NOOT 11/DUBBEL

[11]
THE RIGHTS FORUM

Broodkruimels als antwoord op genocide

27 FEBRUARI 2026
Het nieuwe kabinet zet wat mini-stapjes op weg naar rechtvaardigheid voor de Palestijnen, maar bij lange na niet genoeg. Een volk dat wordt uitgehongerd heeft niets aan broodkruimels. En de Rode Lijn is niet bedoeld als decor voor campagnefoto’s. Het is een morele ondergrens.

Het was een pijnlijk moment in het debat over de regeringsverklaring van het kabinet-Jetten: de foto van premier Jetten bij de Rode Lijn-demonstratie werd omhooggehouden, gevolgd door de vraag waarom de woorden van toen nu verdampt zijn. ‘Toen zei Rob Jetten dat Palestina erkend moet worden, dat Israël een genocide pleegt, dat Israël oorlogsmisdaden pleegt en dat er tegen Israël sancties moeten komen’, hield Van Baarle (DENK) hem voor. En nu? ‘Israël “maar eventjes gaan aanspreken”.’

Laten we eerlijk zijn: ja, dit kabinet zet een paar mini-stapjes de goede kant op. Het herstellen van de relatie met UNRWA en het weer vrijmaken van budget daarvoor is nodig en welkom. Juist nu honger, ziekte en ontwrichting dagelijks levens kosten. Jetten wijst op de afronding van de onderzoeken naar UNRWA om de relatie te herstellen. Ook de belofte om humanitaire toegang tot Gaza te verbeteren en humanitaire organisaties te steunen die door Israël het werken in Palestina onmogelijk wordt gemaakt, is essentieel. Niemand kan dat ontkennen.

Maar de vraag is niet of er wel of niet iets gebeurt. De vraag is of het genoeg is. En het antwoord is: bij lange na niet.

Politieke speelbal

De coalitie heeft het over het einde van ‘(de uitbreiding van) illegale nederzettingen’, het beëindigen van het belemmeren van noodhulp, het herstellen van de relatie met UNRWA en het in stand houden van nationale en Europese sancties ‘jegens (leden van) de regering-Netanyahu’. Dat klinkt principieel, maar de praktijk die in het debat zichtbaar werd is er vooral een van compromissen: net genoeg om te kunnen zeggen dat de coalitie ‘iets’ doet, maar veel te weinig om de druk op te bouwen die de misdaden doet stoppen.

Zo zeggen D66 en de premier zélf al langer dat erkenning van Palestina logisch en noodzakelijk is. En toch gebeurt het niet. Omdat VVD en CDA weigeren en D66 dat accepteert als prijs om te kunnen regeren. Jetten zei het in de Kamer ronduit: De drie fracties […] kijken alle drie net op een andere manier naar het moment en de manier waarop je de Palestijnse Staat erkent.’ Met andere woorden: van een volk dat onder bezetting, apartheid en structureel geweld leeft, wordt erkenning gedegradeerd tot punt van onderhandeling. Zo wordt het recht op zelfbeschikking van het Palestijnse volk tot politieke speelbal gemaakt.

Nog steeds medeplichtig

Dat is niet alleen politiek lelijk, het is moreel onhoudbaar. Over genocide, apartheid en etnische zuivering sluit je geen compromissen. Je kunt je niet ‘een beetje’ verzetten tegen genocide. Je kunt je niet ‘half’ verzetten tegen apartheid. Je kunt je niet ‘gedeeltelijk’ verzetten tegen etnische zuivering, marteling en buitengerechtelijke executies. Een beetje wegkijken blijft wegkijken. Een beetje meewerken blijft meewerken. En een beleid dat vooral ontworpen is om VVD en CDA binnenboord te houden, blijft, hoe mooi de woorden ook zijn, medeplichtigheid in stand houden.

Want terwijl het kabinet enkele halve sancties noemt, blijft Nederland nog altijd economische relaties gedogen die de bezetting en nederzettingen voeden. Het probleem is dat de bezettings- en nederzettingeneconomie verweven is met de Israëlische economie als geheel. Een handelsverbod dat zich beperkt tot een paar producten of labels – terwijl handelsstromen, investeringen, aanbestedingen en samenwerking met betrokken bedrijven gewoon doorgaan – is geen ‘drukmiddel’ maar een ‘gedoogmiddel’, bedoeld om de coalitie mogelijk te maken.

