Categorie archief: Divers
NOTEN 24 T/M 26/BIZARRE TIJDEN!
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 24 T/M 26/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOOT 23/BIZARRE TIJDEN!
‘Als radicaal-rechtse partijen succesvol worden, schuiven gevestigde partijen naar hen op. Zelf heb ik onderzoek gedaan naar wat er gebeurt als centrumrechts het taalgebruik van uiterst rechts overneemt, bijvoorbeeld op het gebied van migratie. Dat is van grote invloed op de sociale norm, het leidt tot meer xenofobe uitingen. Middenpartijen worden immers gezien als democratischer, zij bepalen wat maatschappelijk acceptabel is. In die zin spelen ze een cruciale rol in het proces van normalisering.’”
DE VOLKSKRANT
Hoe kon radicaal-rechts zo groot worden? ‘Deze groep kiezers was er altijd al, maar hield zich stil vanwege de sociale consequenties’
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 23/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOTEN 20 T/M 22/BIZARRE TIJDEN!
Het contrast met twee jaar geleden, toen een euforische Sigrid Kaag op de tafel sprong en de partij uiteindelijk 24 zetels behaalde, is groot. Maar belangrijker nog, dit is niet helemaal het zetelaantal waar de huidige lijsttrekker Rob Jetten op hoopte.
‘Een harde klap’
“Mooi in de dubbele cijfers”, dat was het doel, zo zei hij woensdagochtend nog tegen een verslaggever van WNL. Dat lijkt gelukt. Al dacht Jetten nog wel dat er meer dan tien zetels in zaten, toen hij in Den Haag zijn stem uitbracht.
“We moeten realistisch zijn. Deze uitslag is voor ons een harde klap”, zegt Jetten als hij even na tienen onder luid applaus en gejuich het podium betreedt. “We hadden op meer gehoopt, maar tegelijkertijd hebben we de voorspellingen van een paar weken terug keihard verslagen.”
Het is tekenend voor het optimisme waarmee D66-leden ook kort voor de eerste exitpolls nog over de campagne spraken. “Hij versloeg in alle debatten zijn tegenstanders en het zou me niet verbazen als Rob Jetten vanavond ook de peilingen verslaat”, zei de Amsterdamse fractievoorzitter Rob Hofland nog vrolijk in zijn openingswoord.
‘Extremistische ideeën’
Na de exitpolls overheerst gelatenheid. Misschien niet eens zozeer vanwege de uitslag van D66, als wel door die van de PVV. De gematigde toon die partijleider Geert Wilders gedurende de campagne aansloeg, die vertrouwen de D66-leden niet. Zoals Jetten op het podium zegt: “Wij weten dat achter die gematigde toon nog altijd extreme ideeën schuilgaan.”
Wilders bedrijft een ‘politiek van intolerantie’, zegt Jetten. En dat hij aan de macht is gekomen is niet alleen te danken aan de PVV, maar ook aan VVD-leider Dilan Yesilgöz. “De politiek van intolerantie is genormaliseerd terwijl die nooit normaal mag zijn”, zegt Jetten. “De VVD voerde campagne over de ruggen van vluchtelingen.”
Strategisch richting GroenLinks-PvdA
D66 voerde juist een positieve campagne, zegt Jetten. De afgelopen weken benadrukte hij vaak en graag hoeveel hij en andere D66-ministers op thema’s als klimaat en onderwijs voor elkaar kregen. D66 is een partij die niet alleen praat over verandering, maar ook echt in actie komt, was steeds de onderliggende boodschap.
Het verhaal sloeg aan, maar de eindsprint waar de partij op hoopte leverde het niet op. Waarschijnlijk vertrok toch een deel van de kiezers al dan niet strategisch richting het GroenLinks-PvdA van Frans Timmermans.
Toch begint het nu pas, benadrukt Jetten. “In Nederland is er één partij die altijd opstaat en zich uitspreekt tegen intolerantie. Ook, of juist, wanneer anderen stil blijven. En dat zijn de Democraten 66.”
