Auteursarchief: astrid

Noot 31/VERZET

[31]


RECHTSPRAAK.NL

STRAFZAAK WILDERS

https://www.rechtspraak.nl/Bekende-rechtszaken/Strafzaak-Wilders

DE STAND VAN ZAKEN

De Hoge Raad heeft op dinsdag 6 juli 2021 de uitspraak van het hof in Den Haag in de ‘minder minder’-zaak in stand gelaten (hogeraad.nl)U verlaat Rechtspraak.nl

Daarmee is de veroordeling van Geert Wilders definitief geworden. Lees hier het vonnis.

Het gerechtshof veroordeelde op vrijdag 4 september 2020 Wilders voor groepsbelediging. Voor het aanzetten tot discriminatie, waarvoor hij in 2016 door de rechtbank Den Haag nog werd veroordeeld, volgde voor het hof vrijspraak. Hij kreeg geen straf.

ONTWIKKELINGEN

DatumOmschrijvingMeer informatie
6 juli 2021Uitspraak van de Hoge Raad: de veroordeling van het hof blijft in stand (hogeraad.nl)U verlaat Rechtspraak.nl.Uitspraak: ECLI:NL:HR:2021:1036
18 mei 2021Advies aan de Hoge Raad (hogeraad.nl)U verlaat Rechtspraak.nl door procureur-generaal.Advies: ECLI:NL:PHR:2021:487
4 september 2020Uitspraak van het hof: de heer Wilders wordt veroordeeld voor groepsbelediging. Hij krijgt geen straf.Uitspraak: ECLI:NL:GHDHA:2020:1606
24 augustus 2020Laatste zitting van de inhoudelijke behandeling, met het laatste woord van de heer Wilders (informatie vooraf)
8 juli 2020Zitting (uitspraak in zaak Wilders verwacht op 4 september 2020) 
3 juli 2020Zitting 
29 juni 2020Zitting 
3 juni 2020Informatie voor media over de zitting van 29 juni 2020 
7 mei 2020Relevante uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland: Herstelonderzoek documenten vervolging Wilders zorgvuldig verricht.Uitspraak: ECLI:NL:RBMNE:2020:1797
23 maart 2020Beslissing hof: vanwege de uitbraak van het coronavirus wordt de inhoudelijke behandeling niet in april hervat.
16 maart 2020Beslissing hof: vanwege de uitbraak van het coronavirus wordt de inhoudelijke behandeling niet op 23 maart hervat, maar op 6 april.
5 februari 2020Zittingsdag inhoudelijk behandeling. Uitstel tot 23 maart om alle vrijgegeven stukken te kunnen bestuderen.
9 december 2019Hof besluit tot het aanhouden van de zaak tot 5 februari.
7 november 2019Relevante uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland: minister Grapperhaus heeft Wob-verzoek van RTL Nieuws te beperkt opgevat.Uitspraak: ECLI:NL:RBMNE:2019:5147
16 oktober 2019Dupliek (verdediging), laatste woord
De raadsheren hebben de zaak ‘aangehouden’. Ze willen wachten op documenten die op verzoek van de minister van Veiligheid en Justitie worden opgevraagd bij het OM en het departement.
11 oktober 2019Repliek (OM) en reacties benadeelde partijen
3 t/m 23 september 2019Pleidooi verdediging
2-3 juli 2019Requisitoir van het OM
17 juni 2019Informatie voor media over voortzetting proces
10 januari 2019Haagse hof honoreert diverse onderzoekswensen verdediging
22 november 2018Informatie voor media rondom de regiezittingen
6 juli 2018Data waarop het hof de zaak voortzet
5 juni 2018Het gerechtshof Den Haag heeft nieuwe raadsheren aangewezen voor het vervolg van het hoger beroep
18 mei 2018Wrakingsverzoek toegewezen (gerechtshof Amsterdam)Beslissing: ECLI:NL:GHDHA:2018:1211
17 mei 2018Wraking strafkamer gerechtshof Den Haag
9 november 2017Beslissingen Haagse hof op verzoeken regiezittingen
26 oktober 2017Reactie voorzitter gerechtshof op vraag Geert Wilders tijdens regiezitting over haar rol als voorzitter van een stichting
9 december 2016Rechtbank veroordeelt Wilders voor groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie. De rechtbank legt geen straf opUitspraak: ECLI:NL:RBDHA:2016:15014
11 november 2016Wrakingskamer wijst wrakingsverzoek verdediging afBeslissing: ECLI:NL:RBDHA:2016:13520
14 oktober 2016Rechtbank oordeelt dat Openbaar Ministerie ontvankelijk is in de strafvervolgingBeslissing: ECLI:NL:RBDHA:2016:12362
7 april 2016De rechtbank oordeelt dat de verdediging van Wilders aanvullend op het huidige onderzoek nog 20 mensen die aangifte hebben gedaan, mag horen als getuigen

EINDE

WIKIPEDIA

EERSTE ZAAK-GEERT WILDERS

https://nl.wikipedia.org/wiki/Eerste_zaak-Geert_Wilders

RECHTSPRAAK.NL

WILDERS SCHULDIG AAN GROEPSBELEDIGING EN AANZETTEN

TOT DISCRIMINATIE

9 DECEMBER 2016

https://www.rechtspraak.nl/Organisatie-en-contact/Organisatie/Rechtbanken/Rechtbank-Den-Haag/Nieuws/Paginas/Wilders-schuldig-aan-groepsbelediging-en-aanzetten-tot-discriminatie.aspx

Den Haag, 09 december 2016

Geert Wilders, partijleider van de Partij voor de Vrijheid (PVV), is door de rechtbank Den Haag voor zijn ‘minder Marokkanen’-uitspraken op 19 maart 2014 veroordeeld voor groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie.

Het begrip ‘Marokkanen’ valt onder het begrip ‘ras’ in de zin van de strafwet

De juridische betekenis van de term ‘ras’ is veel ruimer dan de betekenis die dit begrip in het Nederlands spraakgebruik en de wetenschap normaal heeft. Gekeken moet worden naar het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie (IVUR). Daarin wordt onder “rassendiscriminatie” verstaan elke vorm van onderscheid, uitsluiting, beperking of voorkeur op grond van ‘ras’, ‘huidskleur’, ‘afkomst’ of ‘nationale of etnische afstamming’.

De heer Wilders heeft op 19 maart 2014 een groep landgenoten op een voor iedereen heldere en duidelijke wijze geïdentificeerd door te verwijzen naar hun gemeenschappelijke afkomst. Hij heeft de nationaliteit gebruikt als etnische aanduiding. Daarmee verwijst de gebruikte term ‘Marokkanen’ naar de in het IVUR opgenomen kenmerken ‘afkomst’, ‘nationale afstamming’ en ‘etnische afstamming’ en is dus sprake van ‘ras’ in de zin van de strafwet.

De Marokkanen zijn als groep beledigd op 19 maart 2014

Op 19 maart 2014 heeft de heer Wilders aan zijn publiek gevraagd “willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”. In antwoord hierop werd door het publiek, dat vooraf was geïnstrueerd, meermalen ‘minder’ gescandeerd. De heer Wilders heeft daarmee een hele bevolkingsgroep apart gezet, zonder daarbij enig onderscheid te maken. Deze groep mag minder aanspraak maken op verblijf in Nederland. Daarmee wordt deze groep collectief in haar eigenwaarde aangetast. Dat is beledigend voor de hele groep.

De heer Wilders sprak zijn aanhang toe en iedereen die hij via de tv kon bereiken. Hij stelde zijn vragen op een opruiende, opzwepende manier en dat leverde een eenduidige daadkrachtige conclusie op die direct via de tv in de huiskamers kwam. Dat hij naderhand zei dat hij niet alle Marokkanen bedoelde maakt de boodschap niet minder beledigend. Die was al luid en duidelijk doorgekomen. Hiermee werd geen bijdrage geleverd aan enig publiek debat.

De heer Wilders kan geen beroep doen op het recht op vrijheid van meningsuiting zoals dat is neergelegd in artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden. Dit verdrag staat namelijk in dit geval toe dat de vrijheid van meningsuiting wordt beperkt.

Wilders heeft ook aangezet tot discriminatie

Met de uitlatingen op 19 maart 2014 is een onderscheid gemaakt tussen de Marokkaanse bevolkingsgroep en andere bevolkingsgroepen in Nederland. Mede gezien het opruiende karakter van de manier van uitlaten, worden anderen hiermee aangezet tot discriminatie van personen met een Marokkaanse afkomst.

Vrijspraak

Het dossier bevat onvoldoende bewijs voor groepsbelediging en aanzetten tot haat en discriminatie op 12 maart 2014. Op die datum lijkt sprake van een uitspraak die op dat moment uit de lucht kwam vallen en niet zo goed doordacht was als op 19 maart 2014. De heer Wilders wordt ook vrijgesproken van het aanzetten tot haat op 19 maart 2014. Ook daarvoor bevat het dossier onvoldoende bewijs

Wilders veroordeeld zonder oplegging van straf

De belangrijkste vraag in dit proces is of de heer Wilders een grens over is gegaan. Die vraag is in dit vonnis beantwoord. Daarmee vindt de rechtbank dat voldoende recht is gedaan. Hij krijgt daarom geen straf.

De benadeelde partijen krijgen geen schadevergoeding

De benadeelde partijen hebben als persoon of groep van personen geen rechtstreekse schade geleden. De heer Wilders heeft hen namelijk niet persoonlijk of specifiek aangesproken. Daarom worden zij niet-ontvankelijk verklaard.

Zie ook: Strafzaak Wilders

UITSPRAAK RECHTBANK

https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBDHA:2016:15014

ECLI:NL:RBDHA:2016:15014

Uitspraak delenInstantie

Rechtbank Den HaagDatum uitspraak

09-12-2016Datum publicatie

09-12-2016Zaaknummer

09/837304-15Rechtsgebieden

StrafrechtBijzondere kenmerken

Eerste aanleg – meervoudigInhoudsindicatie

Uitspraak zaak Wilders rechtbank Den Haag 9 december 2016.Wetsverwijzingen

Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 90quater
Wetboek van Strafrecht 137c
Wetboek van Strafrecht 137d
Wetboek van Strafvordering
Wetboek van Strafvordering 51f
Wetboek van Strafvordering 167
Wetboek van Strafvordering 361Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
NJFS 2017/22
NbSr 2017/8share

Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige kamer

Parketnummer: 09/837304-15

Datum uitspraak: 9 december 2016

Tegenspraak

(Promisvonnis)

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officieren van justitie tegen verdachte:

Geert WILDERS,

geboren te Venlo op 6 september 1963,

te dezer zake domicilie kiezende aan het adres Binnenhof 1 A te (2513 AA) Den Haag.

1Inleiding

De rechtbank stelt voorop dat de vrijheid van meningsuiting één van de fundamenten van onze democratische samenleving vormt. Een democratische samenleving kenmerkt zich door pluralisme, tolerantie en ruimdenkendheid en vergt daarom dat er ook ruimte is voor het uitdragen van informatie, denkbeelden en opvattingen die de Staat of een groot deel van de bevolking choqueren, kwetsen of verontrusten. Aan de uitoefening van deze vrijheid kunnen echter beperkingen worden gesteld, onder meer ter bescherming van de rechten en vrijheden van anderen.

En daar draait het in deze strafzaak om. Want het gaat om de vraag of verdachte zich op 12 en 19 maart 2014 heeft mogen uitlaten zoals hij heeft gedaan of dat hij zich daarmee schuldig heeft gemaakt aan groepsbelediging en/of het aanzetten tot discriminatie van en haat tegen Marokkanen wegens hun ras.

Er is maar één maatstaf ter beoordeling van de vraag of sprake is van strafbare feiten en dat is het recht, vastgelegd in wetgeving, internationale regelgeving en jurisprudentie. Niets meer en niets minder. Daarbij spelen persoonlijke opvattingen of voorkeuren geen rol.

Dit is géén politiek proces want ook een democratisch verkozen volksvertegenwoordiger zoals verdachte staat niet boven de wet. Ook op hem is het recht van toepassing. En ook voor hem is de vrijheid van meningsuiting begrensd. Wanneer hij als politicus uitlatingen doet die over die grens gaan, in die zin dat zijn gedrag een strafbaar feit oplevert, leidt het vaststellen van die overschrijding – en de strafvervolging daarvoor – echter niet tot een beperking van de vrijheid van meningsuiting. Het betreft dan immers geen uitlatingen die eerst wél en later níet meer gedaan mochten worden. Het gaat om uitlatingen die van meet af aan niet werden beschermd door de vrijheid van meningsuiting.

Het standpunt van verdachte dat hij bij een veroordeling wordt beperkt in zijn mogelijkheden om zich te uiten en problemen die hij als politicus waarneemt te benoemen, is dan ook evident onjuist. Een veroordeling betekent slechts dat hij ten aanzien van de strafbare uitlatingen niet wordt beschermd door de vrijheid van meningsuiting. Niets meer en niets minder.

2De tenlastelegging

De beschuldigingen tegen verdachte zijn in de tenlastelegging opgenomen in meerdere kwalificatieve varianten, te weten dat verdachte de tenlastegelegde uitlatingen al dan niet in vereniging met anderen zou hebben gedaan (primair c.q. subsidiair), dan wel daartoe zou hebben uitgelokt (meer subsidiair), dan wel het tenlastegelegde zou hebben doen plegen (meest subsidiair).

Feiten 1 en 2 betreffen uitlatingen van verdachte en de reactie van het publiek op 19 maart 2014 tijdens een verkiezingsbijeenkomst in Grand Café De Tijd in Den Haag.

Feiten 3 en 4 betreffen eerdere uitlatingen van verdachte op 12 maart 2014 tijdens een interview op de Loosduinse markt in Den Haag.

De volledige tenlastelegging is integraal opgenomen als bijlage A en maakt onderdeel uit van dit vonnis.

3Het onderzoek ter terechtzitting

3.1

De zittingen

Op 18 maart 2016 heeft een regiezitting plaatsgevonden over het verloop van de strafzaak. Daar heeft de verdediging verschillende verzoeken gedaan. De rechtbank heeft op 7 april 2016 tussenuitspraak gewezen over die verzoeken.1 Op 26 mei 2016 zou de verdediging preliminaire verweren voeren. De verdediging is toen niet ter zitting verschenen. Op 23 september 2016 heeft de verdediging alsnog preliminaire verweren gevoerd.

De rechtbank heeft bij haar tussenuitspraak van 14 oktober 2016 alle verweren van de verdediging verworpen en het openbaar ministerie ontvankelijk verklaard in de strafvervolging van verdachte.2

De inhoudelijke behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden in het Justitieel Complex Schiphol te Badhoevedorp op:

  • -31 oktober 2016: behandeling van het dossier;
  • -3 november 2016: horen van deskundige prof. dr. P.B. Cliteur, behandeling van de vorderingen van de benadeelde partijen en eerste termijn van de raadslieden van de benadeelde partijen;
  • -14 november 2016: voortzetting eerste termijn van de raadslieden van de benadeelde partijen en horen van deskundige prof. dr. T. Zwart;
  • -16 en 17 november 2016: requisitoir van de officieren van justitie;
  • -18 en 21 november 2016: pleidooi van de verdediging;
  • -en 23 november 2016: tweede termijn van de raadslieden van de benadeelde partijen, repliek, dupliek en het laatste woord van verdachte.

De rechtbank heeft het onderzoek ter terechtzitting formeel gesloten op 25 november 2016 te Den Haag.

3.2

De procespartijen

Verdachte is tijdens de inhoudelijke behandeling van de zaak alleen verschenen op 23 november 2016. Wel zijn steeds, in wisselende samenstelling, verschenen de raadslieden van verdachte, mrs. G.G.J. Knoops, M. ‘t Sas, C.J. Knoops-Hamburger en J. de Koning, advocaten te Amsterdam. Mrs. Knoops en Knoops-Hamburger hebben het woord gevoerd.

Voorts zijn steeds verschenen de officieren van justitie, mrs. W. Bos en S.M. van der Kallen, die ieder het woord hebben gevoerd. Op 31 oktober 2016 was mr. T. Berger, tevens officier van justitie, in de plaats van mr. Bos aanwezig.

Namens een aantal van de benadeelde partijen hebben mrs. D.M.P. van Eijsden, advocaat te Den Haag, E.D. van Elst, advocaat te Veenendaal, en G.K. Sluiter en L. Nix, advocaten te Amsterdam, het woord gevoerd.

3.3

De proceshouding van verdachte

Verdachte is – anders dan bij de regiezitting en de zitting waar preliminaire verweren werden gevoerd – bij de inhoudelijke behandeling van zijn strafzaak niet verschenen. Hij heeft wel gebruik gemaakt van de gelegenheid om aan het eind daarvan als laatste het woord te voeren. Dat recht heeft verdachte en de rechtbank heeft dat gerespecteerd.

De rechtbank heeft verdachte steeds de cautie gegeven, ook bij de aanvang van de inhoudelijke behandeling, als hij twitterde. Het was de rechtbank namelijk niet ontgaan dat verdachte zich meermalen over deze strafzaak en de rechtbank had uitgelaten in berichten op zijn Twitteraccount. Zo schreef verdachte over een ‘neprechtbank’, dat het vonnis al klaar lag en publiceerde hij foto’s van de rechters met een verwijzing naar de politieke partij D66. Een feitelijke onderbouwing daarvan of een toelichting daarop heeft de rechtbank nergens kunnen ontwaren. Ook in zijn laatste woord heeft verdachte zich bepaald niet onbetuigd gelaten.

De rechtbank acht deze reacties een gekozen volksvertegenwoordiger en medewetgever die een te respecteren plaats in de Nederlandse democratische rechtsstaat inneemt, onwaardig.

4De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie

4.1

Inleiding

De rechtbank stelt (wederom) voorop dat de lat hoog ligt als het er om gaat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren. Dat geldt zeker als het de beslissing van het openbaar ministerie betreft om een zaak aan de rechter voor te leggen. In artikel 167, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is immers aan het openbaar ministerie de bevoegdheid toegekend zelfstandig te beslissen of naar aanleiding van een ingesteld opsporingsonderzoek vervolging moet plaatsvinden. Uit vaste jurisprudentie volgt dat de beslissing om tot vervolging over te gaan zich slechts in zeer beperkte mate voor een inhoudelijke rechterlijke toetsing leent en dat slechts in uitzonderlijke gevallen plaats is voor een niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie. Maatstaf daarbij is dat in de gegeven omstandigheden geen redelijk handelend lid van het openbaar ministerie heeft kunnen oordelen dat met (voortzetting van) de vervolging enig door strafrechtelijke handhaving beschermd belang gediend kan zijn.3 In het geval van een zodanige, aperte onevenredigheid van de vervolgingsbeslissing is die vervolging onverenigbaar met het verbod van willekeur.4Binnen dat kader zal de rechtbank de ontvankelijkheidsverweren van de verdediging opnieuw bezien.

4.2

De political question doctrine

Bij haar tussenuitspraak van 14 oktober 2016 heeft de rechtbank opgemerkt dat aan de onderhavige zaak politieke aspecten kleven. Verdachte is immers de partijleider van de PVV en namens deze partij fractieleider in de Tweede Kamer. In die dubbele hoedanigheid heeft hij de verweten uitlatingen gedaan. Voorts heeft de rechtbank toen overwogen dat deze omstandigheden er niet toe leiden dat het vervolgingsrecht aan het openbaar ministerie zou moeten worden ontzegd. Het is aan de rechtbank om uiteindelijk, op basis van de specifieke omstandigheden van deze zaak en naar aanleiding van het inhoudelijke debat, tot een oordeel te komen of al dan niet sprake is van een strafbaar feit.

De verdediging heeft zich tijdens de inhoudelijke behandeling opnieuw op het standpunt gesteld dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, aangezien het bewust de scheiding der machten en haar vervolgingsmonopolie heeft geschonden met deze vervolging. Ter toelichting is aangevoerd – onder verwijzing naar wat de deskundige prof. Cliteur hierover ter terechtzitting heeft verklaard – dat het openbaar ministerie door verdachte te vervolgen het fundament van onze rechtsstaat, te weten tolerantie als basis voor democratie, ernstig en op ontoelaatbare wijze in gevaar heeft gebracht. De invulling van het begrip tolerantie is een politiek begrip, waar de strafrechter buiten dient te blijven. Het openbaar ministerie heeft het strafproces misbruikt ten behoeve van haar eigen rechtspolitieke agenda, aldus de verdediging.

Ook thans slaagt dit verweer niet. Daargelaten dat van enige rechtspolitieke agenda van het openbaar ministerie niets is gebleken, heeft ook hier te gelden dat het aan het openbaar ministerie is om bij de verdenking van een strafbaar feit tot vervolging over te gaan. Van een aperte onevenredigheid van die vervolgingsbeslissing is (nog steeds) geen sprake.

