versterking van de buitengrenzen. Uitgangspunt is dat grensprocedures moeten plaatsvinden om te beoordelen of een asielzoeker toegang krijgt tot het grondgebied van de EU of moet worden teruggestuurd naar zijn land van herkomst of naar een derde land dat voor hem veilig wordt geacht. Ook wordt een solidariteitsregeling geïntroduceerd voor de toewijzing van de verantwoordelijkheid voor de financiële lasten van asielzoekers.
De relevantie van het besluit van de Raad en de volgende stappen
De overeenkomst kwam tot stand na lange onderhandelingen en wordt door de Raad beschouwd als een beslissende stap in de richting van een modernisering van de EU regels voor asiel en migratie. Omdat de onderhandelingen zo lang duurden en het zo moeilijk was om een gedeelde meerderheid te bereiken, wordt het akkoord beschouwd als een historisch moment. Het standpunt van de Raad zal nu de basis vormen voor de bijeenkomsten met de Commissie en het Parlement, met als doel om de regelingen uiteindelijk vast te stellen. De hoop is om de twee voorgestelde verordeningen goed te keuren voor het einde van de zittingsperiode, in juni 2024. De eerste tegenslag kwam echter al op 30 juni, toen Polen en Hongarije op enkele cruciale punten bezwaar maakten.
De verordening asielprocedure
De verordening asielprocedure streeft een “gestroomlijnde” asielprocedure in de EU in te voeren. De Verordening Asielprocedure bevat strengere regels dan het huidige kader dat is vastgelegd in Richtlijn 32/2013, een instrument dat meer interpretatieruimte biedt aan de lidstaten die de richtlijn uitvoeren. Het voorstel van de Raad draait om een uniforme, snellere en meer voorspelbare asielprocedure. Er wordt een zogeheten ‘naadloze verbinding’ tot stand gebracht tussen asiel- en terugkeerprocedures. Dit betekent dat de verordening voorziet in een verplichting om een terugkeerbesluit uit te vaardigen telkens wanneer een asielverzoek wordt afgewezen, zoals de Commissie in 2020 had voorgesteld. Deze vernieuwing voorkomt dat een nieuwe handeling moet worden verricht door een andere autoriteit en maakt de afgewezen asielzoeker onmiddellijk uitzetbaar in het kader van de Terugkeerrichtlijn. Andere aspecten van de verordening betreffen een uitgebreider gebruik van versnelde procedures, grensprocedures, niet-
Grensprocedures
Een van de centrale uitgangspunten van het voorstel van de Raad is de uitbreiding van het gebruik van asielprocedures die rechtstreeks aan de buitengrenzen worden uitgevoerd. Het idee is om asielzoekers te houden in gebieden waar zij aankomen, om zo hun eventuele terugkeer te vergemakkelijken. De nieuw voorgestelde grensprocedures vormen waarschijnlijk het meest verreikende element van de nieuwe gestroomlijnde asielprocedure.
Grensasielprocedures zijn gecodificeerd in een reeks ingewikkelde bepalingen. De procedures dienen om snel te kunnen beoordelen of verzoeken om internationale bescherming ongegrond of niet-ontvankelijk zijn. Ze vinden plaats rechtstreeks aan de EU-buitengrenzen, waar verzoekers aankomen, van boord gaan na een SAR-operatie of worden aangehouden. Volgens de tekst van het pact kan een grensprocedure worden toegepast op eenieder “die niet voldoet aan de voorwaarden voor binnenkomst op het grondgebied van een lidstaat als omschreven in artikel 6 van Verordening 2016/399″. Deze voorwaarden uit de Schengencode omvatten het bezit van een geldig reisdocument en van voldoende middelen van bestaan, zowel voor de duur van het voorgenomen verblijf als voor de terugkeer naar het land van herkomst. Een grensprocedure kan van toepassing zijn op de meerderheid (zo niet alle) asielzoekers aan de buitengrenzen van de EU.