En ondertussen blijft Nederland samenwerken met een bezettingsleger dat de wereld dagelijks confronteert met massaal geweld tegen Palestijnse burgers. Je kunt niet enerzijds zeggen dat je pal staat voor de internationale rechtsorde en anderzijds militaire samenwerking normaliseren, aankopen doen bij Israëlische bedrijven die hun wapens testen op de Palestijnse bevolking, of de doorvoer en export van militair relevante goederen slechts gedeeltelijk begrenzen.

Aan de slag!

Dit kabinet doet niet wat veel Nederlanders vragen. Peilingen van IpsosMotivaction en EenVandaag wijzen uit dat een substantële meerderheid van de kiezers een rechtvaardiger Palestina-beleid wil, gebaseerd op concrete maatregelen tegen Israël: niet alleen een verbod op handel met de illegale nederzettingen, maar brede economische sancties en een stop op de wapenexport. Dit is, zoals wordt gesuggereerd, niet ‘te radicaal’ of ‘te ingewikkeld’ voor de samenleving, maar voor D66, VVD en CDA – partijen die niet voldoen aan hun verplichtingen onder internationaal recht omdat het ‘te ingewikkeld’ is voor hun coalitieakkoord.

Wie de Rode Lijn serieus neemt, moet ophouden met kruimels strooien en beginnen met daden die ertoe doen. Dat betekent ten minste:

  • Erken de Staat Palestina nu, niet ‘aan het eind van een proces’ dat ondertussen wordt gesaboteerd door annexatiepolitiek.
  • Een volledig wapenembargo: export, import, doorvoer en elke vorm van militaire samenwerking stopzetten — geen uitzonderingen die de regel uithollen.
  • Echte sancties: niet alleen tegen een paar ‘extremistische’ figuren, maar tegen verantwoordelijke bestuurders, entiteiten en bedrijven die geweld, bezetting en nederzettingen mogelijk maken.
  • Een volledig verbod op handel en investeringen die bijdragen aan nederzettingen en bezetting — inclusief financiële stromen, pensioenbeleggingen en publieke aanbestedingen.

Morele ondergrens

Dit kabinet belooft meer dan de vorige kabinetten. Dat kon ook moeilijk anders: de werkelijkheid heeft de oude praatlijnen ingehaald. De vraag is of het kabinet nu eindelijk kiest voor rechtvaardigheid, of opnieuw voor pappen-en-nathouden, met VVD en CDA op de rem en D66 dat ‘het maximaal haalbare’ verkoopt als moreel succes.

Broodkruimels zijn niet genoeg voor een bevolking die doelbewust wordt uitgehongerd. En ‘foei zeggen’ helpt niet tegen een regime dat zich al decennia schuldig maakt aan oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. Op dit dossier bestaat geen middenweg. Wie met compromissen reageert op onrecht, kiest in de praktijk de kant van het onrecht.

De Rode Lijn is niet bedoeld als decor voor campagnefoto’s. Het is een morele ondergrens.

”Jetten was er met zijn coalitiepartners niet uitgekomen, zei hij tijdens het Tweede Kamerdebat over de regeringsverklaring van 25 en 26 februari. Een rechtvaardig beleid voor Palestijnen én Israëli’s, gebaseerd op het internationaal recht, bleek voor de VVD en het CDA onbespreekbaar. Die twee ‘kijken daar nét op een andere manier naar’, in de woorden van Jetten. Daar had hij zich bij neergelegd.”
THE RIGHTS FORUM
KABINET JETTEN BLIJFT ISRAEL BOVEN HET RECHT STELLEN
12 MAART 2026
D66 heeft het internationaal recht als wisselgeld gebruikt om met de VVD en het CDA te kunnen regeren. Daarvan doet zich nu het derde voorbeeld in twee weken voor, steeds met Israël als begunstigde.
alestina, Iran en Libanon. Die drie landen hebben gemeen dat zij door Israël in strijd met het internationaal recht worden aangevallen, en dat Nederland weigert die aanvallen expliciet te veroordelen. Het kabinet van premier Rob Jetten (D66) lijkt nog in veel op zijn voorgangers die steun aan Israël vooropstelden.

Palestina

Jetten was er met zijn coalitiepartners niet uitgekomen, zei hij tijdens het Tweede Kamerdebat over de regeringsverklaring van 25 en 26 februari. Een rechtvaardig beleid voor Palestijnen én Israëli’s, gebaseerd op het internationaal recht, bleek voor de VVD en het CDA onbespreekbaar. Die twee ‘kijken daar nét op een andere manier naar’, in de woorden van Jetten. Daar had hij zich bij neergelegd.