EINDE
[21]
PVV VERKIEZINGSOVERWINNING 2023/VOER
DE STRIJD!/JUIST NU!
ASTRID ESSED
28 NOVEMBER 2023
https://www.astridessed.nl/
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 20 T/M 22/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOOT 19/BIZARRE TIJDEN!
‘De geest kan niet terug in de fles. Deze groep kiezers was er altijd al, maar hield zich stil vanwege de sociale consequenties. Inmiddels weten ze dat ze niet alleen staan en zijn hun opvattingen genormaliseerd. Waarom zouden ze zich opnieuw terugtrekken in stilte? Hetzelfde geldt voor politici, die weten nu ook dat er electoraal succes te behalen valt met deze groep.”
DE VOLKSKRANT
Hoe kon radicaal-rechts zo groot worden? ‘Deze groep kiezers was er altijd al, maar hield zich stil vanwege de sociale consequenties’
‘Een échte Texaanse kerk?’, vragen haar vriendinnen. Met van die christenfundamentalisten en mensen die op Trump stemmen?
‘Het zijn aardige mensen’, zegt Kate. ‘Goede gezinnen.’
Bij de vriendinnen begint het te dagen: iets wat vroeger een vanzelfsprekendheid was – we stemmen niet op de Republikeinse Partij – is dat nu niet meer. De sociale norm tussen de drie, het kluwen van onuitgesproken, informele regels die ons gedrag beïnvloeden, is verschoven.
‘Maar jíj hebt niet op Trump gestemd, toch?’, vraagt de ene vriendin nog, ongemakkelijk hinnikje en al. Kate werpt haar een betekenisvolle blik toe, het gezicht dat een rijke, Texaanse huismoeder in Lululemon-legging normaliter bewaart voor haar kinderen. ‘Gaan we het echt over Trump hebben?’
Vicente Valentim (43) moet lachen als hij hoort dat een van de meest besproken scènes in het afgelopen seizoen van de HBO-serie zo doet denken aan wat hij in zijn boek beschrijft. In The Normalization of the Radical Right geeft de Portugese politicoloog een verklaring voor hoe radicaal-rechts (of in sommige landen extreemrechts) in Europa de afgelopen jaren zo aan kracht heeft gewonnen. Daarbij is volgens hem een belangrijke rol weggelegd voor sociale normen en hoe die het politieke gedrag van kiezers beïnvloeden.
‘Die scène is inderdaad illustratief’, zegt Valentim. ‘Kate voelt aan dat haar vriendinnen het veroordelen. Dat wordt niet uitgesproken; het hangt in de lucht. Tegelijkertijd laat ze net genoeg los om te laten merken dat ze wel op Trump heeft gestemd. De sociale norm is zwakker geworden.’
Om het even naar de realiteit te halen, en dichterbij: ‘Als je twintig jaar geleden op een extreemrechtse partij in Duitsland zou stemmen, ver voor de opkomst van de AfD dus, was dat waarschijnlijk het einde van een vriendschap geweest. Nu is dat anders, hoewel er nog steeds ongemak is. Die scène laat die dynamiek subtiel, maar krachtig zien.’
Onder politicologen is het boek van de jonge wetenschapper lyrisch ontvangen. ‘Ongekend erudiet en solide’, zegt Cas Mudde er desgevraagd over, de Nederlander die geldt als autoriteit op het gebied van populistisch rechts. ‘Hij geeft een overtuigende verklaring voor de normalisering van radicaal-rechts, door te kijken naar sociale wenselijkheid. Daarvan waren we ons altijd bewust, maar we hadden er nog geen goede, theoretisch verantwoorde verklaring voor.’
‘Het is een onmisbaar boek voor wie de dynamiek van populisme in westerse democratieën wil doorgronden’, zegt hoogleraar Catherine de Vries. ‘Valentim laat overtuigend zien dat we, om de opkomst van radicaal-rechts te verklaren, moeten begrijpen hoe bepaalde opvattingen politiek salonfähig worden.’