4.3

De Castells-exceptie

De verdediging heeft zich – onder verwijzing naar wat de deskundige prof. Zwart hierover ter terechtzitting heeft verklaard – op het standpunt gesteld dat de Staat haar macht in gepaste vorm dient te gebruiken. Het strafrecht dient enkel te worden toegepast indien andere wegen zijn bewandeld om iets aan ongewenste uitlatingen te doen, de zogenoemde Castells-exceptie. Gedacht kan worden aan een uitspraak van de regering dat die uitlatingen ongewenst zijn, het zich distantiëren van die uitlatingen door parlementariërs of een berisping op grond van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer. Aangezien niet langs een andere weg is gereageerd op de uitlatingen van verdachte en het openbaar ministerie evenmin heeft gekozen voor een minder ingrijpende reactie zoals een sepot, een transactie of strafrechtelijke mediation, heeft het openbaar ministerie rigoureus gehandeld zonder enig oog voor de belangen van een politicus, aldus de verdediging.

De rechtbank overweegt dat het in de zaak Castells tegen Spanje ging om een verkozen volksvertegenwoordiger die kritiek had op de regering.5 Castells werd vervolgens veroordeeld voor belediging en uit zijn ambt ontzet. De aan verdachte verweten uitlatingen houden geen kritiek in op de regering of op overheidsoptreden, zodat alleen al hierom het verweer faalt.

4.4

Schending van het lex certa-beginsel

Ter gelegenheid van de preliminaire verweren heeft de verdediging opgemerkt dat de tenlastegelegde uitlatingen van verdachte zijn gedaan negen maanden voordat de Hoge Raad het arrest in de zaak Felter heeft gewezen, waarin met betrekking tot artikelen 137c en 137d van het Wetboek van Strafrecht is geoordeeld dat het niet uitsluitend gaat om uitlatingen die aanzetten tot haat of geweld of discriminatie, maar ook om uitlatingen die aanzetten tot onverdraagzaamheid.6 Daarmee is, aldus de verdediging, een nieuw criterium geïntroduceerd, waarmee verdachte toen hij de uitlatingen deed niet bekend kon zijn. Dit is in strijd met het onder meer in artikel 7 van het EVRM vastgelegde lex certa-beginsel.

Bij haar tussenuitspraak van 14 oktober 2016 heeft de rechtbank al overwogen dat de rechtbank over de reikwijdte van artikel 10 van het EVRM in deze zaak zal oordelen na een uitgebreid inhoudelijk debat hierover en dat hetzelfde geldt voor de vraag naar de betekenis, toepasselijkheid en gevolgen van het onverdraagzaamheidscriterium van de Hoge Raad. Ook is overwogen dat artikel 7 van het EVRM dat niet anders maakt. Het gegeven dat deze kwesties ter discussie staan, maakt niet dat het vervolgingsrecht aan het openbaar ministerie zou komen te ontvallen.

De verdediging heeft zich bij pleidooi nogmaals op het standpunt gesteld dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, omdat zij daadwerkelijk en in strijd met het lex certa-beginsel een beroep heeft gedaan op het onverdraagzaamheidscriterium van de Hoge Raad.

De rechtbank overweegt daaromtrent als volgt.

De vraag of al dan niet sprake is van strijd met dit beginsel is tijdens de inhoudelijke behandeling uitgebreid aan de orde gekomen. Daarbij heeft het openbaar ministerie aangegeven dat in haar visie van strijd geen sprake is en ook nader onderbouwd waarom zij die mening is toegedaan. De rechtbank vermag niet in te zien waarom dit zou moeten leiden tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie.

Ten overvloede stelt de rechtbank vast dat het openbaar ministerie zich primair op het standpunt heeft gesteld dat de term onverdraagzaamheid juist niet in de zaak tegen verdachte zou moeten worden toegepast.

Dit verweer wordt daarom wederom verworpen.

4.5

Conclusie van de rechtbank

Het vorenstaande leidt tot de conclusie dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in de vervolging van verdachte.

5. Beoordeling van de tenlastelegging 7

5.1

De feiten

De volgende feiten en omstandigheden hebben ter terechtzitting niet ter discussie gestaan en kunnen op grond van de gebruikte bewijsmiddelen dienen als uitgangspunt voor de beoordeling van de bewijsvraag.

5.1.1 12

12 maart 2014

Op woensdag 12 maart 2014 bezocht verdachte samen met een aantal Haagse PVV-partijleden de markt in het stadsdeel Loosduinen in Den Haag. Een deel van dit bezoek is uitgezonden in het NOS-journaal van woensdag 12 maart 2014. Tijdens dit bezoek deed verdachte in een interview onder andere de volgende uitspraak:8

“Belangrijkste is toch voor de mensen hier op de markt de Hagenaars, Hagenezen en Scheveningers zoals Léon dat altijd netjes en terecht noemt. Voor die mensen doen we het nu. Die stemmen nu op een veiliger en socialer en in ieder geval een stad met minder lasten en als het even kan ook wat minder Marokkanen.”

[Getuige 1], voormalig woordvoerder integratie en Islam van de PVV, was er die dag bij. Hij heeft verklaard dat verdachte en zijn partijleden de hele dag door mensen uit de buurt werden aangesproken over criminele Marokkanen. [Getuige 1] denkt dat verdachte daarom tot zijn uitspraak kwam en dat hij dat niet vooraf heeft bedacht. Na het interview vroeg verdachte aan hem of hij dat wel ‘zo kon zeggen’.9

[Getuige 2], toenmalig beleidsmedewerker van verdachte, heeft verklaard dat hij nogal verbaasd was toen deze uitspraak werd gedaan. Hij dacht dat verdachte zich versprak.10

Voor [getuige 3], beleidsmedewerker van de Stichting PVV, kwam de ‘minder Marokkanen’-uitspraak op 12 maart 2014 ‘uit de lucht vallen’. Het algemene standpunt van de PVV is immers: minder criminelen, minder immigratie en vrijwillige remigratie.11

Verdachte werd na 12 maart 2014 door verschillende media aangesproken op zijn ‘minder-Marokkanen’-uitspraak en om een nadere uitleg gevraagd. Verdachte bracht onder andere naar voren dat hij enkel doelde op criminele Marokkanen en Marokkanen met een uitkering. Hij zei ook dat hij zijn uitspraak niet terugnam en dat hij achteraf zelfs nog meer achter zijn uitspraak stond.12

5.1.2 19

19 maart 2014

Op woensdag 19 maart 2014 hield de PVV in de avond een verkiezingsbijeenkomst in Grand Café De Tijd in Den Haag. Tijdens deze bijeenkomst hield verdachte een speech, die is opgenomen en onder andere is uitgezonden op het NOS-journaal. Tijdens deze speech zei verdachte onder meer het volgende:13

“Maar voordat ik ga, zou ik van iedereen hier een antwoord willen hebben op de volgende drie vragen. Drie vragen, alsjeblieft geef een helder antwoord die onze partij, de PVV, definiëren. En de eerste vraag is: willen jullie meer of minder Europese Unie?”

Hierop riep het publiek herhaaldelijk ‘minder’ en werd er geklapt.

“En de tweede, de tweede vraag is, misschien nog belangrijker: Willen jullie meer of minder Partij van de Arbeid?”

Hierop riep het publiek herhaaldelijk ‘minder’ en werd er geklapt.

“En de derde vraag is, en ik mag het eigenlijk niet zeggen, want er wordt aangifte tegen je gedaan, en misschien zijn er zelfs D66 officieren die het in proces aandoen, maar de vrijheid van meningsuiting is een groot goed en we hebben niets gezegd wat niet mag, we hebben niets gezegd wat niet klopt, dus ik vraag aan jullie: Willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

Hierop riep het publiek meermalen ‘minder’ en werd er geklapt. Hierna eindigde verdachte zijn speech met de woorden:

“Nah, dan gaan we dat regelen.”

[Getuige 3] had bij deze verkiezingsbijeenkomst een coördinerende rol. Hij heeft verklaard dat hij eerder op de avond door [getuige 4] werd gebeld. [Getuige 3] hoorde van hem dat verdachte tijdens de speech aan het publiek zou vragen of zij meer of minder Marokkanen wilden. Het publiek moest reageren met ‘minder, minder, minder’. [Getuige 4] vroeg aan [getuige 3] of hij het publiek van tevoren over de vraag en het antwoord wilde instrueren. Dat heeft [getuige 3] ook gedaan.14

Volgens [getuige 4] vond eerder die avond omstreeks 20.00 uur een bespreking met onder andere verdachte en [getuige 5] plaats. Aan [getuige 4] werd gevraagd mee te denken over de speech die verdachte die avond zou geven. De bedoeling was om een zo sterk mogelijke speech te bedenken waarin de zaken zo scherp mogelijk zouden worden benoemd. Men wilde met de speech aansluiten bij de achterban en daarbij nieuwswaarde genereren, zodat het door de pers zou worden opgenomen en uitgezonden. Er werd niet nagedacht over de juridische consequenties van de speech. Ook is besproken of verdachte in de speech zou spreken over Marokkanen of over criminele Marokkanen. Er bestond tijdens de bespreking enige zorg of het publiek wel op de juiste wijze zou reageren op de vraag. Om die reden heeft [getuige 4] [getuige 3] gebeld. Hij vroeg [getuige 3] om met hulp van anderen ervoor te zorgen dat de juiste interactie zou plaatsvinden.15

[Getuige 5], beleidsmedewerker van verdachte, heeft verklaard dat hij tijdens de bespreking hoorde dat verdachte drie vragen aan het publiek zou stellen. Hij begreep dat de politieke lijn van een week eerder weer zou worden aangezet.16

Naar aanleiding van de uitlatingen van verdachte op 12 en 19 maart 2014 is tegen hem bijna 6.500 keer aangifte gedaan van onder andere belediging en aanzetten tot discriminatie en haat. Ook zijn vanwege deze uitlatingen onder andere de partijgenoten [getuige 1], [getuige 3] en [ex-partijgenoot] uit de partij van verdachte gestapt.

De uitlatingen van verdachte op 12 en 19 maart 2014 zijn nog steeds terug te vinden op diverse websites, waaronder die van de NOS, RTL Nieuws en Nu.nl.17

Verdachte heeft ter terechtzitting erkend dat hij de ‘minder Marokkanen’-uitspraken heeft gedaan. Hij heeft verklaard dat hij nog steeds achter die uitlatingen staat.18

5.2

Het standpunt van het openbaar ministerie

De officieren van justitie hebben, zoals weergegeven in hun schriftelijk requisitoir, gevorderd dat wettig en overtuigend bewezen wordt verklaard dat verdachte zich op 12 en 19 maart 2014 schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van groepsbelediging (feit 1 primair en feit 3) en op 19 maart 2014 aan het medeplegen van het aanzetten tot haat en discriminatie (feit 2 primair).

Verder hebben de officieren van justitie gerekwireerd tot vrijspraak van aanzetten tot haat en discriminatie op 12 maart 2014 (feit 4), omdat daarvoor het wettig en overtuigend bewijs ontbreekt.

5.3

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft, zoals weergegeven in haar schriftelijk pleidooi, betoogd dat verdachte geen strafbare uitlatingen heeft gedaan en dat hij van alle feiten dient te worden vrijgesproken. Daartoe heeft zij als eerste aangevoerd dat Marokkanen geen ras zijn in de zin van artikelen 137c en 137d van het Wetboek van Strafrecht. Vervolgens is aangevoerd dat de uitlatingen van verdachte slechts een uiting waren van het bestaande partijprogramma van de PVV, dat niet strafbaar is. Daarnaast heeft verdachte zijn uitlatingen achteraf genuanceerd door te zeggen dat hij alleen criminele Marokkanen en Marokkanen met een uitkering bedoelde. Als laatste is naar voren gebracht dat verdachtes uitlatingen worden beschermd door het recht op vrijheid van meningsuiting op grond van artikel 10, eerste dan wel tweede lid, van het EVRM.

5.4

Het oordeel van de rechtbank

5.4.1

Is op 19 maart 2014 alleen maar een vraag gesteld?

Verdachte heeft meermalen zijn verbazing over de strafvervolging uitgesproken omdat hij alleen maar een vraag gesteld had. Zo heeft hij ter terechtzitting van 23 september 2016 gezegd:

“Ik heb hier helemaal niets te zoeken in deze rechtbank. Want wat heb ik gedaan? Ik heb gevraagd aan mijn kiezers of zij meer of minder Marokkanen willen. […]. Ik heb alleen gevraagd: wilt u meer of minder Marokkanen. […] Maar vragen aan het publiek, aan je eigen kiezers, willen jullie meer of minder Marokkanen? Dan sta je hier en dat is heel raar. […] Als je PVV-er bent en je bent lid van de oppositie en je stelt het publiek een vraag. Dan ben je de klos.”

En ter terechtzitting van 23 november 2016:

“En wat, vraag ik me iedere dag af, wat heb ik nou eigenlijk gedaan dat dit proces rechtvaardigt? Ik heb gesproken over minder Marokkanen op een markt en ik heb vragen gesteld aan PVV-ers tijdens een verkiezingsavond. […] Ik heb alleen gesproken over Marokkanen op een markt en vragen gesteld op een verkiezingsavond. […] En ik vroeg daarna wilt u meer of minder Marokkanen en ik heb toen ook niet uitgebreid toegelicht waarom het antwoord minder zou kunnen zijn. […] Ik heb gesproken en een vraag gesteld over Marokkanen.”

Het is in dat licht opvallend dat door of namens verdachte geen inhoudelijk verweer is gevoerd noch een inhoudelijke reactie is gegeven op de hiervoor genoemde verklaringen van [getuige 3], [getuige 4] en [getuige 5] over de totstandkoming van de speech op 19 maart 2014. Daaruit rijst immers duidelijk het volgende beeld op: het was tevoren bekend dat verdachte tijdens de speech aan het publiek zou vragen of zij meer of minder Marokkanen wilden. Het publiek moest daarop reageren met ‘minder, minder, minder’. Om daar zeker van te zijn is het publiek geïnstrueerd.

De rechtbank ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de verklaringen van [getuige 3], [getuige 4] en [getuige 5] en zal dan ook bij de verdere beoordeling van de inhoud van hun verklaringen uitgaan. Uit deze verklaringen volgt dat geen sprake was van het alleen maar stellen van een vraag, maar van een vooraf geregisseerde interactie met het publiek. In dat samenspel is de boodschap van verdachte over het voetlicht gebracht.

5.4.2

Zien de uitlatingen op ‘ras’ in de zin van de artikelen 137c en 137d van het Wetboek van Strafrecht?

Bij deze beoordeling stelt de rechtbank het volgende voorop.

De implementatie van het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie uit 1966 (hierna: het IVUR) heeft ertoe geleid dat in 1971 in het Wetboek van Strafrecht artikel 137c werd aangepast en artikel 137d een volledig nieuwe tekst kreeg. Kort gezegd kwam het erop neer dat alleen groepen die gekenmerkt werden door ‘ras’, ‘godsdienst’ of ‘levensovertuiging’ (later ook ‘geslacht’, ‘seksuele gerichtheid’ en ‘handicap’) onder de bescherming van deze strafbepalingen vielen.

In de Memorie van Toelichting op het betreffende wetsvoorstel stelt de regering dat het begrip ‘ras’ moet worden uitgelegd naar de kennelijke strekking van artikel 1 van het IVUR.19 In artikel 1, eerste lid, van het IVUR wordt onder “rassendiscriminatie” verstaan elke vorm van onderscheid, uitsluiting, beperking of voorkeur op grond van ‘ras’, ‘huidskleur’, ‘afkomst’ of ‘nationale of etnische afstamming’.

Het is aan de rechter om te beoordelen hoe, gegeven deze kenmerken, het begrip ‘ras’ in een concreet geval moet worden geïnterpreteerd. Duidelijk is verder dat de juridische betekenis van het begrip ‘ras’ veel ruimer is dan de betekenis die dit begrip in het Nederlandse spraakgebruik en de wetenschap gewoonlijk heeft.

Verdachte heeft op 12 en 19 maart 2014 uitlatingen gedaan over een groep landgenoten. Hij heeft de groep landgenoten waarop hij het oog had op een voor iedereen heldere en duidelijke wijze geïdentificeerd. Hij heeft namelijk verwezen naar wat nu juist hen onderscheidt van andere bevolkingsgroepen in Nederland in wat voor hen kenmerkend is: hun gemeenschappelijke Marokkaanse afkomst.

Vervolgens is het de vraag of het hierbij gaat om een groep die wordt gekenmerkt door ‘nationale of etnische afstamming’ in de zin van artikel 1 van het IVUR. Volgens de verdediging zien deze kenmerken uitsluitend op het verleden van personen, hun herkomst of oorsprong en niet op de ‘present status’. Bij Marokkanen gaat het echter om de ‘present status’ want zij bezitten naast de Nederlandse nationaliteit altijd de Marokkaanse nationaliteit, aldus nog steeds de verdediging.

Deze beperkte uitleg volgt de rechtbank niet. Met ‘nationale of etnische afstamming’ wordt naar het oordeel van de rechtbank gedoeld op personen die een binding hebben met een nationale staat of grondgebied omdat zij afkomstig zijn uit eenzelfde land of streek en een gemeenschappelijke geschiedenis, gemeenschappelijke tradities, een gemeenschappelijke cultuur en/of een gemeenschappelijke taal hebben. Niet ter discussie staat dat van nagenoeg al deze aspecten bij de Marokkaanse bevolkingsgroep in Nederland sprake is. Dat zij naast de Nederlandse nationaliteit al dan niet gedwongen ook de Marokkaanse nationaliteit hebben, maakt dat niet anders.

Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat de door verdachte gebruikte term ‘Marokkanen’ verwijst naar de in het IVUR opgenomen kenmerken ‘afkomst’, ‘nationale afstamming’ en ‘etnische afstamming’. Daarmee is sprake van een ‘ras’ in de zin van artikelen 137c en 137d van het Wetboek van Strafrecht.

De rechtbank wordt in haar conclusie gesteund door eerdere uitspraken waarin is geoordeeld dat met de term ‘Marokkanen’ (evenals de term ‘Turken’) gedoeld wordt op een zekere etnische of nationale afstamming.20 Dat het in twee van deze zaken zou zijn gegaan om een ‘verbloemde raciale kwalificering’, zoals deskundige prof. Zwart heeft gesteld, kan de rechtbank uit die uitspraken niet afleiden. Zoals de officieren van justitie terecht hebben opgemerkt zijn de citaten in het rapport van prof. Zwart op dit punt niet geheel juist.

Het voorgaande brengt met zich dat de rechtbank verdachte niet volgt in zijn standpunt dat hij expliciet heeft gesproken over personen met de Marokkaanse nationaliteit in de zin van het staatsburgerschap van Marokko.

Dit betekent dat de rechtbank ook niet toekomt aan de vraag of het begrip ‘nationale of etnische afstamming’ in artikel 1 van het IVUR ook nationaliteit in deze zin omvat en hoe daarover in het internationale (publiek)recht wordt gedacht.

5.4.3

Feiten 1 en 2 (de uitlatingen op 19 maart 2014)

5.4.3.1 Is sprake van groepsbelediging in de zin van artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht (feit 1)?

De vraag of sprake is van belediging van een groep mensen dient te worden beantwoord aan de hand van de drie in de jurisprudentie ontwikkelde toetsingscriteria:

  • -i) is de inhoud van de uitlating beledigend, en zo ja;
  • -ii) neemt de context het beledigende karakter weg, en zo ja;
  • -iii) is de uitlating onnodig grievend?

(i) Is de inhoud van de uitlating beledigend?

De eerste toets betreft de vraag of een uitlating naar zijn bewoordingen en samenhang naar algemeen spraakgebruik beledigend van aard is. Een uitlating kan als beledigend worden beschouwd wanneer zij de strekking heeft een ander bij het publiek in een ongunstig daglicht te stellen en hem aan te randen in zijn eer en goede naam. Het oordeel dat daarvan sprake is, zal bij een uitlating die in het algemeen op zichzelf niet beledigend is, afhangen van de context waarin de uitlating is gedaan.21

Ten aanzien van de groepsbelediging stelt de regering in de Memorie van Antwoord bij het wetsontwerp in verband met de hiervoor reeds genoemde aanpassing van artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht in dit verband: “Strafbaar is enkel het aantasten van de eigenwaarde of het in diskrediet brengen van de groep, omdat die van een bepaald ras is, een bepaalde godsdienst belijdt of een bepaalde levensovertuiging is toegedaan. Kritiek op opvattingen en gedragingen – in welke vorm ook – valt buiten het bereik van de ontworpen strafbepaling.”22

Zoals al is vastgesteld, heeft verdachte op 19 maart 2014 aan zijn publiek gevraagd “willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen”. In antwoord hierop werd door het publiek, zoals ook de bedoeling was, meermalen ‘minder’ gescandeerd. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte met zijn vraag binnen de Nederlandse samenleving een hele bevolkingsgroep apart gezet. Deze groep kan in de visie van verdachte, anders dan andere landgenoten, immers minder aanspraak maken op verblijf in Nederland en moet in omvang slinken. Enig onderscheid binnen die groep is daarbij niet gemaakt door verdachte. De groep wordt collectief aangesproken en wordt dan ook collectief in haar eigenwaarde aangetast. De hele Marokkaanse bevolkingsgroep wordt weggezet als minderwaardig ten opzichte van andere Nederlanders. Het is verder volstrekt duidelijk dat verdachte de groep aanspreekt juist omdat ze van Marokkaanse komaf is.