Opvallend is dat de Raad voorstelt het gebruik van grensprocedures in bepaalde omstandigheden verplicht te stellen. Namelijk wanneer 1) de asielzoeker valse informatie of documenten heeft overgelegd; 2) er redelijke gronden zijn om de verzoeker te beschouwen als een gevaar voor de nationale veiligheid of de openbare orde; of 3) de asielzoeker/verzoeker afkomstig is uit een derde land waarvoor het percentage besluiten tot verlening van internationale bescherming in de hele EU twintig procent of minder bedraagt. Het verplichte karakter van deze procedure werd eerder door het Parlement tijdens de onderhandelingen verworpen. Het is dan ook waarschijnlijk het belangrijkste en meest controversiële punt van het akkoord. Ook omdat deze procedure onder bepaalde omstandigheden tevens verplicht zal zijn voor minderjarigen.
De verordening voert ook een “fictie van niet-toelating” in waardoor asielzoekers wiens aanvraag aan de buitengrenzen van de EU wordt onderzocht, worden beschouwd als nog niet toegelaten tot het grondgebied van de EU. Om dit te bewerkstelligen nemen de lidstaten “alle passende maatregelen […] om ongeoorloofde toegang tot hun grondgebied te beletten”. Aanvragers moeten in de nabijheid van de buitengrenzen verblijven voor de gehele duur van de grensprocedure, die maximaal 12 weken mag duren (verlengbaar tot 16). Als hun aanvraag wordt afgewezen, krijgen zij ook geen toestemming om de lidstaat binnen te komen totdat hun verwijdering is afgerond. In deze gevallen worden zij nog eens maximaal 12 weken in bewaring gehouden op locaties aan of in de nabijheid van de buitengrens of op andere aangewezen locaties op het grondgebied van de lidstaat. Deze bepalingen betekenen dat een asielzoeker tot 7 maanden in bewaring kan worden gehouden, zonder ooit toestemming te krijgen om het grondgebied van de lidstaat te betreden, van aankomst tot terugkeer. Volgens de Solidar Foundation zal de toepassing van grensprocedures zoals geschetst in de voorgestelde verordening een situatie van voortdurende detentie aan de Europese grenzen creëren.
Een andere belangrijke innovatie is de overeenstemming over numerieke streefcijfers (aangeduid als “adequate capacity”) voor de toepassing van de grensprocedure. Het concept “adequate capacity” stelt een minimumaantal aanvragers vast dat in een jaar in de EU aan de grensprocedure moet worden onderworpen. De capaciteit van de EU dient op haar beurt om de capaciteit van de afzonderlijke lidstaten te berekenen, een jaarlijks (maximum)plafond voor de lidstaten vast te stellen en de gevolgen te bepalen wanneer deze drempel wordt overschreden. Er is bezorgdheid geuit over de prikkels die dit concept creëert voor de lidstaten aan de buitengrens om informeel de toegang tot hun grondgebied te weigeren, omdat dit zal leiden tot een vermindering van het aantal mensen dat zij in de komende jaren in de grensprocedure moeten verwerken.
Conclusie
De complexiteit van de goedgekeurde teksten en de lange weg die nog moet worden afgelegd voordat ze definitief in wetgeving worden omgezet, maken het moeilijk om te voorspellen hoe de mogelijke tenuitvoerlegging eruit zal zien. Sommigen wezen op het risico dat ‘de complexe regels die aan de ”nieuwe” uitvoeringsmechanismen ten grondslag liggen een nieuwe periode van ambiguiteit en hercriminalisering zullen inluiden, waarmee het onderlinge vertrouwen tussen lidstaten verder zal verminderen.’ In een eerste commentaar identificeerde ECRE winnaars en verliezers van de overeenkomst. Zo werden de Commissie, lidstaten met een harde lijn en smokkelaars winnaars genoemd en vluchtelingen, niet-EU-landen aan de grenzen en de mediterrane lidstaten als verliezers bestempeld. Het pact wordt geacht de beschermingsnormen in de EU te verlagen. Of de andere doelstellingen van het pact, het afschrikken van aankomsten, het mogelijk maken van snelle terugkeer en het verminderen van zogenaamde secundaire bewegingen van het land van aankomst naar andere EU-landen, worden gehaald, valt nog te bezien. Daarom moeten de onderhandelingen de komende maanden nauwlettend worden gevolgd.