Dus is de kwestie-Palestina weer een ‘ingewikkeld conflict’, mag de Israëlische genocide in Gaza niet zo genoemd worden, en is erkenning van de Staat Palestina ondenkbaar: de VVD is mordicus tegen en het CDA stelt eigen voorwaarden aan het zelfbeschikkingsrecht van de Palestijnen.

Iran

Twee dagen na het debat startten Israël en de VS hun naar alle maatstaven illegale oorlog tegen Iran. Nederland liet na die te veroordelen. Sterker, het kabinet-Jetten toont er ‘begrip’ voor en zet met het uitzenden van het fregat Zr. Ms. Evertsen de eerste schreden op weg naar betrokkenheid. De kans bestaat dat Nederland zo de oorlog wordt ingerommeld, aan de zijde van de agressors.

Dat Israël en de VS het internationaal recht schenden – een feit dat door deskundigen uitvoerig is belicht – wilde het kabinet niet expliciet uitspreken. Na zware kritiek liet premier Jetten weten dat zowel de aanvallen van de VS en Israël als die van Iran ‘buiten de kaders van het internationaal recht vallen’. Maar, schrijft Trouw, diezelfde avond karakteriseerde Jettens coalitiegenoot en minister van Defensie Dilan Yesilgöz (VVD) dat standpunt als ‘morele verhevenheid’ waaraan vooral niet moet worden vastgehouden.

Eerder stelde minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA) al dat ‘het internationaal recht niet het enige kader is dat je op de situatie kunt leggen’. Het kabinet hanteert ook eigen criteria. Want het Iraanse regime onderdrukt de bevolking en vormt een ‘dreiging voor de regio en de hele wereld’, volgens Berendsen. Dat zijn stuk voor stuk criteria die het kabinet ook ‘op Israël kan leggen’, zelfs moet leggen, maar dat al jaren nalaat.

Libanon

Intussen dient de derde testcase zich aan in Libanon, waar Israël 816.000 Libanese burgers heeft verdreven en hun woongebieden met de grond gelijk maakt. Dit als gevreesde opmaat naar permanente Israëlische bezetting en kolonisering van Zuid-Libanon – en daarmee de permanente verdrijving van de bevolking.

In het land dreigt een crisis, met de kans dat vluchtelingenstromen op gang komen naar instabiele buurlanden en de Europese Unie. Dit naast het risico dat het geweld in en rond Libanon escaleert, boven op de regionale schokgolven waar we al getuige van zijn.

Maar in Den Haag is het stil. Het kabinet maakt geen aanstalten om Israëls geweld in Libanon te veroordelen als een flagrante schending van het internationaal recht en als een ‘dreiging voor de regio en de hele wereld’.

Overeenkomsten

De overeenkomst tussen Palestina, Iran en Libanon is de complete destructie die Israël er aanricht, met als expliciet doel die staten te ontwrichten, ongeacht de gevolgen voor hun bevolkingen. De tweede overeenkomst is dat Nederland het laat gebeuren en bereid is daarvoor zijn verplichtingen onder het internationaal recht opzij te zetten – steeds met Israël als begunstigde.

Het verschil met de Nederlandse reactie op de Russische inval in Oekraïne is groot. Waar Rusland hard wordt gesanctioneerd, blijft een veroordeling van Israëls geweld driemaal achtereen uit – laat staan dat het land met sancties iets in de weg wordt gelegd.

Met zijn handelwijze ondermijnt het kabinet de internationale rechtsorde en Nederlands rol als consequente hoeder daarvan. Ook dreigt schade aan de belangen van Nederlandse burgers. Die kan serieuze vormen aannemen, schreef NRC in zijn Commentaar van 6 maart over de oorlog tegen Iran. De krant laat zien hoe de stijging van de olieprijs de inflatie aanjaagt en leidt tot een afname van de economische groei.

Van ver zien aankomen

Hoe kan een kabinet onder D66-leiderschap dat laten gebeuren? Het antwoord: de VVD en het CDA. Die kijken niet ‘nét op een andere manier’ naar Israëls schendingen van de rechtsorde, maar hebben daar een fundamenteel andere opvatting over.

Dat zag Jetten uiteraard van ver aankomen toen hij aanschoof bij de VVD en het CDA. De vraag was of hij dat in zijn eigen kabinet zou dulden, of dat hij een einde zou maken aan decennia van pro-Israëlbeleid. Jetten was in de positie om af te dwingen dat Nederland onder zijn hoede zal voldoen aan zijn verplichtingen onder internationaal recht. Dat heeft hij nagelaten.

Reacties uitgeschakeld voor NOOT 11/DUBBEL

Opgeslagen onder Divers

Reacties zijn gesloten.