Uit de verklaring van de reeds genoemde [getuige 4] blijkt verder dat verdachte bewust heeft gekozen voor het gebruik van drie retorische vragen om zijn boodschap over te brengen en te versterken. Hij is ook bewust met de onderhavige vraag geëindigd en heeft ervoor gekozen deze vraag niet te beperken tot ‘criminele Marokkanen’. Hij wilde de zaken ten overstaan van de aanwezige camera’s zo scherp mogelijk benoemen om daarmee zoveel mogelijk nieuwswaarde te genereren.23

Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat de gewraakte tekst, in samenhang met de rest van de speech, zonder meer denigrerend en daarmee beledigend is voor de bevolkingsgroep Marokkanen. Voor vervolging van dit feit zijn geen aangiftes nodig en de daadwerkelijke impact die de uitspraken van verdachte op de samenleving hebben gehad, is niet relevant voor de vraag of sprake is van groepsbelediging. De rechtbank komt dan ook niet toe aan de beoordeling van de beweegredenen van de bijna 6.500 mensen die aangifte hebben gedaan. Wel merkt de rechtbank in dit verband op dat de omstandigheid dat mensen in groten getale aangifte hebben gedaan op zichzelf rechtvaardigt dat het aangiftetraject in meer of mindere mate is gestandaardiseerd.

Verdachte wist dat er naar aanleiding van zijn uitlating op de markt op 12 maart 2014 aangifte tegen hem was gedaan.24 Hij heeft dan ook minst genomen het voorwaardelijk opzet gehad op het beledigende karakter van zijn uitlating.

(ii) Neemt de bredere context het beledigende karakter weg?

De tweede toets betreft de vraag of een uitlating in een bepaalde context is gedaan en zo ja in welke. Uit de jurisprudentie van de Hoge Raad blijkt dat de context waarin een uitlating is gedaan het beledigend karakter van de uitlating weg kan nemen, indien de uitlating een bijdrage levert aan of dienstig is aan een publiek maatschappelijk debat, een uiting is van een geloofsopvatting of als de uitlating onder de bescherming van artistieke expressie valt.

Zoals de rechtbank al heeft overwogen bij de beoordeling van de preliminaire verweren op 14 oktober 2016, zijn in de jurisprudentie van het EHRM over de uitlatingsvrijheid van politici twee lijnen te ontwaren: enerzijds de lijn dat aan verkozen vertegenwoordigers en andere politici een ruime uitingsvrijheid moet worden gegund en anderzijds de lijn dat juist zij vanwege hun belangrijke maatschappelijke functie moeten vermijden dat ze in hun openbare uitingen de intolerantie voeden. Uit die jurisprudentie valt ook af te leiden dat de omstandigheden van het geval maken of de ene dan wel de andere lijn wordt gevolgd. Die omstandigheden zien dan niet alleen op de inhoud van een uitlating, maar ook op de vorm waarin deze wordt overgebracht.

Over de omstandigheden waaronder verdachte op 19 maart 2014 de uitlatingen heeft gedaan, overweegt de rechtbank als volgt:

– Verdachte heeft zijn uitlatingen gedaan op een moment dat hij er zeker van was dat audiovisuele media deze zouden vastleggen en zouden uitzenden op de nationale televisie. Het EHRM heeft in meerdere uitspraken verwezen naar de impact die uitlatingen door het gebruik van audiovisuele media kunnen hebben,25 op het kiezerspubliek dat via de nationale televisie kan worden bereikt,26 de omstandigheid dat een uitlating kan doordringen tot de intimiteit van de woning27 en de omstandigheid dat een publiek, onder wie minderjarigen, niet of nauwelijks aan een uitlating kan ontkomen.28

– Het EHRM ziet meer ruimte voor vrijheid van meningsuiting tijdens een debat (in de betekenis van een discussie tussen twee of meer deelnemers).29 De uitlatingen van verdachte zijn echter niet gedaan tijdens een debat, want het was verdachte die zijn aanhang en iedereen die hij via de media hoopte te bereiken, toesprak.

– De uitlatingen van verdachte zijn, zoals al vermeld, vooraf goed doordacht. Ze zijn tevoren besproken, er is gekozen voor een opruiende wijze van vraagstellen en er is voor gezorgd dat het publiek het juiste antwoord scandeerde. Het is juist in de spiegelbeeldige situatie dat het EHRM een groter gewicht toekent aan het recht op vrijheid van meningsuiting.30

– Bij de uitlatingen van verdachte was, zoals overwogen, sprake van een vooraf geregisseerde interactie met de zaal. Het EHRM heeft een veroordeling in een zaak tegen een Franse cabaretier in stand gelaten en daarbij betrokken dat het publiek na (antisemitische) uitlatingen werd uitgenodigd om te applaudisseren.31

De verdediging heeft aangevoerd dat de uitlatingen van verdachte op 19 maart 2014 consistent zijn met zijn al jarenlang uitgedragen standpunten, zoals ook neergelegd in de partijprogramma’s en verkiezingsprogramma’s van de PVV. Een oordeel over deze uitlatingen impliceert een politiek oordeel over het gedachtengoed van de PVV, aldus de verdediging.

De rechtbank deelt deze visie niet. In het partijprogramma of de verkiezingsprogramma’s van de PVV is dit namelijk niet terug te vinden. Als het daar of in eerdere toespraken van verdachte gaat over het “Marokkanenprobleem” dan wordt met name gedoeld op criminele Marokkanen. Deze beperking heeft verdachte in zijn speech nu juist bewust niet gemaakt. Hij heeft het over alle Marokkanen, over de hele bevolkingsgroep zonder enige nuance. Dat ligt niet in de lijn van eerdere standpunten. Hierbij past ook dat [getuige 2] dacht dat verdachte zich versprak op de markt op 12 maart 2014, dat deze uitlating voor [getuige 3] ook ‘uit de lucht kwam vallen’, dat [getuige 5] op 19 maart 2014 constateerde dat de politieke lijn van een week eerder weer werd aangezet en dat partijgenoten, zoals [getuige 1], [getuige 2] en [ex-partijgenoot], na 19 maart 2014, onder meer vanwege deze uitlatingen, uit de partij zijn gestapt.

Als de rechtbank alles in samenhang beziet dan ontstaat het volgend totaalbeeld: het gaat om een beledigende uitlating over een minderheidsgroep (Marokkanen) tijdens een verkiezingsbijeenkomst waarbij door verdachte is gekozen voor de grootst mogelijke impact door de wijze van vraagstelling, door het tevoren laten instrueren van het publiek en door gebruik te maken van de aanwezige audiovisuele media om zoveel mogelijk publiek te bereiken. Er was sprake van een opruiende, opzwepende vraagstelling en een eenduidige daadkrachtige conclusie die niet past binnen het PVV-partijprogramma. Dit alles was meteen en ook later te zien op tv. Daarmee werd geen bijdrage geleverd aan het publieke (integratie/immigratie-)debat.

Onder deze omstandigheden is het niet meer relevant dat verdachte vervolgens, nadat hij het podium had verlaten en ook nadien, een nadere uitleg heeft gegeven, zonder overigens zijn woorden terug te nemen. De boodschap was, precies zoals verdachte dat ook wilde, vanaf het podium via de media direct luid en duidelijk doorgekomen en had zijn werk gedaan.

Conclusie is dan ook dat de context het beledigende karakter niet kan wegnemen. Dat betekent dat de rechtbank niet toekomt aan de derde toets: de vraag of de uitlatingen onnodig grievend (al dan niet in de zin van onverdraagzaam) zijn.

Nadere toetsing aan artikel 10, tweede lid, van het EVRM

Het recht op vrijheid van meningsuiting staat een strafrechtelijke veroordeling voor de tenlastegelegde uitingsdelicten niet in de weg als zo’n veroordeling op grond van artikel 10, tweede lid, van het EVRM een toegelaten beperking van de vrijheid van meningsuiting vormt. Dat is het geval als deze beperking bij wet is voorzien, een gerechtvaardigd doel dient en noodzakelijk is in een democratische samenleving.32

Niet ter discussie staat dat de (mogelijke) beperking van de vrijheid van meningsuiting is voorzien bij wet. Daarnaast dient een mogelijke veroordeling van verdachte in elk geval de bescherming van de rechten van anderen als bedoeld in het tweede lid van artikel 10 van het EVRM. Dat betekent dat de vraag moet worden beantwoord of de inbreuk op de vrijheid van meningsuiting in de vorm van een strafrechtelijke veroordeling noodzakelijk is in een democratische samenleving.

De term ‘noodzakelijk’ houdt in dat er een dringende maatschappelijke noodzaak moet zijn voor zo’n beperking. De rechtbank moet daarbij de zaak ook hier weer als geheel tegen het licht houden en acht slaan op de inhoud van de uitlatingen en de context waarin deze zijn gedaan. De rechtbank moet vaststellen of de tussenkomst van de autoriteiten proportioneel was in relatie tot de legitieme doelstellingen van de beperking van de vrijheid van meningsuiting.

In zaken waarin uitlatingen gericht zijn op politici of autoriteiten en bedoeld zijn om (het gedrag of beleid van) machthebbers te bekritiseren, kent het EHRM een groot gewicht toe aan het recht op vrijheid van meningsuiting.33 In deze zaak heeft verdachte zich met zijn uitlatingen echter expliciet gericht op een minderheidsgroep in Nederland die hij als inferieur heeft weggezet. Het EHRM laat in verschillende uitspraken doorklinken dat juist in die situatie ook de vrijheid van meningsuiting van politici kan worden begrensd.34 Het strafbaar stellen van dergelijke uitlatingen is naar het oordeel van de rechtbank dan ook noodzakelijk in een democratische samenleving.

Alles overziend is de rechtbank van oordeel dat de uitlatingen van verdachte op 19 maart 2014 niet worden beschermd door het recht op vrijheid van meningsuiting zoals dat is neergelegd in artikel 10 van het EVRM.

Conclusie

Gelet op al hetgeen hiervoor is overwogen, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich op 19 maart 2014 samen met anderen (zijn publiek) schuldig heeft gemaakt aan groepsbelediging (feit 1 primair).

5.4.3.2 Is sprake van aanzetten tot haat en/of discriminatie in de zin van artikel 137d van het Wetboek van Strafrecht (feit 2)?

Bij de beantwoording van deze vraag dient de rechtbank de uitlatingen niet uitsluitend op zichzelf bezien, maar wederom tevens met inachtneming van de omstandigheden van het geval en in het licht van de associaties die deze wekken.35

Aanzetten

Hieronder moet worden begrepen: anderen trachten te bewegen in een ongeoorloofde richting, hen aan te sporen tot iets wederrechtelijks (hier: discriminatie en/of haat). De strekking van de uiting is daarbij doorslaggevend. Het is verder niet vereist dat de gedraging waartoe is aangezet zich daadwerkelijk voltrokken heeft, dan wel dat het redelijkerwijze waarschijnlijk te achten is dat deze zich zal voltrekken.

Aanzetten tot haat

Haat is een extreme emotie van diepe afkeer en vijandigheid. Voor het aanzetten tot haat moet in beginsel sprake zijn van een krachtversterkend element, waarbij anderen worden opgehitst of opgeroepen om iets te doen.36 Van een dergelijk element is bij de uitlatingen van verdachte geen sprake. Het gebruik van krachtige retoriek acht de rechtbank, anders dan de officieren van justitie, in dit verband onvoldoende. Dat betekent dat verdachte zal worden vrijgesproken van het aanzetten tot haat.

Aanzetten tot discriminatie

Het bestanddeel ‘aanzetten tot discriminatie’ vereist niet dat daadwerkelijk discriminatie heeft plaatsgevonden. Evenmin is een krachtversterkend element vereist. De rechtbank dient te beoordelen of de uitlating een aansporing bevat tot uitsluiting van de aangeduide groep personen. Waar artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht de daadwerkelijke inbreuk op de rechten van een bepaalde groep mensen (in de vorm van belediging) strafbaar stelt, doet artikel 137d van het Wetboek van Strafrecht dat ook voor wat betreft de dreigende schending van de rechten van personen.

Onder discriminatie wordt volgens artikel 90quater van het Wetboek van Strafrecht verstaan: “elke vorm van onderscheid, elke uitsluiting, beperking of voorkeur, die ten doel heeft of ten gevolge kan hebben dat de erkenning, het genot of de uitoefening op voet van gelijkheid van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden op politiek, economisch, sociaal of cultureel terrein of op andere terreinen van het maatschappelijk leven, wordt teniet gedaan of aangetast.”

Naar het oordeel van de rechtbank hebben de uitlatingen van verdachte van 19 maart 2014 een discriminatoir karakter. De strekking van de uitlatingen is namelijk onmiskenbaar om een onderscheid te maken tussen Marokkanen en andere bevolkingsgroepen in Nederland. Hiermee kunnen die uitlatingen, mede gelet op de reeds meermalen besproken omstandigheden waaronder deze zijn gedaan en in het bijzonder gelet op het opruiende karakter ervan, worden aangemerkt als uitlatingen die anderen aanzetten tot discriminatie van personen met een Marokkaanse afkomst.

Conclusie

Gelet op al hetgeen hiervoor is overwogen, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich samen met anderen (zijn publiek) schuldig heeft gemaakt aan het aanzetten tot discriminatie (feit 2 primair).

5.4.4

Feiten 3 en 4 (de uitlatingen op 12 maart 2014)

Is sprake van groepsbelediging en/of aanzetten tot haat en/of discriminatie in de zin van de artikelen 137c en 137d van het Wetboek van Strafrecht?

De ‘minder Marokkanen’-uitspraak op 12 maart 2014 heeft verdachte gedaan tijdens een interview op een markt in Den Haag, zonder dat sprake was van enige interactie met omstanders. Het heeft er verder alle schijn van dat verdachte deze uitspraak niet goed heeft doordacht. [getuige 1] heeft immers verklaard dat hij dacht dat verdachte tot deze uitspraak is gekomen omdat de meeste mensen die zij die dag spraken, klaagden over Marokkanen. Voorts heeft hij verklaard dat verdachte na het interview vroeg of hij het wel “zo kon zeggen”. [Getuige 2] dacht dat verdachte zich versprak en voor [getuige 3] kwam deze term “uit de lucht vallen”. Dit komt de rechtbank aannemelijk voor. Zij heeft voorts geconstateerd dat het interview is afgenomen vlak nadat verdachte werd aangesproken door een Nederlandse vrouw die vertelde dat ze nog anderhalf ton tegoed heeft, “weduwengeld, maar dat hebben ze aan de Turken en Marokkanen gegeven” en dat verdachte deze uitspraak doet vlak nadat zijn partijgenoot [partijgenoot] in het interview “een stop op de verdere islamisering van deze stad” benoemde.

Conclusie

Op basis van het vorenstaande acht de rechtbank niet bewezen dat verdachte op de markt in Loosduinen het (voorwaardelijk) opzet had om mensen met een Marokkaanse afkomst te beledigen of om aan te zetten tot discriminatie of haat. Verdachte zal om die reden worden vrijgesproken van deze feiten.

5.5

De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:

1.

op 19 maart 2014 te Den Haag, zich tezamen en in vereniging met anderen, in het openbaar, mondeling, opzettelijk beledigend heeft uitgelaten over een groep mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras, immers, tijdens een partijbijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de

gemeenteraadsverkiezingen, heeft hij, verdachte, aan het in die horecagelegenheid aanwezige publiek gevraagd:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

waarop een gedeelte van dat aanwezige publiek, meermalen antwoordden:

“minder”

waarna hij, verdachte, zei:

“Nah, dan gaan we dat regelen”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting werd opgenomen en op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en op de website www.nos.nl en andere websites werd geplaatst;

2.

op 19 maart 2014 te Den Haag, tezamen en in vereniging met anderen, in het openbaar, mondeling, heeft aangezet tot discriminatie van mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een partijbijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen, heeft hij, verdachte, aan het in die horecagelegenheid aanwezige publiek gevraagd:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

waarop een gedeelte van dat aanwezige publiek, meermalen antwoordde:

“minder”

waarna hij, verdachte, zei:

“Nah, dan gaan we dat regelen”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting is vastgelegd en op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en op de website www.nos.nl en andere websites werd geplaatst.

6De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

7De strafbaarheid van verdachte

7.1

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft erop gewezen dat verdachte is beëdigd als lid van de Staten-Generaal en dat hij daarbij een eed heeft afgelegd. Deze eed houdt onder andere een bijzonder plicht tot handelen in namens hen die dat zelf niet kunnen. Verdachte heeft de uitlatingen gedaan uit hoofde van zijn opdracht als volksvertegenwoordiger en zijn plicht om problemen die hij in Nederland signaleert te benoemen. De uitlatingen worden blijkens opiniepeilingen breed gedragen door het Nederlandse volk. Daar komt bij dat de opvattingen berusten op objectieve gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Ten slotte speelt de opdracht die verdachte heeft om te spreken ook een rol bij het beoordelen van de ontlastende functie van artikel 10 van het EVRM. Derhalve is sprake van een strafuitsluitingsgrond, te weten het ontbreken van de materiële wederrechtelijkheid, aldus de verdediging.

7.2

Het standpunt van het openbaar ministerie

De officieren van justitie hebben geconcludeerd tot verwerping van het verweer.

7.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt vast dat het beroep op het ontbreken van materiële wederrechtelijkheid reeds afstuit op het beginsel van subsidiariteit: er stonden verdachte andere wegen open om door hem gesignaleerde maatschappelijke problemen aan de orde te stellen.

Verdachte is dus strafbaar, omdat er ook overigens geen andere feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

8De strafoplegging

8.1

Het standpunt van het openbaar ministerie

De officieren van justitie hebben gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van € 5.000,-.

8.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft, gezien haar eerdere verweren, geen standpunt ingenomen over de strafmaat.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij haar overwegingen of een straf moet volgen, heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.

Met zijn uitlatingen op 19 maart 2014 tijdens een verkiezingsbijeenkomst heeft verdachte bijgedragen aan een verdere polarisatie binnen de Nederlandse samenleving. Dit terwijl juist in onze pluriforme maatschappij het gelijkheidsbeginsel en het respecteren van (rechten van) anderen van groot belang zijn. Dat verdachte zegt zich gesteund te voelen door mogelijk miljoenen mensen, maakt niet dat hem geen verwijt kan worden gemaakt. Groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie zijn strafbaar.

Daar staat tegenover dat het hoofddoel van dit strafproces de beantwoording van de vraag is of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan deze strafbare feiten. Met dit vonnis is die vraag beantwoord en daarmee is de in ons rechtsstelsel voor iedereen geldende norm bevestigd: je kunt niet met een beroep op de vrijheid van meningsuiting groepen beledigen of aanzetten tot discriminatie. Dat geldt ook voor een politicus.

Het gaat verder om een bijzondere, eigenlijk uitzonderlijke zaak, gelet op de positie van verdachte: een democratisch verkozen volksvertegenwoordiger, oprichter van de PVV en leider van de PVV-fractie in de Tweede Kamer.

Dit alles overziend, zal de rechtbank geen aansluiting zoeken bij straffen die in andere zaken zijn opgelegd, zoals de officieren van justitie hebben gedaan. De rechtbank ziet in de gegeven omstandigheden aanleiding te volstaan met de vaststelling dat verdachte zich als politicus schuldig heeft gemaakt aan groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie. Daarmee acht de rechtbank hem voldoende gestraft.

Verdachte zal dus schuldig worden verklaard zonder oplegging van straf.

9De vorderingen van de benadeelde partijen

9.1

Inleiding

In haar tussenuitspraak van 14 oktober 2016 heeft de rechtbank 3 vorderingen van benadeelde partijen buiten beschouwing gelaten en 18 benadeelde partijen kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er zijn nu nog 40 vorderingen aan de orde. Hiervan zijn er 35 ingediend door natuurlijke personen en 5 door rechtspersonen.

Een overzicht van de benadeelde partijen (genummerd 22 t/m 61) en de hoogte van hun vorderingen is vermeld in bijlage B en maakt onderdeel uit van dit vonnis.

9.2

De ontvankelijkheid van de benadeelde partijen

De rechtbank ziet zich, anders dan de verdediging, eerst voor de vraag gesteld of de benadeelde partijen in hun vorderingen kunnen worden ontvangen.