EINDE
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 13 EN 14/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
ONZE STANDPUNTEN
EUROPEES MIGRATIEPACT
Het Europees migratiepact dat in juni 2026 ingevoerd wordt vormt voor het CDA de basis voor de nationale aanpak rondom asiel. Er komt een strenge buitengrensprocedure, waarbij asielaanvragen aan de buitengrenzen van Europa beoordeeld worden.
Het CDA wil meer grip op migratie. Onze bevolking zal de komende jaren hard groeien. De samenleving kan dit niet dragen. We lopen tegen grenzen aan van wat haalbaar is, in huisvesting, zorg en onderwijs. Om meer grip op migratie te krijgen moeten duidelijke keuzes worden gemaakt.
Het CDA staat voor een rechtvaardig asielbeleid. In een fatsoenlijk land bieden we een veilige haven aan mensen die in nood zijn en terecht een beroep doen op onze gastvrijheid, maar houden gelijktijdig rekening met de draagkracht en het integratievermogen van de samenleving.
Het CDA stelt meer eisen aan integratie. Statushouders moeten verplicht inburgeren, anders verliezen ze hun status. Kinderen van statushouders volgen verplichte voor- en vroegschoolse educatie, zodat ze snel meedoen op school. Arbeidsmigranten die hier langer blijven, volgen een taaltraject.
ONZE STANDPUNTEN
EUROPEES MIGRATIEPACT
Het Europees migratiepact dat in juni 2026 ingevoerd wordt vormt voor het CDA de basis voor de nationale aanpak rondom asiel. Er komt een strenge buitengrensprocedure, waarbij asielaanvragen aan de buitengrenzen van Europa beoordeeld worden.
De Europese buitengrens is ook onze buitengrens. Door aan de grens duidelijk te maken wie kans maakt en wie niet, kunnen we de instroom verminderen. Bij afwijzing volgt meteen terugkeer. De Europese buitengrenzen worden strenger beschermd.
We zijn voor invoering van een tweestatusstelsel waarbij internationaal het onderscheid wordt vastgelegd tussen permanente vluchtelingen en mensen die tijdelijk bescherming zoeken.
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 11 EN 12/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers
[8]
Het CDA wil meer grip op migratie. Onze bevolking zal de komende jaren hard groeien. De samenleving kan dit niet dragen. We lopen tegen grenzen aan van wat haalbaar is, in huisvesting, zorg en onderwijs. Om meer grip op migratie te krijgen moeten duidelijke keuzes worden gemaakt.
Het CDA staat voor een rechtvaardig asielbeleid. In een fatsoenlijk land bieden we een veilige haven aan mensen die in nood zijn en terecht een beroep doen op onze gastvrijheid, maar houden gelijktijdig rekening met de draagkracht en het integratievermogen van de samenleving.
Het CDA stelt meer eisen aan integratie. Statushouders moeten verplicht inburgeren, anders verliezen ze hun status. Kinderen van statushouders volgen verplichte voor- en vroegschoolse educatie, zodat ze snel meedoen op school. Arbeidsmigranten die hier langer blijven, volgen een taaltraject.
ONZE STANDPUNTEN
EUROPEES MIGRATIEPACT
Het Europees migratiepact dat in juni 2026 ingevoerd wordt vormt voor het CDA de basis voor de nationale aanpak rondom asiel. Er komt een strenge buitengrensprocedure, waarbij asielaanvragen aan de buitengrenzen van Europa beoordeeld worden.
De Europese buitengrens is ook onze buitengrens. Door aan de grens duidelijk te maken wie kans maakt en wie niet, kunnen we de instroom verminderen. Bij afwijzing volgt meteen terugkeer. De Europese buitengrenzen worden strenger beschermd.
We zijn voor invoering van een tweestatusstelsel waarbij internationaal het onderscheid wordt vastgelegd tussen permanente vluchtelingen en mensen die tijdelijk bescherming zoeken.
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 8 T/M 10/LEER MIJ HET ”POLITIEKE MIDDEN” KENNEN!
Opgeslagen onder Divers