Voorop gesteld wordt dat degene die rechtstreeks schade heeft geleden door een strafbaar feit op grond van artikel 51f, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering zich met een vordering tot schadevergoeding als benadeelde partij kan voegen in het strafproces. Ook uit artikel 361, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering volgt onder andere dat de benadeelde partij alleen ontvankelijk is in haar vordering als sprake is als schade die rechtstreeks aan haar is toegebracht.

Zowel de officieren van justitie als de verdediging hebben betwist dat sprake is van rechtstreekse schade. De uitlatingen van verdachte waren namelijk algemeen en niet specifiek gericht op een van de benadeelde partijen.

De raadslieden van de benadeelde partijen hebben zich tegen dat standpunt verzet.

De rechtbank stelt voorop dat artikelen 137c en 137d van het Wetboek van Strafrecht zijn gerubriceerd onder de misdrijven tegen de openbare orde. Blijkens de wetsgeschiedenis zijn deze strafbaarstellingen “allereerst bestemd […] tot bescherming van de openbare orde” en pas “daarnaast tot bescherming van de eer en den goeden naam van de daarin genoemde […] groepen, en, eerst in de derde plaats en indirect (vetgedrukt door de rechtbank), ook bescherming verleenen aan de individueele personen, welke op een gegeven tijdstip min of meer toevallig die […] groepen vormen”.37

Verder hebben artikelen 137c en 137d van het Wetboek van Strafrecht een bijzonder karakter waar het gaat om de kring van mogelijke benadeelden, zoals ook de officieren van justitie naar voren hebben gebracht. Een uitlating die onder een van die artikelen valt heeft naar zijn aard immers al snel betrekking op een groot aantal personen, namelijk allen die binnen de beledigde of gediscrimineerde groep vallen. Dat al die personen zonder meer in hun vorderingen zouden kunnen worden ontvangen, past niet bij de accessoire plaats die de vordering van de benadeelde partij in het strafproces inneemt.

Anders dan de raadslieden van de benadeelde partijen is de rechtbank van oordeel dat uit het arrest van de Hoge Raad van 16 april 1996 valt af leiden dat in het geval van een groepsbelediging geen rechtstreekse schade wordt toegebracht aan de benadeelde partij als de strafbare uitlating onvoldoende specifiek op de betreffende benadeelde partij is gericht.38 Dat geldt naar het oordeel van de rechtbank ook in het geval van aanzetten tot discriminatie in de zin van artikel 137d van het Wetboek van Strafrecht. Het betreffen immers allebei delicten waarbij een bepaalde groep en in beginsel niet een individu wordt aangesproken.

Gesteld noch is gebleken dat uitlatingen van verdachte min of meer specifiek op een van de benadeelde partijen of hun leden of achterban waren gericht, zodat geen sprake is van rechtstreekse schade in de zin van artikel 361, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Dat brengt met zich dat de rechtbank de benadeelde partijen niet-ontvankelijk zal verklaren. De rechtbank komt daarmee niet toe aan een verdere, inhoudelijke beoordeling van de vorderingen.

9.3

De proceskosten

De verdediging heeft verzocht de benadeelde partijen te veroordelen in de kosten die verdachte ter verdediging tegen hun vorderingen heeft gemaakt. Vice versa hebben de raadslieden van de benadeelde partijen 26, 27, 30, 31, 36, 45, 46, 48, 50, 51 en 57 t/m 61 verzocht verdachte te veroordelen in de door hen gemaakte kosten.

Volgens artikel 237 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt de partij die in het vonnis in het ongelijk is gesteld in de kosten veroordeeld. In deze zaak kunnen de benadeelde partijen echter niet in hun vorderingen worden ontvangen, omdat binnen het beperkte kader van dit strafproces niet is gebleken van rechtstreekse schade. Verder kan niet worden gesteld dat de benadeelde partijen op enigerlei wijze misbruik hebben gemaakt van de mogelijkheid zich in het strafproces te voegen. Hun vorderingen zijn namelijk niet zonder redelijke aanleiding of grond ingediend en evenmin kan worden gesteld dat deze evident onzinnig waren.

Alles overwegende zal de rechtbank de kosten die in verband met de vorderingen zijn gemaakt over en weer compenseren en bepalen dat verdachte en de benadeelde partijen, als vermeld in bijlage B, ieder hun eigen kosten dragen.

10De beslissing

De rechtbank:

verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 3 en 4 ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij;

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde feiten heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:

de eendaadse samenloop van:

met twee of meer verenigde personen het zich in het openbaar mondeling beledigend uitlaten over een groep mensen wegens hun ras;

en

met twee of meer verenigde personen het in het openbaar mondeling aanzetten tot discriminatie van mensen wegens hun ras;

verklaart het bewezenverklaarde en verdachte deswege strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

bepaalt dat geen straf of maatregel wordt opgelegd;

verklaart de benadeelde partijen, als vermeld in bijlage B, niet-ontvankelijk in hun vorderingen tot schadevergoeding;

bepaalt dat de benadeelde partijen en verdachte ieder hun eigen kosten dragen.

Deze uitspraak is gewezen door:

mr. H. Steenhuis, voorzitter,

mr. E.A.G.M. van Rens, rechter,

mr. S.M. Krans, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. S.N. Mentrop-Huliselan, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 9 december 2016.

Bijlage A: De tenlastelegging

1.

hij op 19 maart 2014 te Den Haag, zich tezamen en in vereniging met (een)n ander(en), in het openbaar, mondeling, opzettelijk beledigend heeft uitgelaten over een groep mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de

gemeenteraadsverkiezingen, heeft hij, verdachte, tegen en/of aan het in die horecagelegenheid aanwezige publiek gezegd en/of gevraagd:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

waarop/waarna een gedeelte van dat aanwezige publiek, althans één of meer perso(o)n(en) zestien maal, althans een- of meermalen antwoordde/antwoordden, althans riep/riepen:

“minder!”

waarna hij, verdachte, zei:

“Nah, dan gaan we dat regelen”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst;

art 137c lid 2 Wetboek van Strafrecht

art 137c lid 1 Wetboek van Strafrecht

subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op 19 maart 2014 te Den Haag, zich in het openbaar, mondeling, opzettelijk beledigend heeft uitgelaten over een groep mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de

gemeenteraadsverkiezingen, heeft hij, verdachte, tegen en/of aan het in die horecagelegenheid aanwezige publiek gezegd en/of gevraagd:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?” en/of

nadat een gedeelte van dat aanwezige publiek, althans één of meer aanwezige perso(o)n(en) zestien maal, althans een- of meermalen “minder” had(den) geantwoord, althans had(den) geroepen, “Nah, dan gaan we dat regelen”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst;

art 137c lid 1 Wetboek van Strafrecht

meer subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

één of meer perso(o)n(en) op 19 maart 2014 te Den Haag, zich tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, in het openbaar, mondeling, opzettelijk beledigend heeft/hebben uitgelaten over een groep mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de

gemeenteraadsverkiezingen, heeft/hebben die één of meer perso(o)n(en) (te weten een gedeelte van het in die horecagelegenheid aanwezige publiek) in reactie en/of antwoord op zijn,

verdachtes, uitlating en/of vraag:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

zestien maal, althans een- of meermalen geantwoord, althans geroepen:

“minder!”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst

welk feit verdachte op 19 maart 2014 te Den Haag opzettelijk heeft uitgelokt door het verschaffen van gelegenheid, welke opzettelijke uitlokking hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, tegen en/of aan die één of meer perso(o)n(en) bovengenoemde uitlating heeft gedaan en/of bovengenoemde vraag heeft gesteld;

art 47 lid 1 sub 2 Wetboek van Strafrecht

art 137c lid 2 Wetboek van Strafrecht

art 137c lid 1 Wetboek van Strafrecht

meest subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

één of meer perso(o)n(en) op 19 maart 2014 te Den Haag, zich tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, in het openbaar, mondeling, opzettelijk beledigend heeft/hebben uitgelaten over een groep mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de

gemeenteraadsverkiezingen, heeft/hebben die één of meer perso(o)n(en) (te weten een gedeelte van het in die horecagelegenheid aanwezige publiek) in reactie en/of antwoord op zijn,

verdachtes, uitlating en/of vraag:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

zestien maal, althans een- of meermalen geantwoord, althans te geroepen:

“minder!”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst

welk feit verdachte op 19 maart 2014 te Den Haag opzettelijk heeft doen plegen, welk doen plegen hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, tegen en/of aan die één of meer perso(o)n(en) bovengenoemde uitlating heeft gedaan en/of bovengenoemde vraag heeft gesteld;

art 47 lid 1 sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 137c lid 2 Wetboek van Strafrecht

art 137c lid 1 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op 19 maart 2014 te Den Haag, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), in het openbaar, mondeling, heeft aangezet tot haat tegen en/of discriminatie van mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen, heeft hij, verdachte, tegen en/of aan het in die horecagelegenheid aanwezige publiek gezegd en/of gevraagd:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

waarop/waarna een gedeelte van dat aanwezige publiek, althans één of meer perso(o)n(en) zestien maal, althans een- of meermalen antwoordde/antwoordden, althans riep/riepen:

“minder!”

waarna hij, verdachte, zei:

“Nah, dan gaan we dat regelen”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst;

art 137d lid 2 Wetboek van Strafrecht

art 137d lid 1 Wetboek van Strafrecht

subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op 19 maart 2014 te Den Haag, in het openbaar, mondeling, heeft aangezet tot haat tegen en/of discriminatie van mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen, heeft hij, verdachte, tegen en/of aan het in die horecagelegenheid aanwezige publiek gezegd en/of gevraagd:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?” en/of

nadat een gedeelte van dat aanwezige publiek, althans één of meer aanwezige perso(o)n(en) zestien maal, althans een- of meermalen “minder” had(den) geantwoord, althans had(den) geroepen, “Nah, dan gaan we dat regelen”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst;

art 137d lid 1 Wetboek van Strafrecht

meer subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

één of meer perso(o)n(en) op 19 maart 2014 te Den Haag, zich tezamen en in

vereniging met (een) ander(en), althans alleen, in het openbaar, mondeling,

heeft/hebben aangezet tot haat tegen en/of discriminatie van mensen, te weten

Marokkanen, wegens hun ras,

immers,

tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de

gemeenteraadsverkiezingen,

heeft/hebben die één of meer perso(o)n(en) (te weten een gedeelte van het in

die horecagelegenheid aanwezige publiek) in reactie en/of antwoord op zijn,

verdachtes, uitlating en/of vraag:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of

minder Marokkanen?”

zestien maal, althans een- of meermalen geantwoord, althans geroepen:

“minder!”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst

welk feit verdachte op 19 maart 2014 te Den Haag opzettelijk heeft uitgelokt door het verschaffen van gelegenheid, welke opzettelijke uitlokking hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, tegen en/of aan die één of meer perso(o)n(en) bovengenoemde uitlating heeft gedaan en/of bovengenoemde vraag heeft gesteld;

art 47 lid 1 sub 2 Wetboek van Strafrecht

art 137d lid 2 Wetboek van Strafrecht

art 137d lid 1 Wetboek van Strafrecht

meest subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

één of meer perso(o)n(en) op 19 maart 2014 te Den Haag, zich tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, in het openbaar, mondeling, heeft/hebben aangezet tot haat tegen en/of discriminatie van mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers, tijdens een (partij)bijeenkomst in een horecagelegenheid in het kader van de

gemeenteraadsverkiezingen, heeft/hebben die één of meer perso(o)n(en) (te weten een gedeelte van het in die horecagelegenheid aanwezige publiek) in reactie en/of antwoord op zijn, verdachtes, uitlating en/of vraag:

“ik vraag aan jullie, willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?”

zestien maal, althans een- of meermalen geantwoord, althans te geroepen:

“minder!”

hetgeen door de Nederlandse Omroep Stichting en/of diverse andere nationale en/of regionale omroepen werd opgenomen/vastgelegd en/of (vervolgens) op de Nederlandse televisie werd uitgezonden en/of op de website www.nos.nl en/of andere website(s) werd geplaatst

welk feit verdachte op 19 maart 2014 te Den Haag opzettelijk heeft doen plegen, welk doen plegen hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, tegen en/of aan die één of meer perso(o)n(en) bovengenoemde uitlating heeft gedaan en/of bovengenoemde vraag heeft gesteld;

art 47 lid 1 sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 137d lid 2 Wetboek van Strafrecht

art 137d lid 1 Wetboek van Strafrecht

3.

hij op 12 maart 2014 te Den Haag, zich in het openbaar, mondeling, opzettelijk beledigend heeft uitgelaten over een groep mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers heeft hij, verdachte, in/tijdens een interview met een journalist van de Nederlandse Omroep Stichting, dat werd uitgezonden op de Nederlandse televisie en/of dat werd geplaatst op de website www.nos.nl, gezegd, althans de volgende uitlating gedaan:

“Belangrijkste is toch voor de mensen hier op de markt de Hagenaars, Hagenezen en Scheveningers zoals Léon dat altijd netjes en terecht noemt. Voor die mensen doen we het nu. Die stemmen nu op een veiliger en socialer en in ieder geval een stad met minder lasten en als het even kan ook wat minder Marokkanen”;

art 137c lid 1 Wetboek van Strafrecht

4.

hij op 12 maart 2014 te Den Haag, in het openbaar, mondeling, heeft aangezet tot haat tegen en/of discriminatie van mensen, te weten Marokkanen, wegens hun ras,

immers heeft hij, verdachte, in/tijdens een interview met een journalist van de Nederlandse Omroep Stichting, dat werd uitgezonden op de Nederlandse televisie en/of dat werd geplaatst op de website www.nos.nl, gezegd, althans de volgende uitlating gedaan:

“Belangrijkste is toch voor de mensen hier op de markt de Hagenaars, Hagenezen en Scheveningers zoals Léon dat altijd netjes en terecht noemt. Voor die mensen doen we het nu. Die stemmen nu op een veiliger en socialer en in ieder geval een stad met minder lasten en als het even kan ook wat minder Marokkanen”;

art 137d lid 1 Wetboek van Strafrecht

Bijlage B: De benadeelde partijen

De natuurlijke personen:

22. [ [benadeelde partij 22], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 23], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 24], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 25], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 26], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 27], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 28], een bedrag van € 200,-;

22. [ [benadeelde partij 29], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 30], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 31], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 32], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 33], een bedrag van € 0,01;

22. [ [benadeelde partij 34], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 35], een bedrag van € 350,-;

22. [ [benadeelde partij 36], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 37], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 38], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 39], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 40], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 41], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 42], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 43], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 44], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 45], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 46], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 47], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 48], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 49], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 50], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 51], een bedrag van € 500,-;

22. [ [benadeelde partij 52], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 53], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 54], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 55], een bedrag van € 250,-;

22. [ [benadeelde partij 56], een bedrag van € 250,-;

De rechtspersonen:

57. Euro-Mediterraan Centrum Migratie & Ontwikkeling, geen bedrag, publicatie;

58. Stichting Het Landelijk Beraad Marokkanen, geen geldbedrag, publicatie;

59. Stichting Iedereen Gelijk, een bedrag van € 1,-;

60. Stichting Samenwerkingsverband Marokkaanse Nederlanders, een bedrag van € 1,-;

61. Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland, geen bedrag, terugnemen uitspraak en maken excuses.

1Rechtbank Den Haag 7 april 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:3630.

2Rechtbank Den Haag 14 oktober 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:12362.

3Vgl. HR 6 november 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX4280 en HR 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:7.

4Vgl. ook HR 19 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:23.

5EHRM 23 april 1992, NJ 1994, 102.

6HR 16 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3583.

7Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt – tenzij anders vermeld – bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Waar wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL2014 059080, van de politie eenheid Den Haag, Dienst Regionale Recherche, met bijlagen (doorgenummerd blz. 1 t/m 464).

8Eigen waarneming van de rechtbank op de terechtzitting van 31 oktober 2016; proces-verbaal van bevindingen, p. 14 en 15.

9Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1], p. 279 en 281.

10Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2], blz. 335.

11Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 3], p. 421.

12Proces-verbaal van bevindingen, p. 22-26.

13Eigen waarneming van de rechtbank op de terechtzitting van 31 oktober 2016; proces-verbaal van bevindingen, p. 30 en 31.

14Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2], p. 422 en 423.

15Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 4], p. 429-432.

16Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 5], p. 438.

17http://nos.nl/video/625574-pvv-aanhang-scandeert-minder-marokkanen.htmlhttp://nos.nl/video/622346-wilders-kiezer-zal-pvv-niet-afstraffen.htmlhttp://www.rtlnieuws.nl/nieuws/special/wilders-willen-jullie-meer-minder-marokkanenhttp://www.nu.nl/politiek/3730669/geert-wilders-belooft-minder-marokkanen-in-haag.htmlhttp://www.nu.nl/politiek/3898876/wilders-verdacht-van-aanzetten-discriminatie.html.

18De eigen verklaring van verdachte ter terechtzitting van 23 november 2016.

19Kamerstukken II 1967-1968, 9724, nr. 3, p. 4.

20HR 14 maart 1989, NJ 1990, 29; HR 1 mei 1990, NJ 1991, 75; HR 29 maart 2016, ECLI:HR:2016:511.

21Vgl. HR 22 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ9796.

22Kamerstukken II 1969-1970, 9724, nr. 6, p. 4.

23Zie hiervoor onder 5.1.

24Proces-verbaal van relaas, p. 12.

25EHRM 23 september 1994, appl. nr. 15890/89 (Jersild tegen Denemarken).

26EHRM 19 juni 2003, appl. nr. 49017/99 (Pedersen en Baadsgaard tegen Denemarken).

27EHRM 22 april 2013, appl. nr. 48876/08 (Animal Defenders International tegen het Verenigd Koninkrijk).

28EHRM 9 februari 2012, appl. nr. 1813/07 (Vejdeland tegen Zweden).

29EHRM 4 december 2003, appl. nr. 35071/97 (Müslüm Gündüz tegen Turkije).

30EHRM 25 november 1999, appl. nr. 23118/93 (Nilsen en Johnsen tegen Noorwegen), EHRM 29 februari 2000, appl. nr. 39293/98 (Fuentes Bobo tegen Spanje), EHRM 21 maart 2000, appl. nr. 24773/94 (Andreas Wabl tegen Oostenrijk) en EHRM 11 januari 2011, appl. nr. 4035/08 (Barata Monteiro Da Costa Nogueira en Patrício Pereira tegen Portugal).

31EHRM 20 oktober 2015, appl. nr. 25239/13 (M’bala M’bala tegen Frankrijk).

32HR 16 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3583.

33EHRM 23 april 1992, NJ 1994, 102 (Castells tegen Spanje), EHRM 11 april 2006, appl. nr. 71343/01 (Brasilier tegen Frankrijk), EHRM 7 november 2006, appl. nr. 12697/03 (Mamère tegen Frankrijk), EHRM 1 februari 2011, appl. nr. 16853/05 (Faruk Temel tegen Turkije) en EHRM 15 maart 2011, appl. nr. 2034/07 (Otegi Mondragon tegen Spanje).

34EHRM 23 september 1994, appl. nr. 15890/89 (Jersild tegen Denemarken), EHRM 16 november 2004, appl. nr. 23131/03 (Norwood tegen het Verenigd Koninkrijk), EHRM 6 juli 2006, appl. nr. 59405/00 (Erbakan tegen Turkije), EHRM 10 juli 2008, appl. nr. 15948/03 (Soulas en anderen tegen Frankrijk), EHRM 16 juli 2009, appl. nr. 15615/07 (Féret tegen België), EHRM 20 april 2010, appl. nr. 18788/09 (Le Pen tegen Frankrijk), EHRM 9 februari 2012, appl. nr. 1813/07 (Vejdeland tegen Zweden) en EHRM 15 oktober 2015, appl. nr. 27510/08 (Perinҫek tegen Zwitserland). In de uitspraak van Perinҫek tegen Zwitserland heeft het EHRM daarbij nog overwogen dat een veroordeling bij uitlatingen die zijn gedaan tegen een gespannen politieke en sociale achtergrond eerder kan worden geaccepteerd.

35HR 23 november 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM9135.

36Zie in dit verband ook rechtbank Amsterdam 23 juni 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ9001.

37Kamerstukken II 1933-1934, 237, nr. 5, p. 16.

38HR 16 april 1996, NJ 1996, 527.

Reacties uitgeschakeld voor Noot 31/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 30/VERZET

[30]

RECHTSPRAAK.NL

STRAFZAAK WILDERS

https://www.rechtspraak.nl/Bekende-rechtszaken/Strafzaak-Wilders

DE STAND VAN ZAKEN

De Hoge Raad heeft op dinsdag 6 juli 2021 de uitspraak van het hof in Den Haag in de ‘minder minder’-zaak in stand gelaten (hogeraad.nl)U verlaat Rechtspraak.nl

Daarmee is de veroordeling van Geert Wilders definitief geworden. Lees hier het vonnis.

Het gerechtshof veroordeelde op vrijdag 4 september 2020 Wilders voor groepsbelediging. Voor het aanzetten tot discriminatie, waarvoor hij in 2016 door de rechtbank Den Haag nog werd veroordeeld, volgde voor het hof vrijspraak. Hij kreeg geen straf.

ONTWIKKELINGEN

DatumOmschrijvingMeer informatie
6 juli 2021Uitspraak van de Hoge Raad: de veroordeling van het hof blijft in stand (hogeraad.nl)U verlaat Rechtspraak.nl.Uitspraak: ECLI:NL:HR:2021:1036
18 mei 2021Advies aan de Hoge Raad (hogeraad.nl)U verlaat Rechtspraak.nl door procureur-generaal.Advies: ECLI:NL:PHR:2021:487
4 september 2020Uitspraak van het hof: de heer Wilders wordt veroordeeld voor groepsbelediging. Hij krijgt geen straf.Uitspraak: ECLI:NL:GHDHA:2020:1606
24 augustus 2020Laatste zitting van de inhoudelijke behandeling, met het laatste woord van de heer Wilders (informatie vooraf)
8 juli 2020Zitting (uitspraak in zaak Wilders verwacht op 4 september 2020) 
3 juli 2020Zitting 
29 juni 2020Zitting 
3 juni 2020Informatie voor media over de zitting van 29 juni 2020 
7 mei 2020Relevante uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland: Herstelonderzoek documenten vervolging Wilders zorgvuldig verricht.Uitspraak: ECLI:NL:RBMNE:2020:1797
23 maart 2020Beslissing hof: vanwege de uitbraak van het coronavirus wordt de inhoudelijke behandeling niet in april hervat.
16 maart 2020Beslissing hof: vanwege de uitbraak van het coronavirus wordt de inhoudelijke behandeling niet op 23 maart hervat, maar op 6 april.
5 februari 2020Zittingsdag inhoudelijk behandeling. Uitstel tot 23 maart om alle vrijgegeven stukken te kunnen bestuderen.
9 december 2019Hof besluit tot het aanhouden van de zaak tot 5 februari.
7 november 2019Relevante uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland: minister Grapperhaus heeft Wob-verzoek van RTL Nieuws te beperkt opgevat.Uitspraak: ECLI:NL:RBMNE:2019:5147
16 oktober 2019Dupliek (verdediging), laatste woord
De raadsheren hebben de zaak ‘aangehouden’. Ze willen wachten op documenten die op verzoek van de minister van Veiligheid en Justitie worden opgevraagd bij het OM en het departement.
11 oktober 2019Repliek (OM) en reacties benadeelde partijen
3 t/m 23 september 2019Pleidooi verdediging
2-3 juli 2019Requisitoir van het OM
17 juni 2019Informatie voor media over voortzetting proces
10 januari 2019Haagse hof honoreert diverse onderzoekswensen verdediging
22 november 2018Informatie voor media rondom de regiezittingen
6 juli 2018Data waarop het hof de zaak voortzet
5 juni 2018Het gerechtshof Den Haag heeft nieuwe raadsheren aangewezen voor het vervolg van het hoger beroep
18 mei 2018Wrakingsverzoek toegewezen (gerechtshof Amsterdam)Beslissing: ECLI:NL:GHDHA:2018:1211
17 mei 2018Wraking strafkamer gerechtshof Den Haag
9 november 2017Beslissingen Haagse hof op verzoeken regiezittingen
26 oktober 2017Reactie voorzitter gerechtshof op vraag Geert Wilders tijdens regiezitting over haar rol als voorzitter van een stichting
9 december 2016Rechtbank veroordeelt Wilders voor groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie. De rechtbank legt geen straf opUitspraak: ECLI:NL:RBDHA:2016:15014
11 november 2016Wrakingskamer wijst wrakingsverzoek verdediging afBeslissing: ECLI:NL:RBDHA:2016:13520
14 oktober 2016Rechtbank oordeelt dat Openbaar Ministerie ontvankelijk is in de strafvervolgingBeslissing: ECLI:NL:RBDHA:2016:12362
7 april 2016De rechtbank oordeelt dat de verdediging van Wilders aanvullend op het huidige onderzoek nog 20 mensen die aangifte hebben gedaan, mag horen als getuigen

EINDE

WIKIPEDIA

EERSTE ZAAK-GEERT WILDERS

https://nl.wikipedia.org/wiki/Eerste_zaak-Geert_Wilders

WIKIPEDIA

TWEEDE ZAAK-GEERT WILDERS

https://nl.wikipedia.org/wiki/Tweede_zaak-Geert_Wilders

Reacties uitgeschakeld voor Noot 30/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 29/VERZET

[29]

NU.NL

UITTOCHT PVV NA MAROKKANEN-UITSPRAAK WILDERS

21 MAART 2014

https://www.nu.nl/weekend/3732540/uittocht-bij-pvv-marokkanen-uitspraken-wilders.html

De maatschappelijke en politieke druk tegen Geert Wilders neemt steeds verder toe. Vrijdag keerde het kabinet zich bij monde van vice-premier Lodewijk Asscher openlijk tegen de uitlatingen van de PVV-leider.

Vrijdag verloor de PVV bovendien een hele reeks aan prominenten. Tweede Kamerlid Joram van Klaveren stapte uit de fractie naar aanleiding van de uitspraken van Geert Wilders over Marokkanen. 

Zijn collega Roland van Vliet ging hem donderdag al voor. Beiden gaan door als zelfstandig Kamerlid. Ook het PVV-gemeenteraadslid Chris van der Helm in Den Haag is opgestapt.

Partijleider van de PVV in Brussel Laurence Stassen heeft er vrijdagavond eveneens de brui aan gegeven wegens onverenigbaarheid met de uitspraken van Wilders. 

Ook de PVV-vertegenwoordiging in Flevoland dreigt er deels de brui aan te geven. Het grootste deel van de PVV-fractie van de Provinciale Staten en bijna alle PVV-raadsleden van de gemeente Almere leken vrijdag de partij te verlaten, maar krabbelden in de nacht van vrijdag op zaterdag weer terug. Zij geven Geert Wilders toch  nog een kans om afstand te nemen van zijn uitspraken.

De Almeerders zeiden in hun aanvankelijke verklaring dat ze achter het PVV-partijprogramma staan, maar dat het standpunt van Wilders ”niet het onze” is. Wel werd Chris Jansen, de tweede man in de fractie zaterdagochtend uit de fractie gezet “omdat hij zijn eigen koers ging varen”. 

Ook twee leden van de Provinciale Statenfractie in Friesland keerden de partij de rug toe. Het gaat om fractievoorzitter Otto van der Galiën en Pieter Buisman. Een ander lid, Jelle Hiemstra, was al eerder opgestapt. 

‘Triest hoofdstuk’

Vicepremier Lodewijk Asscher noemde vrijdag het optreden van de PVV-leider tijdens de verkiezingsavond ”een triest hoofdstuk in onze politieke geschiedenis”. Hij onderstreepte namens het voltallige kabinet te spreken.

Wie bang is geworden na de taferelen bij de PVV-bijeenkomst, moet weten dat de rechtsstaat hen beschermt, verzekerde Asscher. Hij beschouwt de uitlatingen van Wilders als discriminerend.

Oorsprong van alle verontwaardiging zijn Wilders’ uitspraken tijdens de uitslagenavond naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen in Den Haag. 

Hij vroeg aan zijn partijgenoten of zij “meer of minder Marokkanen in Den Haag willen”. De zaal scandeerde daarop dat ze minder Marokkanen willen. “Dan gaan we dat regelen”, antwoordde Wilders.

Aangiften

Of de PVV’er haat heeft gezaaid, is aan de beoordeling van het Openbaar Ministerie (OM). Het OM liet weten dat er veel aangiften tegen Wilders bijkomen en dat de website politie.nl duizenden meldingen van discriminatie ontvangt.

Minister Frans Timmermans van Buitenlandse Zaken ziet één positief aspect aan de gebeurtenissen, namelijk dat er een maatschappelijke discussie op gang is gekomen over de uitspraken van Wilders. Marokkaanse Nederlanders, voegde de bewindsman vrijdag na het kabinetsberaad toe, zijn net zo Nederlands als ik en u.

Op lokaal niveau heeft in beide gemeenten waar de Partij voor de Vrijheid aan de verkiezingen meedeed, Den Haag en Almere, de VVD openlijk afstand genomen van het optreden van de PVV-leider.

De liberalen willen niet met de PVV samenwerken zolang de partij geen afstand van Wilders’ uitspraken neemt. Dat komt overeen met het standpunt dat premier Mark Rutte eerder innam.

Bekijk hier de gewraakte speech van Wilders:

EINDE


NU.NL

OPNIEUW KAMERLID WEG OM UITSPRAKEN

WILDERS

21 MAART 2014

https://www.nu.nl/politiek/3732466/opnieuw-pvv-kamerlid-weg-uitspraken-wilders.html

Tweede Kamerlid Joram van Klaveren is donderdag uit de PVV-fractie gestapt vanwege de uitspraken van partijleider Geert Wilders over Marokkanen. 

Voor Van Klaveren zijn de uitspraken van Wilders op de verkiezingsavond woensdag over ‘minder Marokkanen’ “mede-aanleiding voor het besluit”, maar speelde er meer.

In een brief aan de fractie zegt hij dat hij na lang wikken en wegen tot de conclusie is gekomen ”dat de weg die wij als Partij voor de Vrijheid bewandelen inmiddels vruchteloos is geworden”.

In Den Haag vertrekt bovendien PVV’er Chris van der Helm. Hij werd woensdag gekozen tot gemeenteraadslid, maar is nog niet geïnstalleerd in de nieuwe raad.

Ook Van der Helm stapt op vanwege de Marokkanen-uitlatingen van Wilders. ”Deze uitspraken maken van Nederland geen beter land en van Den Haag geen betere stad”, aldus citeert Omroep West uit een korte verklaring van Van der Helm.

Donderdag stapte Tweede Kamerlid Roland van Vliet om dezelfde reden al op.

‘Opgeschoven’

Volgens Joram van Klaveren is Wilders op verschillende terreinen opgeschoven in een richting ”die niet de mijne” is.

”Niet de oplossingen voor grote vraagstukken als de multiculturele samenleving (toenemende invloed van de islam), veiligheid en een almaar groeiende overheid lijken (wellicht onbedoeld) nog langer centraal te staan als doel, maar het groeien in zetelaantal en het genereren van media-aandacht. Dit is uiteraard een onderdeel van ‘het spel’ maar het is niet mijn drijfveer om actief te zijn in de politiek”, schrijft Van Klaveren.

Zo wijst hij erop dat het uitleg geven over standpunten over immigratie, integratie en de islam meer en meer naar de achtergrond is verdwenen.

Hij zegt verder dat hij de volgens hem relatief linkse sociaal-economische agenda van de PVV altijd op de koop heeft toegenomen ”omdat onze visie op immigratie en veiligheid voor mij leidend was”. Ook betreurt hij het dat ”het doorgroeien en het bedrijven van volwassen politiek niet is gelukt en als gevolg van verschillende oorzaken ook niet zal gebeuren”.

Net als Van Vliet gaat Van Klaveren door als eenmansfractie. Wilders noemde Van Klaveren vorige week nog als kandidaat om de eerste PVV-burgemeester van Nederland (Almere) te worden.

Persoonlijk besluit

Van der Helm laat in een telefonische toelichting aan het ANP weten dat zijn vertrek een ‘persoonlijk besluit’ was, genomen na de roemruchte verkiezingsavond waar Wilders zijn publiek liet scanderen om minder Marokkanen. Zelf zegt Van der Helm niet meegeroepen en -geklapt te hebben. “Ik voelde me voor het blok gezet, en voelde me er niet senang bij.”

De Haagse PVV-fractie was onbereikbaar voor commentaar, evenals fractievoorzitter Leon de Jong.

De gemeente Den Haag heeft nog niets gehoord van Van der Helm. Volgens de gemeente is hij verkozen en kan hij in de raad plaatsnemen als hij dat wil. Zijn zetel blijft van hem, tenzij hij besluit zijn zetel in te leveren. Volgende week zal hij dan de eed afleggen, aldus de gemeente.

Kabinet haalt uit

Vicepremier Lodewijk Asscher heeft namens het voltallige kabinet hard uitgehaald naar PVV-leider Geert Wilders. Hij zei met walging naar de beelden te hebben gekeken van een café vol PVV-aanhangers die Wilders toeriepen dat ze minder Marokkanen in Nederland willen.

Wilders kreeg woensdag veel kritiek op uitspraken tijdens de uitslagenavond naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen in Den Haag.

Hij vroeg aan zijn partijgenoten of zij “meer of minder Marokkanen in Den Haag willen”. De zaal scandeerde daarop dat ze minder Marokkanen willen. “Dan gaan we dat regelen”, antwoordde Wilders.

Geen signaal

Na het vertrek van Van Vliet zei Geert Wilders donderdagavond “niet te vrezen voor meer opstappers”. “Ik heb geen enkel signaal daarover ontvangen. Er is geen onvertogen woord gevallen”, reageerde de PVV-leider.

Van Vliet verwachtte juist dat er wel meer mensen binnen de fractie zijn die kritiek hebben over de uitlatingen van Wilders. “Meer mensen zullen ongetwijfeld zo denken. Niet iedereen reageert juichend op wat nu in de PVV is gebeurd.”

Voor Van Vliet verlieten ook Marcial Hernandez, Wim Kortenoeven, Hero Brinkman, James Sharpe, Jhim van Bemmel, Eric Lucassen en Louis Bontes sinds 2010, om uiteenlopende redenen, de fractie.

EINDE

NU.NL

PVV’ER VAN VLIET STAPT UIT FRACTIE NA UITSPRAKEN

WILDERS

20 MAART 2014

https://www.nu.nl/politiek/3731687/pvver-van-vliet-stapt-fractie-uitspraken-wilders.html

PVV-Kamerlid Roland van Vliet stapt per direct uit de fractie naar aanleiding van de uitspraken over Marokkanen van Geert Wilders.

Dat meldt RTL Nieuws.

“Het voelt als een bevrijding”, aldus Van Vliet. “Ik moest voor mezelf iets goedpraten. Dat kan ik niet. Er zijn zoveel Marokkanen die het goed doen in Nederland.”

“Eerst ging het over islamitische uitwassen, toen ging het over criminelen en nu gaat het over de hele groep. Het is een glijdende schaal. Dit is de druppel die de emmer doet overlopen. Per direct stap ik uit de fractie.”

Van Vliet is momenteel voorzitter van de parlementaire enquetecommissie woningcorporaties. Sinds 2010 is hij de zevende PVV-parlementariër die opstapt.

Onafhankelijk

Van Vliet gaat als onafhankelijk Kamerlid verder. “De parlementaire enquête naar woningcorporaties is mijn magnum opus en wil ik graag als onafhankelijk Kamerlid afmaken.”

Wilders reageert teleurgesteld: “Ik betreur zijn vertrek, was volgens mij onnodig. Jammer. Ik ga niet met modder gooien, Van Vliet was zeker niet het slechtste kamerlid voor de PVV”, voegt Wilders daar nog aan toe.

Opstappers

De PVV-leider zegt niet te twijfelen aan zijn leiderschap, en vreest niet voor meer opstappers. “Ik heb geen enkel signaal daarover ontvangen. Er is geen onvertogen woord gevallen”, zo zei hij na een fractieberaad van de PVV waar de kwestie is besproken. 

Volgens Van Vliet zou er binnen de PVV juist meer kritiek zijn op de uitlatingen van Wilders. “Meer mensen zullen ongetwijfeld zo denken. Niet iedereen reageert juichend op wat nu in de PVV is gebeurd.”

Hij spreekt van “weinig saamhorigheidsgevoel” in de fractie. Hij weet nog niet hoeveel schade de ophef doet voor de partij: “Dat is koffiedik kijken. Geert Wilders is een overlevingskunstenaar.”

Geen afstand

Wilders ziet geen aanleiding om afstand te nemen van zijn uitlatingen. “Ik zou het onmiddelijk weer doen.”

“Ik mag hopelijk toch zeggen wat ik vind. Ik ben niet te ver gegaan, geen woord verkeerd gezegd”, aldus Wilders. “Als ik zeg ‘minder Marokkanen’, dan dat is niet hetzelfde als zeggen dat alle Marokkanen het land uitmoeten. Dat bereik je door criminele Marokkanen het land uit te zetten en geen nieuwe toe te laten. Ook willen we de remigratie van Marokkanen bevorderen.”

Bekijk de reactie van Wilders op het opstappen van Van Vliet:

Graus

Ook PVV-Kamerlid Dion Graus reageerde verbaasd op het vertrek van Van Vliet. “Ik begrijp er niets van. In ons programma staat al vanaf het begin een stop op massa-immigratie. Daar is hij toch ook mee akkoord gegaan.” 

“Ik weet het ook allemaal niet meer. Ik ga met de dag meer vertrouwen in dieren dan in mensen krijgen”, aldus Graus. 

Marokkanen

Wilders kreeg woensdag veel kritiek op uitspraken tijdens de uitslagenavond naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen in Den Haag.

Hij vroeg aan zijn partijgenoten of zij “meer of minder Marokkanen in Den Haag willen”. De zaal scandeerde daarop dat ze minder Marokkanen willen. “Dan gaan we dat regelen”, antwoordde Wilders.

Racisme

Emile Roemer (SP) reageerde fel: “Dit riekt naar haatzaaien en racisme.” VVD-fractieleider Halbe Zijlstra vond het “misselijkmakend”. Met een dergelijke visie zal de VVD nooit kunnen samenwerken, zei hij.

CDA-leider Sybrand Buma zei in Nieuwsuur dat ook premier Mark Rutte zou moeten zeggen dat PVV-leider Geert Wilders met zijn opmerkingen over Marokkanen deze week te ver is gegaan en dat samenwerking met de PVV niet meer mogelijk is. Dat betoogde Buma donderdag in Nieuwsuur.

Buma wees er op dat VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra donderdag zei dat met deze PVV nooit valt samen te werken. Rutte achtte het vorige week nog denkbaar dat zijn VVD in Almere, Den Haag of in de landelijke politiek met de PVV samenwerkt. ”Het verbaast me dat de premier nog altijd de deur openhoudt”, aldus Buma.

OM

Het Openbaar Ministerie in Den Haag heeft een aantal aangiftes tegen Wilders binnengekregen, maar moet nog inventariseren hoeveel er precies zijn gedaan. Vervolgens bekijkt het OM of er grond is voor vervolging van de politicus.

Martijn van Dam (PvdA): “Wat Wilders gisteren deed was ophitsen. Dat is weer het overschrijden van een lijn. Hij beoordeelt mensen op grond van afkomst en vertoont daarmee trekjes van partijen waar je ver van vandaan moet blijven.”

Wilders stelt het in een reactie “opvallend” te vinden dat de collegafracties hem al veroordeeld hebben. “Ik heb collega’s horen zeggen dat ik schuldig ben aan haatzaaierij en discriminatie. Maar ik ben volgens mij niet veroordeeld of vervolgd”, aldus Wilders.

VVD

Anderhalve week geleden lekte via NRC Handelsblad al uit dat Van Vliet op 30 oktober vorig jaar VVD-fractieleider Halbe Zijlstra had gevraagd of hij naar de VVD kon overstappen. Zijlstra weigerde dat. Van Vliet zei daarna dat hij niet van plan was de PVV te verlaten.

Voor Van Vliet stapten ook Marcial Hernandez, Wim Kortenoeven, Hero Brinkman, James Sharpe, Jhim van Bemmel, Eric Lucassen en Louis Bontes uit de fractie.

EINDE

HET PAROOL

UITTOCHT PVV GAAT ONVERMINDERD DOOR

24 MAART 2014

https://www.parool.nl/nieuws/uittocht-pvv-gaat-onverminderd-door~ba5c22b2

De uittocht van PVV’ers na de gewraakte uitspraken van partijleider Geert Wilders over Marokkanen is nog niet gestopt. Maandag verlieten de Provinciale Statenleden Henk Scherer (Utrecht) en Daniël ter Haar (Gelderland) de partij. Er was ook een lichtpuntje voor Wilders. Hij maakte vandaag de kandidatenlijst voor het Europees Parlement bekend. PVV-senator Marcel de Graaff wordt lijsttrekker bij de verkiezingen in mei.

Het Utrechtse Statenlid Scherer gaf een toelichting op zijn besluit om op te stappen. Hij doet dat ,,uit overwegingen van fatsoen en geloofwaardigheid”. Scherer, die 3 jaar voor de PVV in het provinciebestuur zat, noemde de uitspraken van Wilders over ‘minder Marokkanen’ walgelijk. 

Ook Ter Haar, sinds 2011 lid van Provinciale Staten in Gelderland, vertrekt om die reden. Fractieleider Marjolein Faber van de PVV in Gelderland zegt ,,de hele ophef” rond de uitspraak van partijleider Wilders niet te begrijpen. ,,Iedereen kent sinds de oprichting van de PVV onze standpunten en de bijbehorende context. Er zijn mensen die deze koppeling gewoon niet willen zien en hun kans grijpen om een hetze tegen de PVV te voeren”, aldus Faber.

Verkiezingen EP
De huidige voorzitter van de Senaatsfractie van de PVV, Marcel de Graaff, gaat de kar trekken voor de verkiezingen van het Europees Parlement voor de partij die de Europese Unie het liefst snel ziet verdwijnen. Op nummer 2 staat Vicky Maeijer, de huidige fractievoorzitter van de PVV in de Zuid-Hollandse Staten. De 3e plek is voor Olaf Stuger, die in 2006 lijsttrekker was voor de LPF, de Lijst Pim Fortuyn. Op vier komt de arabist Hans Jansen en op vijf zittend Europarlementariër Auke Zijlstra.

Wie het lijsttrekkerschap van de PVV in Europa op zich zou nemen werd onduidelijk nadat vorige week de leider van de PVV in het Europees Parlement, Laurence Stassen, haar vertrek uit de partij aankondigde. Lucas Hartong werd maandag haar opvolger maar hij stopt na de verkiezingen als Europarlementariër.

Reactie Wilders
Wilders zegt over de Europese lijst: ‘Wat een geweldige lijst en voortreffelijke kandidaten! Zij geloven in de kracht van Nederland. Wij kunnen weer baas worden over eigen geld, eigen wetten en eigen grenzen. Daarover gaat het bij de Europese verkiezingen op 22 mei: uw geld, uw baan en uw vrijheid.’ Wilders staat zelf overigens als nummer tien op de lijst.De PVV haalde bij de vorige verkiezingen vijf zetels in het Europees Parlement. Na het vertrek van Daniël van der Stoep in 2011 en Stassen telt de PVV-delegatie nog drie leden.

Marokko
De omstreden uitlatingen van Wilders hebben de diplomatieke en economische banden tussen Nederland en Marokko niet negatief beïnvloed. Dat zei de Marokkaanse minister van Buitenlandse Zaken maandag tijdens de nucleaire top in Den Haag tegen zijn Nederlandse collega Frans Timmermans. Marokko waardeert volgens Salah Eddine Mezouar de manier waarop de Nederlandse regering afstand heeft genomen van de uitspraken.

Vrijwel alle fracties in de Tweede Kamer hebben laten weten niet meer te willen samenwerken met de PVV. Maar ze zullen moties van die partij nog wel steunen als ze het er inhoudelijk mee eens zijn. Alleen de PvdA zal geen enkel PVV-voorstel meer te steunen na de oproep van Geert Wilders tot ‘minder Marokkanen’. De Tweede Kamerfractie van de PVV komt doorgaans op dinsdag bijeen voor het wekelijks overleg. Dan komt er mogelijk meer duidelijkheid over hoe de PVV-vlag erbij hangt.

Ophef
Fractieleider Marjolein Faber van de PVV in Gelderland zegt ‘de hele ophef’ rond de uitspraak van partijleider Wilders niet te begrijpen. ‘Iedereen kent sinds de oprichting van de PVV onze standpunten en de bijbehorende context. Er zijn mensen die deze koppeling gewoon niet willen zien en hun kans grijpen om een hetze tegen de PVV te voeren’, aldus Faber.

EINDE

TROUW

GEEN GARANTIE OP EINDE LEEGLOOP

24 MAART 2014

https://www.trouw.nl/nieuws/geen-garantie-op-einde-leegloop~b2c5df97

Hoe het verder gaat met de PVV na de uittocht van de afgelopen dagen weet Geert Wilders niet. Of alle twaalf Kamerleden die de fractie over heeft blijven zitten, durfde de partijleider zaterdag niet te garanderen. Maar wie er ook allemaal weglopen, Wilders zelf zegt tot het bittere eind door te willen gaan en blijft erbij dat het goed zou zijn als er minder Marokkanen in Nederland zijn.

De politie heeft het zo druk met aangiftes tegen Wilders dat het op de bureaus een standaardformulier heeft liggen. Morgen komt daar een opvallende bij. Het college van b. en w. van Nijmegen loopt in de ochtend in optocht naar een politiebureau om aangifte te doen vanwege discriminatie. In een persbericht nodigen de stadsbestuurders hun burgers uit om mee te lopen.

Volgens burgemeester Hubert Bruls doen ze dat ‘om namens de Nijmeegse samenleving een signaal af te geven dat hier grenzen ver zijn overschreden’. Overigens had CDA’er Bruls een paar jaar geleden geen enkel bezwaar tegen samenwerking met de partij van Geert Wilders.

Volle steun kreeg Wilders dit weekeinde van over de grens. Een bezoek aan het congres van Vlaams Belang had de PVV-leider afgezegd. Voor voorman Filip Dewinter reden om, ‘als Wilders het niet kan of mag’, op te roepen tot het sluiten van de grenzen. De congresgangers riepen, solidair met de PVV-voorman ‘minder, minder’. Net als de PVV-sympathisanten op verkiezingsavond deden toen Wilders vroeg of ze meer of minder Marokkanen wilden.

De oproepen van Wilders, de reacties en vervolgens het opstappen van twee Kamerleden leidden in alle lokale fracties van de PVV en bij het Europees parlement tot bezinning, met verschillende uitkomsten.

Naast de Kamerleden stapte een lid van de Eurofractie op, verliet een Haags raadslid uit Den Haag de partij, een raadslid uit Almere werd afgezet en leden van verschillende Statenleden uit Flevoland en Friesland stapten uit de partij. Nog niet alle PVV-politici hebben hun besluit al genomen. Enkele lokale fracties hebben morgen beraad, minstens één Statenlid stond op het punt om op te stappen, maar besloot dit weekeinde op het laatste moment te blijven.

Morgen komt de fractie van de PVV bijeen. De Kamerleden die nog zitten, waren opvallend genoeg zaterdag niet aanwezig bij de persconferentie van Wilders. Een enkel fractielid toonde wel steun door tweets te sturen met een link naar de gehouden persconferentie.

Het opschorten van de samenwerking met de PVV dat de VVD vorige week aankondigde, hoeft niet direct gevolgen te hebben voor het kabinetsbeleid. Om een meerderheid te krijgen voor het strafbaar stellen van illegaal verblijf bijvoorbeeld, zijn waarschijnlijk stemmen van PVV-senatoren nodig.

VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra zei zaterdag op Radio 1 dat zijn partij niet langer samen met de PVV moties zal indienen, maar dat verder ‘het parlementaire werk gewoon z’n gang moet gaan’.

EINDE

Reacties uitgeschakeld voor Noot 29/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 28/VERZET

[28]

”De rechtbank stond uitvoerig stil bij de 6474 aangiften die er tegen Wilders zijn gedaan.”

NOS

DUIZENDEM AANGIFTES TEGEN WILDERS MOESTEN

VIA STANDAARDFORMULIER

31 OCTOBER 2016

https://nos.nl/artikel/2140617-duizenden-aangiftes-tegen-wilders-moesten-via-standaardformulier

In de extra beveiligde rechtbank op Schiphol is het proces begonnen tegen PVV-leider Geert Wilders vanwege zijn ‘minder, minder’-uitspraken over Marokkanen in Nederland. Wilders is zelf niet aanwezig bij wat hij beschouwt als een politiek proces, waardoor de inhoudelijke behandeling snel gaat. In een strafproces als dit krijgt de verdachte doorgaans veel ruimte voor zijn verweer.

De rechtbank stond uitvoerig stil bij de 6474 aangiften die er tegen Wilders zijn gedaan. Vanwege die hoeveelheid werd veel gewerkt met standaardformulieren, waarop geen ruimte was om een persoonlijke motivatie te geven.

Op andere aangiftes is die motivatie er wel, al lijken sommige erg op elkaar en komen die vermoedelijk uit dezelfde bron. 35 mensen die aangifte deden zijn persoonlijk gehoord. Een deel was geselecteerd door de advocaten, een deel was willekeurig uitgekozen door de rechter-commissaris.

Soms leken mensen niet te beseffen dat het om een aangifte ging; ze zetten hun handtekening na een oproep van de moskee. Niet iedereen had de uitspraken van Wilders zelf gezien of gehoord.

Het grote aantal aangiftes was voor het Openbaar Ministerie wel een van de redenen om vervolging in te stellen, omdat daaruit duidelijk werd dat de omstreden uitspraken veel maatschappelijke onrust veroorzaakten.

Eerder vanochtend liet de rechter de fragmenten zien waarin Wilders zijn uitspraken doet, in een interview met de NOS in het Haagse stadsdeel Loosduinen en op de bijeenkomst van de PVV na de gemeenteraadsverkiezingen op 19 maart 2014, waar zijn aanhangers “minder, minder” scandeerden op de vraag van Wilders of ze meer of minder Marokkanen in Nederland willen.

De rechtbank wil de PVV-leider tal van vragen stellen over deze fragmenten en uitspraken, maar door de afwezigheid van Wilders kon dat dus niet. Zo vragen de rechters zich af of Wilders en de mensen om hem heen hebben nagedacht over het effect van het laten scanderen van “minder, minder”.

Ook willen ze weten waarom Wilders in zijn toespraak de nuance om welke groep het ging wegliet, terwijl hij die later in interviews wel aanbracht. Uit getuigenverklaringen lijkt het beeld te ontstaan dat de uitspraken op de markt in Loosduinen niet waren voorbereid, maar die tijdens de PVV-bijeenkomst wel. Een PVV-medewerker had toen de aanhang geïnstrueerd om “minder, minder” te scanderen.

Tweet

Vlak voor de rechtszitting begon stuurde Wilders een tweet de wereld in waaruit blijkt dat hij geen afstand neemt van zijn standpunt, en bovendien een voorschot neemt op de uitkomst van het proces:

Geert Wilders

@geertwilderspvv

NL heeft een mega Marokkanenprobleem. Daarover zwijgen is laf. 43% van de Nederlanders wil minder Marokkanen. Geen vonnis verandert dat.

9:05

31 oktober 2016

Dezelfde tekst twitterde hij ook in het Engels. De tweet is saillant, want de inzet van de rechtszaak is de vraag of Wilders met zijn uitspraken in de verkiezingscampagne van 2014 doelde op alle Marokkanen of op een bepaalde groep – degenen die overlast veroorzaken en criminelen.

Daarover zullen zijn advocaten Geert-Jan Knoops en Maarten ’t Sas de degens kruisen met het Openbaar Ministerie, dat Wilders het beledigen van een bevolkingsgroep en aanzetten tot haat en discriminatie ten laste legt.

Advocaat Knoops las bij de start van het proces een verklaring voor van Wilders waarin die de stelling dat 43 procent van de Nederlanders minder Marokkanen wil nuanceert: “niet omdat ze een hekel hebben aan alle Marokkanen”, maar omdat ze genoeg hebben van “overlast en terreur.”

Gotspe

De verklaring is al als open brief in het AD verschenen. Wilders herhaalt zijn opvatting dat het “een gotspe is” dat hij terecht moet staan. Het is mijn recht en plicht als politicus om problemen als deze aan de orde te stellen, vindt hij. “Nederland is van ons”, hij wil zich door niemand het zwijgen laten opleggen.

Knoops zei dat de verdediging het besluit van Wilders steunt om niet bij het proces aanwezig te zijn. De rechter denkt dat hoewel Wilders er niet bij is, hij het proces wel volgt en het hem vrijstaat erover te twitteren.

Voor het proces is ook veel belangstelling van buitenlandse media. De rechtszaak dient voor de Haagse rechtbank, maar die zit voor de gelegenheid in de extra beveiligde rechtbank Schiphol in Badhoevedorp. Dat is nodig vanwege de beveiliging van Wilders; de rechter kan besluiten om de politicus alsnog op te roepen en dan moeten alle faciliteiten in orde zijn.

De zaak wordt donderdag voortgezet met onder meer het verhoor van de door Wilders opgeroepen getuige-deskundige, de Leidse jurist en filosoof Paul Cliteur. De uitspraak staat gepland op 9 december om 10.00 uur ’s ochtends.

EINDE

Reacties uitgeschakeld voor Noot 28/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 27/VERZET

[27]

NU.NL

KABINET HAALT UIT NAAR WILDERS

21 MAART 2014

https://www.nu.nl/politiek/3732426/kabinet-haalt-wilders.html

Vicepremier Lodewijk Asscher heeft namens het voltallige kabinet hard uitgehaald naar PVV-leider Geert Wilders en diens optreden op de verkiezingsavond afgelopen woensdag.

Asscher zei dat hij met walging naar de beelden had gekeken van een café vol PVV-aanhangers die Wilders toeriepen dat ze minder Marokkanen in Nederland willen.

”Een triest hoofdstuk in onze politieke geschiedenis”, zei Asscher. Hij zei ook dat iedereen die bang is geworden van het café vol schreeuwende mensen moet weten dat de Nederlandse rechtsstaat hen beschermt.

”Dit soort taferelen mag niet leiden tot gewenning. Politici moeten de problemen benoemen en oplossen en niet de samenleving vergiftigen. Dat is de ondubbelzinnige boodschap van het voltallige kabinet”, aldus Asscher.

Hij zei ook dat Wilders zich in zijn ogen discriminerend heeft uitgelaten. “Hij heeft een hele groep opgezet tegen een andere groep Nederlanders. Daarom keuren wij dit zo scherp af.” Asscher wilde niet zeggen of Wilders haat heeft gezaaid.

”Dat is aan het Openbaar Ministerie en de rechter om te beoordelen. Daar sta ik buiten. Ik heb wel gezegd dat hij gif verspreidt door op deze manier mensen tegen elkaar op te zetten. Maar dat is geen juridische term.”

Opgestapte kamerleden

De uitspraken van Wilders hebben al tot twee opgestapte PVV-kamerleden geleid. Nadat vrijdag Roland van Vliet opstapte, vertrok vrijdag Joram van Klaveren uit de fractie.

Wilders was woensdag op het verkiezingsfeest in Den Haag. In zijn toespraak vroeg hij de aanwezige aanhang of ze “meer of minder Marokkanen in Nederland willen”. “Minder, minder, minder…” scandeerde het publiek tot zichtbaar genoegen van Wilders, die daarop antwoordde dat hij “dat gaat regelen”.

Lokaal

De lokale VVD-fracties in Den Haag en Almere willen dat de lokale PVV-fracties afstand nemen van de uitspraken van PVV-leider Geert Wilders over Marokkanen. Pas dan is het mogelijk te praten over samenwerking.

Dat stelden vrijdag de VVD-lijsttrekkers Boudewijn Revis (Den Haag) en Miranda Joziasse (Almere). Revis raadt de PVV in Den Haag aan te breken met Wilders.

”We hebben de PVV nooit uitgesloten, maar ieder normaal mens denkt bij het zien van die beelden: dat had ik niet moeten doen”, zei Revis refererend aan PVV-fractievoorzitter Leon de Jong. Die stond naast Geert Wilders en klapte en scandeerde mee: minder, minder, minder. ”Breek met Wilders en word een normale partij ”, aldus Revis.

Eis

Miranda Joziasse van de VVD in Almere zegt dat de VVD daar geen enkele partij zal uitsluiten, maar dat in dit geval wel een eis gesteld wordt aan de PVV. Die luidt: ”ls de PVV bereid afstand te nemen van de uitspraken? Als het antwoord daarop nee is, dan houdt het gesprek op”, aldus Joziasse.

Het Haagse PVV-raadslid Andre Elissen twitterde over de kwestie: ”Realisme is ver te zoeken bij Revis. Onzinnige eis waarop antwoord voorspelbaar is.’’

De Almeerse PVV’er Toon van Dijk wil helemaal niet op de zaak ingaan. ”Ik doe daar geen uitspraken over.”

EINDE

WIKIPEDIA

KABINET RUTTE II

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kabinet-Rutte_II

Reacties uitgeschakeld voor Noot 27/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 26/VERZET

[26]

BNN VARA JOOP.NL

WILDERS: MINDER MAROKKANEN GAAN WE REGELEN

19 APRIL 2014

https://www.bnnvara.nl/joop/artikelen/wilders-minder-marokkanen-gaan-we-regelen

Tijdens de bijeenkomst van de PVV in Den Haag heeft PVV-leider Wilders zijn publiek laten schreeuwen dat er minder Marokkanen moeten komen in Nederland. Na eerst gevraagd te hebben: “Willen jullie meer of minder Europa?” Riep de zaal: “Minder, minder, minder!” Daarna herhaalde Wilders de vraag met de PvdA als inzet en hetzelfde resultaat. Zich ongetwijfeld bewust van de mogelijke strafbaarheid van de te volgen actie, wees Wilders op de vrijheid van meningsuiting, alvorens zijn publiek te vragen: “Willen jullie meer of minder Marokkanen in jullie stad en in Nederland” Waarop het publiek schreeuwde om minder Marokkanen.

Wilders antwoordde zijn publiek met: 

Nou dan gaan we dat regelen.” 

Volgens Vonk-hoofdredacteur en journalist Kustaw Bessems probeert Wilders hiermee een nieuwe rechtszaak uit te lokken. Hij zegt op Twitter:

“Wilders weet: rechter zei bij vrijspraak dat ie op de grens zat. Publiek opzwepen met ‘minder Marokkanen’ is bijna hengelen naar nieuwe zaak.

Refereert zelfs expliciet aan juridische grens. Hij wil een zaak. 

Is over nagedacht. Wat Wilders op het podium doet is in NL vermoedelijk strafbaar. Later geeft hij dan weer context die hem kan beschermen.

Wilders is in volstrekte openheid een haatcampagne tegen alle Marokkanen in NL aan het voeren, maar hij zorgt voor juridische schaamlapjes.

Oud-Tweede Kamervoorzitter Frans Weisglas van de VVD heeft op Twitter opgeroepen om samenwerking met de PVV te boycotten:

De actie van Wilders is wereldnieuws. The Washington Post schrijft vanavond:

The Dutch right-wing populist politician Geert Wilders has led his supporters in an anti-Moroccan chant. Wilders’ party is the fourth-largest in Parliament but leads in national opinion polls. His rise to popularity in the Netherlands over the past decade came amid a surge of anti-immigrant sentiment in a country once famed for its tolerance.”

Een week geleden sprak Wilders voor het eerst openlijk de racistische wens uit voor ‘minder Marokkanen’. 

EINDE

AD

PVV’ERS SCANDEREN: MINDER MAROKKANEN

19 MAART 2014

https://www.ad.nl/binnenland/pvv-ers-scanderen-minder-marokkanen~a71be894

PVV-leider Geert Wilders heeft zijn publiek tijdens een toespraak op de uitslagenavond van zijn partij in Den Haag gevraagd of ze meer of minder Marokkanen in de stad willen. De zaal scandeerde daarop ‘minder, minder’. Daarop zei Wilders: ‘Dat gaan we regelen’.

De PVV-voorman veroorzaakte vorige week commotie door tijdens een verkiezingscampagne in Den Haag te zeggen dat dit een stad ‘met minder lasten en als het even kan wat minder Marokkanen’ moet worden. Een particulier uit Den Haag heeft naar aanleiding van die uitspraak aangifte tegen Wilders gedaan.

Wilders wilde van zijn toehoorders een antwoord op drie vragen die de PVV volgens hem definiëren. Hij vroeg eerst of ze meer of minder Europese Unie willen. Minder, riepen de sympathisanten. Daarop vroeg Wilders of ze meer of minder PvdA willen. Ook daarop klonk herhaaldelijk ‘minder’.

‘En de derde vraag is, en ik mag het eigenlijk niet zeggen, want er wordt aangifte tegen je gedaan. En misschien zijn er zelfs D66-officieren die ons een proces aandoen. Maar de vrijheid van meningsuiting is een groot goed. We hebben niets gezegd wat niet mag, niets gezegd wat niet klopt. Dus ik vraag aan jullie: willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?’, zei Wilders letterlijk.

Woorden Wilders maken veel los
De woorden van Geert Wilders over Marokkanen maken veel los op Twitter. De PVV-leider vroeg zijn publiek tijdens een toespraak op de uitslagenavond van zijn partij in Den Haag of ze meer of minder Marokkanen in de stad en in Nederland willen. De zaal scandeerde daarop ‘minder, minder, minder’. Daarop zei Wilders: ‘Dan gaan we dat regelen’.

‘Dit heet aanzetten tot haat’, stelt Femke Halsema. ‘Nu zou ik snel en vastberaden de Minister-President van ALLE Nederlanders willen horen’, twittert de oud-fractievoorzitter van GroenLinks.

‘Wilders is in volstrekte openheid een haatcampagne tegen alle Marokkanen in NL aan het voeren’, stelt journalist en columnist Kustaw Bessems.

‘Vraag niet: moet Wilders samen willen werken met Marine le Pen, maar vraag: moet Le Pen samen willen werken met Wilders?’, aldus campagnestrateeg Kaj Leers.

EINDE

Reacties uitgeschakeld voor Noot 26/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 25/VERZET

[25]

YOUTUBE.COM

PVV AANHANG SCANDEERT: MINDER MAROKKANEN

Wilders:”Ik zou van iedereen hier een antwoord willen hebben op de volgende drie vragen:”Drie vragen, alsjeblieft geef een helder antwoord, die onze partij, de PVV definieren:”En de eerste vraag is:”Willen jullie meer of minder Europse Unie?”[PVV aanhang scandeert]:”MINDER….! MINDER, MINDER, MINDER MINDER MINDER MINDER……..!Wilders:”De tweede, de tweede vraag is, misschien nog belangrijker:”Willen jullie meer of minder Partij van de Arbeid?” [PVV aanhang scandeert] ” MINDER….! MINDER, MINDER, MINDER MINDER MINDER MINDER……..!Wilders:”En de derde vraag is. En ik mag het eigenlijk niet zeggen, want er wordt aangifte tegen je gedaan en misschien zijn er zelfs D’66 Officieren, die je een proces aandoen, maar de vrijheid van meningsuiting is een groot goed en we hebben niets gezegd wat niet mag, we hebben niets gezegd wat niet klopt, dus ik vraag aan jullie:”Willen jullie, in deze stad en in Nederland, meer of minder Marokkanen?”[PVV aanhang scandeert]  ” ” MINDER….! MINDER, MINDER, MINDER MINDER MINDER MINDER……..!”  ” MINDER….! MINDER, MINDER, MINDER MINDER MINDER MINDER……..!  
Wilders:”Dan gaan we dat regelen”GELACH[Wilders glimlacht]

EINDE MINDER MINDER VRAAG OP YOUTUBE

WILDERS/”MINDER MAROKKANEN”/IN HIS OWN WORDS

ASTRID ESSED

Reacties uitgeschakeld voor Noot 25/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noten 23 en 24/VERZET

[23]

RACISME IN DE POLITIEK/VERONTRUSTENDE UITSPRAKEN

EN VOORSTELLEN VAN NEDERLANDSE POLITICI

ASTRID ESSED

1 NOVEMBER 2019

[24]

NU.NL

PVV’ERS DOEN AANGIFTE TEGEN PVDA’ERS

4 APRIL 2014

https://www.nu.nl/geert-wilders/3743707/pvvers-doen-aangifte-pvdaers.html

PVV-lijstrekker voor verkiezingen van het Europees Parlement Marcel de Graaff gaat vrijdagochtend aangifte doen tegen PvdA-leider Diederik Samsom en zijn partijvoorzitter Hans Spekman.

Hij doet dat op het politiebureau in Rotterdam. Dat bevestigt vrijdag de woordvoerder van de partij.

Ook PVV-Tweede Kamerlid Fleur Agema gaat vrijdag aangifte doen tegen de twee PvdA’ers, maar wanneer en waar ze dat doet, is nog niet duidelijk. Ook andere fractieleden zouden de twee partijleden volgen naar het politiebureau.

PVV’ers hopen dat andere mensen hun voorbeeld volgen. “Ik zou het zeer toejuichen als ook andere mensen, PVV’ers, PvdA’ers en ook Marokkanen bij de politie een aanklacht tegen de twee PvdA-kopstukken indienen”, zei De Graaff voor het politiebureau in Rotterdam.

Donderdag werd bekend dat er ruim 5000 aangiftes tegen partijleider Geert Wilders zijn gedaan naar aanleiding van de Marokkanen-actie. Daarop riep Wilders mensen op aangifte te doen tegen Samsom en Spekman, vanwege hun eerdere uitspraken over Marokkanen.

NU.NL

AGEMA DOET AANGIFTE TEGEN SAMSOM EN SPEKMAN

3 APRIL 2014

https://www.nu.nl/politiek/3743441/agema-doet-aangifte-samsom-en-spekman.html

PVV-Kamerlid Fleur Agema gaat vrijdag aangifte doen tegen PvdA-leider Diederik Samsom en PvdA-voorzitter Hans Spekman wegens uitspraken die zij hebben gedaan over Marokkanen. 

Dat zegt ze donderdagavond in het televisieprogramma Één op Één.

Ze hoopt dat zoveel mogelijk mensen haar voorbeeld na de oproep van partijleider Geert Wilders volgen.

Agema noemt het absurd dat er zo’n vijfduizend aangiftes zijn binnengekomen tegen Wilders. De oproep om ’tegenaangifte’ te doen is er dan ook een van ‘oog om oog, tand om tand’, aldus de PVV’er.

“Ik maak me zorgen hoelang wij nog een mening mogen hebben. Ik hoop dan ook dat Vrouwe Justitia blind is. Of iedereen vervolgen of niemand. En ik hoop dat laatste”, aldus Agema.

De nummer twee van de PVV-lijst van de laatste Kamerverkiezingen zegt zich zorgen te maken over de mogelijke vervolging van Wilders. “Ik zou het verschrikkelijk vinden dat wij opnieuw jarenlang de stress moeten doorgaan dat Geert opnieuw een proces moet doorstaan waarvan je de uitkomst niet weet. Die stress wil ik niet opnieuw hebben. Wij hebben een taak in dit land. We willen onze tijd niet verdoen in de rechtszaal.”

Pek en veren

Wilders bekritiseerde de PvdA’ers om hun gedrag ten opzichte van zijn uitspraken over Marokkanen, terwijl de opmerkingen van Spekman en Samsom volgens de PVV-leider erger zijn dan zijn uitspraken. “Als ik het gezegd had, was ik met pek en veren het land uitgerold.” 

Samsom zei in 2011 in een interview met NRC: “Het klopt dat het vooral Marokkanen zijn. Deze jongens hebben een etnisch monopolie op dit soort overlast gekregen.”

Spekman stelde in 2008 tegenover Vrij Nederland dat Marokkanen “moeten worden vernederd voor de ogen van hun eigen mensen. Je moet ervoor zorgen dat ze de sulletjes worden van hun eigen wijk”. Beide PvdA-ers spraken in het interview over probleemjongeren.

Wilders gaf aan zelf geen aangifte doen. “Ik vind dat ze moeten kunnen zeggen wat ze gezegd hebben en hoop dat het OM besluit om zowel Spekman en Samsom als mij niet te vervolgen. Maar of alle drie of niemand”, stelde de PVV-leider. “Ik roep de mensen in ieder geval op om ook massaal aangifte te doen.”

Opstoken

In de uitzending herhaalde Agema verder de woorden van Wilders dat het standpunt van ‘minder Marokkanen’ er altijd is geweest. Ze verwijt partijleiders Emile Roemer (SP) en Alexander Pechtold (D66) dat zij het vuurtje in de media hebben opgestookt door steeds te zeggen dat Wilders ’te ver’ gaat.

Agema vindt het grootspraak van politici om te zeggen dat ze de PVV nu gaan uitsluiten. “Het is heel erg stom en ik vind het ondemocratisch. Ik denk dat als wij heel groot worden ze allemaal weer in de rij staan.”

Asscher

Volgens vicepremier Lodewijk Asscher (PvdA) is er sprake van paniek bij de PVV. De partij van Geert Wilders is volgens hem bezig met wild om zich heen slaan.

Asscher zei dat donderdag in Nieuwsuur. 

Hij herhaalde dat Wilders volgens het kabinet een hele groep – de Marokkanen in Nederland – wegzet. “Hij zei minder Marokkanen. Punt.” Wat Asscher betreft worden jongens die zich misdragen aangepakt.

Reacties uitgeschakeld voor Noten 23 en 24/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 22/VERZET

[22]

”,,Wat Baudet en Wilders vooral gemeen hebben is een oneindige voorraad zondebokken”, stelde Pechtold. ,,Voor elk probleem is er wel een schuldige. Al is het vaak iemand met een migratieachtergrond of een D66’er. Maar constructieve oplossingen hebben ze niet. De kiezers worden door Wilders en Baudet voor de gek gehouden.”

AD

PECHTOLD: WILDERS IS TE LAF OM IN AMSTERDAM

MEE TE DOEN

20 JANUARI 2018

https://www.ad.nl/politiek/pechtold-wilders-is-te-laf-om-in-amsterdam-mee-te-doen~ac31662b

D66-leider Alexander Pechtold heeft hard uitgehaald naar Geert Wilders. ,,Wilders, je bent te laf om in Amsterdam mee te doen,” beet Pechtold de PVV-leider toe tijdens de nieuwjaarsreceptie van D66 Amsterdam, vanavond in De Rode Hoed.

Tijdens de gemeenteraadsverkiezingen in de stad doen met partijen als Denk, Forum voor Democratie en Bij1 veel debutanten mee. De PVV, de tweede partij van Nederland, ontbreekt.

Pechtold richtte zich direct tot zijn politieke tegenpool Wilders: ,,Want je weet dondersgoed: Amsterdam is te nuchter, te trots en te divers om voor jou te zwichten.”

Thierry Baudet, voorman van Forum voor Democratie, richt zijn pijlen wél op de hoofdstad. ,,Wat Baudet en Wilders vooral gemeen hebben is een oneindige voorraad zondebokken”, stelde Pechtold. ,,Voor elk probleem is er wel een schuldige. Al is het vaak iemand met een migratieachtergrond of een D66’er. Maar constructieve oplossingen hebben ze niet. De kiezers worden door Wilders en Baudet voor de gek gehouden.”

Lokale aangelegenheid

Pechtold zei ‘werkelijk niet te snappen’ dat Sybrand Buma, als partijleider van het CDA – regeringspartner van D66 – lokale samenwerking met de PVV niet uitsluit. Buma, die landelijke samenwerking met de PVV sinds Rutte I wél blokkeert, zei gisteravond bij Jinek dat het ‘een lokale aangelegenheid is’.

,,Hebben ze bij het CDA dan niks geleerd van 2010?,” vroeg Pechtold zich hardop af. ,,Solliciteren ze bij het CDA nou werkelijk weer naar een tweede politieke doodervaring?,” verwees de D66-leider naar de electorale afstraffing van de christendemocraten in 2012, na de val van het door de PVV gedoogde kabinet van VVD en CDA.

Grootste partij

In Amsterdam werd D66 in 2014 de grootste partij. Uit de peilingen voor de verkiezingen van 21 maart lijkt D66 goede kaarten te hebben voor een herhaling van dat resultaat, al zit GroenLinks de partij op de hielen.

,,D66 staat er hier goed voor, de grootste in de peilingen. Nu doorpakken.” Pechtold zei te hopen dat Amsterdam ‘een baken van tolerantie en vrijheid blijft’. Hij noemde zijn partij ‘het tegengif’ voor de ‘vergiftiging van het politieke en sociale klimaat’.

Beste ambassadeurs

Gezichtsbepalende Amsterdamse D66’ers verruilden het afgelopen jaar de hoofdstad voor Den Haag. Fractieleider Jan Paternotte werd Kamerlid, wethouder en locoburgemeester Kajsa Ollongren werd vicepremier en minister van Binnenlandse Zaken. “Amsterdammers, ik weet dat ik al veel van jullie heb gevraagd. Jan is weg. Kajsa is weg. Maar je moet maar zo denken: jullie hebben de beste ambassadeurs in Den Haag.”

Pechtold deelde ook nog een sneer uit naar Wilders over de opkomt van zijn demonstratie tegen kabinet-Rutte III – ,,ons kabinet”, aldus de D66-voorman – in Rotterdam vandaag. ,,Duizenden, misschien wel tienduizenden demonstranten had Wilders aangekondigd. Maar het werden nog geen duizend man. Veel beveiliging, dat is op zich triest genoeg. Maar verder vooral journalisten en Belgen, bussen vol Belgen!”

EINDE

BRABANTS DAGBLAD

PECHTOLD: RUTTE MOET REACTIE GEVEN OP ROL WILDERS

2 AUGUSTUS 2011

https://www.bd.nl/binnenland/pechtold-rutte-moet-reactie-geven-op-rol-wilders~ab45c472

D66-leider Alexander Pechtold vindt dat premier Mark Rutte een reactie moet geven op de rol die PVV-voorman Geert Wilders speelt in het islamdebat.

Dat heeft hij gezegd in een interview vandaag in de Volkskrant.

Na de aanslagen in Noorwegen kwamen de islamopvattingen van Wilders extra in de schijnwerpers te staan. Critici vinden dat Wilders een van de mensen is die een politiek klimaat hebben geschapen waardoor individuen, zoals in Noorwegen, tot actie kunnen overgaan.

Pechtold, in de Tweede Kamer gekend antipool van Wilders, wil dat de PVV’er met een reactie komt. ‘Maar die verwacht ik al niet meer’, zegt hij in het dagblad. ‘Maar waar is de minister-president?’, vraagt hij zich vervolgens af. ‘Je kunt niet dag in dag uit politiek afhankelijk zijn van iemand zonder dat je in de scherpste bewoordingen afstand neemt van dit soort uitspraken. Rutte kan niet blijven zeggen: het is maar de gedoogpartner en verder heb ik er niets mee te maken. Dan vraag ik me zo langzamerhand af wie wie aan het gedogen is’.

De D66’er doelt op uitspraken van Wilders over ‘islamitisch stemvee’ en ‘haatpaleizen’ als hij het over moskeeën heeft. ‘Natuurlijk hoeft Wilders zich niet te verantwoorden voor Breiviks daden, maar wel voor het klimaat waaraan hij zijn steentje heeft bijgedragen’, aldus Pechtold. ‘Hij moet beseffen wat hij aanricht met het eeuwige doemdenken en de zwart-witbeelden. Als je voortdurend een apocalyptische sfeer schept, draag je bij aan een wereld zonder toekomstbeeld, zonder perspectief. Hij voedt de frustraties bij zijn aanhang. Dát is zijn verantwoordelijkheid’.

EINDE

NU.NL

ZWARE BOTSING WILDERS EN PECHTOLD OM

”NEPPARLEMENT”

17 SEPTEMBER 2015

https://www.nu.nl/politiek/4127695/zware-botsing-wilders-en-pechtold-nepparlement.html

Aan het slot van de Algemene Politieke Beschouwingen herhaalde Geert Wilders (PVV) donderdag zijn betoog dat de Tweede Kamer “het volk” niet meer vertegenwoordigt. Hij kreeg de hoon van D66-leider Alexander Pechtold over zich heen.

“Waar haalt u het lef vandaan om te zeggen: ik ben het volk”, vroeg een geagiteerde Pechtold. Volgens de D66’er diskwalificeert Wilders met zijn uitlatingen 138 democratisch gekozen parlementsleden.

Wilders zei in het debat dat hij als enige durft te zeggen wat miljoenen Nederlanders volgens hem denken, namelijk dat vluchtelingen niet welkom zijn in Nederland en dat de grenzen dicht moeten.

Volgens Pechtold lijdt Wilders aan “grootheidswaanzin” door te stellen dat hij alleen “het volk” vertegenwoordigt. Hij wees de Wilders op de afsplitsingen in zijn partij en het ontbreken van partijdemocratie en concludeerde dat Wilders zelf “de ballen verstand” heeft van democratie.

Bijl aan wortel democratie

Volgens Pechtold zet Wilders met zijn opmerkingen de bijl aan de wortel van de democratie. “Dat is in de geschiedenis al te vaak gebeurd”, zei Pechtold.

De D66-leider vond dat Kamervoorzitter Anouchka van Miltenburg had moeten ingrijpen toen Wilders sprak van een “nepparlement”. Dat zei zijn woordvoerder vrijdag na een bericht op de site van de NOS.

“De parlementariërs zijn rechtmatig gekozen, dan kan iemand niet zeggen dat het parlement niet legitiem is”, zo is de gedachte van Pechtold, die “op een rustiger moment” een verklaring van Van Miltenburg wil horen.

Fascistoïde

PvdA-Kamerlid Jan Vos twitterde dat de inbreng van Wilders “fascistoïde” kenmerken vertoont: “Slottekst Wilders toont openlijk kenmerken van fascistoïde leiderschap: ’t parlement is nep en ’t volk moet in verzet: weg met de democratie.”

Hij lichtte zijn tweet tijdens de schorsing van het debat toe: “De vrijheid van meningsuiting geldt voor iedereen in Nederland. Voor Geert Wilders, maar ook voor de PvdA. Ik vind dat hij te ver ging door het parlement voor nep uit te maken en het volk op te roepen in verzet te komen.”

‘Asieltsunami’

Eerder op de dag kruiste Rutte de degens met de PVV-leider. De premier nam afstand van de woorden van Wilders, die woensdag de vluchtelingenstroom bestempelde als een “islamitische asieltsunami” en de vluchtelingen “testosteronbommen” noemde die “onze meisjes bedreigen”.

“Dit zijn verschrikkelijke termen”, zei Rutte. “Dit draagt niets bij aan een oplossing.” De premier vond dat de uitspraken “totaal geen pas” maken.

Wilders herhaalde donderdag zijn zorgen over de groeiende toestroom van vluchtelingen. Volgens de PVV’er komen er dit jaar meer dan 200.000 vluchtelingen naar Nederland. 

Hij hekelde de gemeenten die asielzoekerscentra opzetten zonder de bewoners daar voldoende over te informeren. Premier Rutte zei de zorgen van de mensen “heel goed te begrijpen” en hij erkende dat asielzoekerscentra in sommige gemeenten zonder voldoende overleg worden gebouwd. “Ik heb begrip voor die zorgen”, aldus de premier.

Vertrouwen

Tegelijkertijd heeft Rutte een “heel groot vertrouwen” in het Nederlandse volk, zei hij eerder op de dag. Nederlanders begrijpen volgens de premier goed dat deze “complexe problematiek” geen makkelijke oplossingen kent. Het gaat om complexe internationale ontwikkelingen die om goed doordacht beleid vragen.

Rutte: “We moeten eerlijk zijn naar de kiezer. Dit is een ingewikkeld vraagstuk en er zijn geen simpele oplossingen. […]. Het erge is dat Wilders dat als geen ander weet.” Rutte beschuldigde Wilders ervan “illusiepolitiek” te bedrijven.

Budget

Naast de PVV hadden ook de andere oppositiepartijen in de Kamer kritiek op het vluchtelingenbeleid van het kabinet.  Wel van een andere aard; Arie Slob (ChristenUnie) constateerde dat de toestroom van vluchtelingen toeneemt, maar ziet dat er volgend jaar wordt bezuinigd op de vluchtelingenopvang. 

Volgens Rutte zijn de vluchtelingencijfers veranderlijk en worden de ramingen niet aangepast op basis van actuele ontwikkelingen. Dat kon op weinig begrip rekenen bij de SGP. “Als we nu weten dat bepaalde cijfers anders zijn is het toch niet te veel gevraagd om de cijfers aan te passen?”, zei fractieleider Kees van der Staaij.  

Justitiebegroting

De oppositiepartijen eisten verder dat het kabinet zo snel mogelijk meer geld vrijmaakt voor Veiligheid en Justitie. Doet het kabinet dat niet, dan voorziet de oppositie dat de justitiebegroting in de Eerste Kamer, waar de coalitie geen meerderheid heeft, zal stranden.

De SP, D66, CDA en ChristenUnie vielen de premier hard aan over de in hun ogen “onfatsoenlijke” justitiebegroting, die ten koste gaat van de slagkracht van de politie, het Openbaar Ministerie en de rechtspraak. Een door de SP ingediende motie voor meer geld voor Justitie werd door vrijwel de hele oppositie gesteund.

“Dit zijn zorgen die breed in de Kamer worden gedragen”, zei SP-leider Roemer. “De premier steekt zijn kop in het zand. Deze begroting gaat het niet halen in de Eerste Kamer”, voorspelde hij.

De oppositie voorziet moeilijkheden in de Eerste Kamer, waar duidelijk is dat een groot deel van de senatoren grote moeite heeft met wetsvoorstellen zoals de verhoging van de griffierechten, de verlaging van de rechtsbijstand en eigen bijdrage van gedetineerden.

Rutte bleek bereid te praten met de Kamer over het geld dat naar de politie, het OM en de rechtsspraak gaat, maar hij vond wel dat er een justitiebegroting ligt waar hij achter kan staan. De wetsvoorstellen die kunnen stranden in de senaat zei hij “goed te kunnen verdedigen”. “Wij gaan ons best doen deze voorstellen door de Eerste Kamer te krijgen.”

Politie

Kritiek was er ook op de politiesalarissen. De politie ligt al maanden in de clinch met het kabinet over een nieuw loonakkoord. De politiebonden willen na jaren op de nullijn te hebben gezeten meer loon en betere arbeidsvoorwaarden dan de voorgestelde 5 procent salarisverhoging en een eenmalige uitkering van 500 euro.

“We zitten wekenlang in een impasse. Daar moeten we iets aan doen”, zegt Slob (CU).

Rutte nodigde de grootste vakbond FNV uit om opnieuw aan de onderhandelingstafel plaats te nemen. Het kabinet vindt het loonakkoord voor rijksambtenaren een goed voorstel dat bovendien door andere overheidssectoren is geaccepteerd. Meer geld voor de politie heeft het kabinet niet.

Koopkracht

Rutte kreeg ook de nodige kritiek te verduren op de koopkrachtplaatjes. Volgens SP-leider Roemer klopt het niet dat de koopkracht van gepensioneerden en mensen met een uitkering “op peil” blijft, zoals de koning dinsdag meldde in de Troonrede. 

Roemer stelde dat onder de gepensioneerden zevenhonderdduizend huishoudens en bij de uitkeringsgerechtigden 130 duizend huishoudens er op achteruit gaan.

Volgens Rutte klopt dat wat in de troonrede is uitgesproken. Hij stelde dat gepensioneerden en uitkeringsgerechtigden er gemiddeld 0,2 procent op vooruit gaan. Dat is niet veel, erkende de premier, maar dat is beter dan het koopkrachtverlies van ruim 1 procent dat verwacht werd.

EINDE

Reacties uitgeschakeld voor Noot 22/VERZET

Opgeslagen onder Divers

Noot 21/VERZET

[21]

POLENMELDPUNT

AD

PVV: POLENMELDPUNT GROOT SUCCES

13 DECEMBER 2012

https://www.ad.nl/binnenland/pvv-polenmeldpunt-groot-succes~a76f4348

Het veelbesproken PVV-meldpunt over Polen, Roemenen en Bulgaren heeft al 40.000 klachten opgeleverd. De meeste problemen gaan over dronkenschap, lawaai en parkeeroverlast. De PVV noemt het meldpunt ‘een groot succes’. Dat schrijft het AD.

Sinds het meldpunt begin dit jaar is geopend kreeg de partij van Geert Wilders ruim 175.000 reacties binnen. Het overgrote deel was echter onbruikbaar omdat het haatmails of spam betrof.

Volgens de PVV gaat het in meer dan de helft van de klachten om overlast. Maar ook werd veel geklaagd over het inpikken van banen en woningen door mensen uit Midden- en Oost-Europa (16 procent van de klachten). In mindere mate gingen de klachten over crimineel gedrag als diefstal, inbraak en vandalisme.

Het meldpunt Midden- en Oost-Europeanen, in de volksmond het ‘Polenmeldpunt’ genoemd, is al vanaf de start omstreden. Er kwamen duizenden klachten binnen bij anti-discriminatiebureaus. Politici in binnen- en buitenland distantieerden zich van het initiatief.

EINDE

WIKIPEDIA

MELDPUNT MIDDEN EN OOST EUROPEANEN

https://nl.wikipedia.org/wiki/Meldpunt_Midden_en_Oost_Europeanen

TUIGDORPEN

NU.NL

WILDERS WIL VEELPLEGERS VERBANNEN NAAR ”TUIGDORPEN”

10 FEBRUARI 2011

https://www.nu.nl/politiek/2443384/wilders-wil-veelplegers-verbannen-tuigdorpen.html

DEN HAAG –  In elke provincie moet een ’tuigdorp’ komen voor overlastplegers die herhaaldelijk in de fout gaan. PVV-leider Geert Wilders stelt donderdag dat hij hardnekkige overlast zoals in Gouda op die manier wil aanpakken.

Wilders heeft voor een plekje in een wooncontainer ver van de bebouwde kom veelplegers op het oog die in twee jaar tijd minstens drie keer in de fout gaan.

Als het om minderjarigen gaat, moet de familie mee. ”Zet al het schorriemorrie bij elkaar’’, vindt hij. Ze moeten naar het tuigdorp in afwachting van hun strafzaak en ook als ze hun straf hebben uitgezeten.

Pas als iemand langer dan een jaar werkt of studeert, zou die terug naar de ’bewoonde wereld’ mogen. ”Het tuig uit de wijk, zodat ze er daar geen overlast meer van hebben’’, aldus Wilders.

Heil

VVD-Kamerlid Jeanine Hennis-Plasschaert ziet geen heil in een aparte woonomgeving voor mensen die stelselmatig overlast veroorzaken.

Omdat het om dorpen gaat waar iedereen in en uit kan lopen, wordt in haar ogen de overlast alleen maar verplaatst. Ze ziet meer in een harde aanpak van overlast met vervolging en bestraffing.

Gebiedsverboden

Bij het CDA kan het idee van de PVV ook al niet op steun rekenen. CDA-Kamerlid Coskun Çörüz wijst op bestaande regels om hardnekkige daders hard aan te pakken.

Verder kunnen er gebiedsverboden worden ingezet en is gedwongen verhuizing mogelijk als de overlastpleger een corporatiewoning huurt. Maar aparte asodorpen lossen het probleem niet op, denkt Çörüz.

Campussen zijn wel een probaat middel voor jongeren die overlast veroorzaken, zoals in Gouda het geval was.

Experiment

In Amsterdam werd tot een jaar geleden geëxperimenteerd met de bijzondere woonvorm Skaeve Huse. In deze speciale woningen leefden veroorzakers van extreme overlast.

Volgens een woordvoerder van de woningcorporatie Stadgenoot gaat een vergelijking tussen Skaeve Huse en het idee van Wilders compleet mank.

”Een tuigdorp is een straf en Skaeve Huse is er juist op gericht de bewoner weer terug te krijgen in de maatschappij, vaak in overleg met de overlastveroorzaker.’’

Stadgenoot is niet blij met het idee van Wilders. ”Het werkt stigmatiserend en veroorzaakt getto’s’’, aldus de zegsman van de corporatie. ”Het is veel beter mensen weer onderdeel te maken van de samenleving dan ze eruit te tillen.

EINDE

KOPVODDENTAKS

WIKIPEDIA

KOPVODDENTAKS

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kopvoddentaks

VOLKSKRANT

DE SCHADUW VAN GEERT WILDERS: VSN ”KOPVODDENTAKS” TOT

”TUIG VAN DE RICHEL”

23 NOVEMBER 2023

https://www.volkskrant.nl/politiek/de-schaduw-van-geert-wilders-van-kopvoddentaks-tot-tuig-van-de-richel~bb52f8f4

Om eindelijk deel te kunnen nemen aan een regering, weet Geert Wilders dat hij concessies zal moeten doen. ‘Iedere partij, ook de onze, zal over zijn schaduw heen moeten springen’, aldus de PVV-leider in zijn overwinningspeech. In Wilders’ geval is die schaduw enorm. De PVV-leider in tien momenten.

September 2001

Het is een paar weken na 11/9. VVD-Kamerlid Geert Wilders schuift aan bij de RTL-talkshow Barend en Van Dorp. Daar geeft hij zijn visie op de aanslagen in de Verenigde Staten en de rol die islamitisch extremisme speelt in de wereld. ‘Ik heb vanaf het begin duidelijk gemaakt dat de VVD niets heeft, dat ik niets heb, tegen de islam.’ Hij keert zich af van Pim Fortuyn, die een ‘koude oorlog tegen de islam’ predikt. Een ‘verwerpelijke opmerking’, vindt Wilders.

Het probleem is volgens Wilders ‘dat kleine stukje moslimextremisme’. Maar als er extremisme op de wereld is, is dat wel ‘negen van de tien keer de islam’. Later zou Wilders zeggen dat hij in die tijd onder de knoet zat bij de VVD en niet kon zeggen wat hij werkelijk vond.

Oktober 2006

In 2004 vertrekt Wilders bij de VVD na onenigheid over een toekomstig EU-lidmaatschap van Turkije. Hij besluit een eigen partij op te richten, waarmee hij in 2006 voor het eerst meedoet aan de Tweede Kamerverkiezingen.

In aanloop naar die verkiezingen profileert Wilders zich met fel anti-islamitische standpunten. Zo waarschuwt hij in de Volkskrant voor een ‘tsunami van islamisering’. Hij vindt dat mensen met een migratieachtergrond een ‘assimilatiecontract’ moeten ondertekenen. De bouw van nieuwe moskeeën wil hij verbieden: ‘We hebben er gewoon te veel. Ik word gek van al die moskeeën.’

Augustus 2007

Wilders is inmiddels met acht metgezellen toegetreden tot de Tweede Kamer. Daar neemt hij plaats in de oppositie, als coalitiepartner wordt hij door niemand overwogen.

Zijn tirade tegen alles wat islamitisch is gaat verder met een brief in de Volkskrant. Daarin zegt Wilders niet te geloven in het bestaan van een gematigde islam. ‘Er is islam, en daar houdt het mee op. En islam is de Koran, en niets dan de Koran.’

Dus moet de Koran verboden worden, vindt de voorman van de Partij voor de Vrijheid. ‘De kern van het probleem is de fascistische islam, de zieke ideologie van Allah en Mohammed zoals neergelegd in de islamitische Mein Kampf: de Koran.’

Een paar jaar later wordt Wilders voor die vergelijking en andere uitspraken vervolgd, maar ook vrijgesproken.

September 2009

Tijdens de Algemene Beschouwingen botst Wilders sterk met de rest van de Tweede Kamer. Reden is dat hij pleit voor een belasting op het dragen van een hoofddoek, door Wilders omschreven als ‘kopvoddentaks’.

Wilders vindt dat moslima’s 1.000 euro per jaar moeten betalen om een hoofddoek te mogen dragen: ‘Een beter milieu begint bij jezelf, dit is vervuiling van de publieke ruimte’, zei Wilders. ‘De vervuiler betaalt.’ De hoofddoek is volgens Wilders een ‘symbool van onderdrukking’ dat hij ‘spuug- en spuugzat is’.

Een hoofddoekbelasting komt er nooit. Een verbod op boerka’s, als onderdeel van een wet tegen gezichtsbedekkende kleding in de publieke ruimte, komt er wel in 2019, veertien jaar nadat Wilders dat voor het eerst voorstelde.

Februari 2011

In de loop van de jaren blijft de islam prominent op Wilders’ agenda staan, maar worden ook andere xenofobe standpunten en een harde lijn op veiligheid belangrijk. Wilders pleit bijvoorbeeld voor ‘tuigdorpen’: afgelegen plekken waar containers komen te staan voor veelplegers. ‘Zet al het schorriemorrie bij elkaar’, aldus Wilders. ‘Tuigdorp’ schopt het in 2011 zelfs tot Woord van het Jaar bij Van Dale.

Jaren daarvoor heeft Wilders al eens gepleit voor met scherp schieten op de knieën van relschoppers. In 2012 baart Wilders opzien met het opzetten van een meldpunt waar mensen kunnen klagen over de overlast van Polen, Bulgaren en Roemenen.

Maart 2014

De PVV doet mee aan de gemeenteraadsverkiezingen in Den Haag en Almere. In totaal behaalt de partij zestien zetels in die twee gemeenten. Op de uitslagenavond spreekt Wilders zijn partij toe en stelt hij een paar retorische vragen, waar het publiek antwoord op moet geven.

‘Ik mag het eigenlijk niet zeggen, want er wordt aangifte tegen je gedaan. En misschien zijn er zelfs D66-officieren die het een proces aandoen. Maar de vrijheid van meningsuiting is een groot goed en we hebben niets gezegd dat niet mag en niets gezegd dat niet klopt. Dus ik vraag aan jullie: willen jullie in deze stad en in dit land meer of minder Marokkanen?’

‘Minder! Minder! Minder!’, scandeert het publiek.

‘Nou, dan gaan we dat regelen.’

Voor die uitspraak wordt Wilders, zoals hij al verwachtte, vervolgd. Dit keer wordt hij wel veroordeeld vanwege groepsbelediging.

Maart 2018

In 2018 reist Wilders naar Rusland voor een bezoek aan de Doema, het Russische lagerhuis. Eerder heeft hij Rusland al bondgenoot in de strijd tegen terrorisme en massa-immigratie genoemd. Hij wil tegenwicht bieden aan de ‘hysterische russofobie die her en der heerst in Nederland’. Hoewel hij ‘groot fan van de Navo’ is, zegt Wilders begrip te hebben dat Rusland zich bedreigd voelt door uitbreiding van het bondgenootschap naar het oosten.

Het is op dat moment een kleine vier jaar na de annexatie van de Krim en het neerhalen van vlucht MH17 door Russische separatisten boven Oost-Oekraïne. Met een speldje op z’n borst met Russische en Nederlandse vlag, ontmoet Wilders Russische parlementariërs. In een interview met Russia Today zegt Wilders zich niet te kunnen vinden in al het beleid van Poetin, maar complimenteert hij hem wel als leider: ‘Aan dat soort leiderschap ontbreekt het in Europa.’

Juni 2021

NRC publiceert een artikel over PVV-Kamerlid Dion Graus, waarin Wilders’ getrouw wordt beschuldigd van seksuele intimidatie en machtsmisbruik. Volgens Wilders klopt er niks van. Op Twitter zegt hij het volgende:

Op diezelfde dag presenteert de Nederlandse journalistenvakbond een onderzoek waaruit blijkt dat vier op de vijf journalisten met agressie of intimidatie te maken krijgen. Dat heeft volgens Wilders niks te maken met uitspraken zoals de zijne: ‘Journalisten allemaal boos. Blijkbaar heb ik een gevoelige snaar geraakt. Ze kunnen de bomen in.’

December 2021

Na lang formeren is het vierde kabinet Rutte aanstaande, opnieuw zonder PVV. Dilan Yesilgöz (VVD) wordt minister van Justitie en Veiligheid. Dat ziet Wilders absoluut niet zitten, twittert hij:

In januari 2022 spreken Yesilgöz en Wilders met elkaar. Wat er precies is besproken is onduidelijk, maar zowel Yesilgöz als Wilders reppen van een ‘goed gesprek’.

November 2023

Wilders is de grote winnaar van de Tweede Kamerverkiezingen met 37 zetels. In aanloop naar de verkiezingen lonkt hij openlijk naar regeringsdeelname. Dat zijn verkiezingsprogramma niet zonder stevige concessies is uit te voeren, snapt Wilders: ‘De islam zal nooit uit ons dna gaan, maar de prioriteit ligt nu duidelijk bij andere zaken als het gaat om de komende regeerperiode.’.

De scherpe randjes gaan eraf, wil Wilders de kiezer doen geloven. In zijn programma staat nog altijd een verbod op islamitische scholen, de koran en moskeeën, maar als die punten sneuvelen in de coalitieonderhandelingen, kan Wilders daar mee leven.

Rond 21.30 uur op 22 november stapt Wilders als winnaar richting de microfoon in het Scheveningse café ‘t Seepaardje, waar hij zijn aanhang toespreekt. Nederland heeft volgens hem voor ‘een agenda van hoop’ gestemd.

Hij doet een oproep aan andere partijen: ‘Nu zullen we moeten zoeken met elkaar naar overeenkomsten, zullen we met elkaar moeten samenwerken.’ Daarvoor moeten alle partijen, ook de PVV, over hun schaduw heen springen. Alleen zo wordt ‘die asieltsunami, die immigratie’ weer beperkt en wordt ‘Nederland weer voor de Nederlanders’, vindt Wilders. Komt hij aan de macht, dan zal Wilders een ‘premier voor alle Nederlanders’ zijn. ‘Ongeacht waar je vandaan komt en wat je geloof is.’

Een klein half uur later zegt ook NSC-leider Pieter Omtzigt dat de verkiezingsuitslag ‘vraagt van heel veel politici om over hun schaduw heen te stappen’.

EINDE

TESTOSTERONBOMMEN

HETZE PVV LEIDER WILDERS TEGEN VLUCHTELINGEN/TESTOSTERONBOMMEN

ASTRID ESSED

YOUTUBE.COM

GEERT WILDERS: MANNELIJKE ASIELZOEKERS OPSLUITEN

IN AZC’S

0.00-3.05

Geert Wilders [PVV]:”Duizenden Arabische mannen hebben de afgelopen tijd honderden vrouwen sexueel aangevallen, vernederd, verkracht.Alle vrouwen zijn loslopend wild.Testosteronbommen heb ik de daders genoemd.We hebben gezien, waar ze toe in staat zijn.Het is sexueel terrorisme, een sexuele Jihad.En het gebeurt overal in Europa.In Nederland, Duitsland, Zweden, Oostenrijk.Overal.Waar honderdduizenden vooral alleenstaande mannen uit een cultuur van vrouwenonderdrukking werden binnengelaten.Overal waar de onverantwoorde Open Deur politie zoals premier Rutte en kanselier Merkel de rode loper wordt uitgerold voor deze testosteronbommen.Overal krijgen we nu te maken met een verkrachtingsepidemie.Het is een ramp, die vermeden had kunnen worden en vermeden had moeten worden, maar niet vermeden werd.Op vele plaatsen probeerden de autoriteiten en de media het verschrikkelijke nieuws onder de pet te houden, onder het tapijt te schuiven, maar dat lukt ze niet meer.De geest is uit de Fles.En er heerst, terecht, woede, angst, in Nederland en in de rest van Europa.Mensen zijn, terecht, heel erg boos, duizenden Nederlandse vrouwen stellen zich grote vragen bij hun eigen veiligheid.”Wie zal mij beschermen”Duizenden Nederlandse mannen maken zich grote zorgen over de veiligheid van hun vrouwen.”Wie zal hen helpen”En duizenden Nederlandse ouders zijn bang voor wat hun dochters kan overkomen.”Wie waakt er over hen”Vreselijke massa aanrandingen zoals in Keulen kunnen ook hier in Nederland gebeuren.En het is tijd, die waarheid onder ogen te zien.Deze daders komen uit een cultuur waarin vrouwen minderwaardige wezens zijn, een cultuur van eerwraak en vernedering.Een cultuur, gesticht door een Profeet, die seksslavinnen had en een negenjarig meisje verkrachtte.Het is tijd, ook die waarheid onder ogen te zien.Want wie wegkijkt, wie wegkijkt, is medeschuldig.En het wordt steeds duidelijker:Premier Rutte, mevrouw Merkel en al die andere politici in Europa, die hun grenzen weigerden te sluiten, ze laten onze vrouwen en dochters keihard in de steek en zijn dus medeverantwoordelijk.Wat de PVV betreft is het duidelijk:Onze grenzen moeten dicht.Dicht voor alle asielzoekers en alle immigranten uit islamitische landen.Maar zolang dat niet gebeurt, zolang de islamitische testosteronbommen als een Zwaard van Damocles boven de Nederlandse vrouwen hangen, stel ik voor, dat we mannelijke asielzoekers opsluiten in de AZC’s.Voor hen moeten de AZC’s gesloten instellingen worden.Zodat geen enkele mannelijke asielzoeker nog de straat op kan en zodat onze vrouwen eindelijk worden beschermd.”
EINDE YOUTUBE FILMPJE

MAROKKANENDEBAT

 [2013]/MAROKKANENDEBAT/NACHT DER SCHANDE/TWEEDE KAMER

LEGITIMEERT ALLOCHTONENHAAT

ASTRID ESSED

NOS

MAROKKANENDEBAT ALS NACHTKAARS UIT

5 APRIL 2013

https://nos.nl/artikel/492251-marokkanendebat-als-nachtkaars-uit

Het debat in de Tweede Kamer over ‘het Marokkanenprobleem’ heeft geen nieuwe standpunten opgeleverd. Alle fracties gebruikten het debat om hun al bekende standpunt over integratieproblemen naar voren te brengen.

De PVV had het debat aangevraagd naar aanleiding van de dood van grensrechter Richard Nieuwenhuizen. Volgens PVV-leider Wilders werd in de discussie die daarop volgde ten onrechte gesproken over voetbalgeweld. Hij vindt dat problemen die worden veroorzaakt door jongeren van Marokkaanse afkomst te vaak onbesproken blijven.

‘Kwetsend en discriminerend’

De andere partijen namen hier afstand van en noemden de titel van het debat kwetsend en discriminerend. Minister Asscher van Sociale Zaken zei dat het kabinet niet wegloopt voor de problematiek, maar dat het gaat om problemen bij individuele gevallen en niet bij een hele bevolkingsgroep.

Volgens Asscher is het een kwestie van criminaliteit aanpakken, in bepaalde gevallen opvoedingsondersteuning geven en de probleemjongeren goed onderwijs en banen geven. Ook denkt hij dat door groepsdruk jongeren elkaar kunnen corrigeren als ze het verkeerde pad op dreigen te gaan.

Motie

De PVV diende een motie die het kabinet oproept “het Marokkanenprobleem keihard aan te pakken”. Deze motie haalt geen meerderheid.

EINDE

Reacties uitgeschakeld voor Noot 21/VERZET

Opgeslagen onder Divers