Het academische The Normalization of the Radical Right, dat nog niet in een publieksversie bestaat, werd door de Financial Times geselecteerd als een van de beste boeken van 2024. ‘Dit boek heeft me, meer dan elk ander boek, anders laten denken over de ingrijpende politieke en sociale veranderingen van de afgelopen jaren’, schreef de FT-journalist die het selecteerde.
Valentims zoektocht begon acht jaar geleden in Portugal, waar hij vandaan komt. Hij promoveerde op dat moment in Italië, maar bij bezoekjes aan zijn geboortegrond merkte hij dat de mensen, als ze zich op hun gemak voelden, voorkeuren uitten die als radicaal-rechts gezien kunnen worden: anti-migratie en xenofoob, maar soms ook anti-democratisch.
‘Alleen was er in Portugal, in tegenstelling tot veel andere Europese landen, toen nog geen succesvolle radicaal-rechtse partij. Het land werd als uitzondering gezien, Portugal zou ‘immuun’ zijn. Inmiddels is dat anders, weten we.’ De partij Chega haalde deze week bij de landelijke verkiezingen bijna een kwart van de stemmen.
‘Tegelijkertijd merkte ik dus dat mensen wel degelijk deze voorkeuren hadden. Misschien komt de opkomst van radicaal-rechts niet doordat mensen plotseling van mening veranderen, dacht ik toen, maar doordat ze zich ineens vrij voelen hun mening te uiten. Dat wilde ik verder onderzoeken.’
Waarom zouden kiezers niet, onder invloed van economische of culturele ontwikkelingen, rechtser worden?
‘In de politicologische literatuur zijn er inderdaad grofweg twee denkrichtingen: economische verklaringen en culturele verklaringen. Mensen zouden vatbaarder zijn voor radicaal-rechts vanwege structurele economische ontwikkelingen, zoals globalisering, of nu kunstmatige intelligentie. Als ze het gevoel hebben dat ze daardoor worden benadeeld, gaan ze op dit soort partijen stemmen.
‘De culturele verklaring gaat uit van veranderende waarden: uit protest tegen voortschrijdende emancipatie, bijvoorbeeld op het gebied van diversiteit, lhbti- en vrouwenrechten, kiezen meer mensen voor radicaal-rechtse partijen, want die beloven een terugkeer naar ‘vroeger’.
‘Beide denkrichtingen suggereren dat het aantal mensen met deze voorkeuren sterk toeneemt. Toch strookt dat niet met wat we weten uit wetenschappelijk onderzoek: politieke opvattingen zijn over het algemeen vrij stabiel. Als je links bent, blijf je vaak links. Voor rechtse mensen geldt hetzelfde. Er zijn kleine verschuivingen, geen grote. Terwijl de groei van radicaal-rechtse partijen enorm is. Neem Spanje, waar ik werk: Vox haalde in 2015 nog maar 0,2 procent van de stemmen, binnen vier jaar was dat 15 procent.
‘Zo snel en hevig veranderen politieke opvattingen niet. Wat wel veranderde, is de mate waarin mensen het gevoel hebben dat ze die voorkeuren kunnen uiten, zonder daarvan negatieve gevolgen te ondervinden.’
Een andere verklaring is dat deze partijen scoren als verkiezingen om hun thema’s draaien, zoals migratie.
‘Op het niveau van individuele verkiezingen is dat zeker van invloed. Maar het verklaart niet het grotere geheel, namelijk dat radicaal-rechtse partijen van totaal irrelevant naar succesvol zijn gegaan en nu een vaste plek hebben in het politieke landschap. Dat is een structurele ontwikkeling, terwijl dominante thema’s wisselen van verkiezing tot verkiezing.
‘Radicaal-rechtse politici proberen deze onderwerpen wel actief op de agenda te krijgen, door schokkende dingen te zeggen. Zo blijven ze in de publiciteit en kunnen ze bepalen waarover wordt gepraat.’
In Nederland is al meer dan twintig jaar een verhit debat over politieke correctheid, de sociale norm die mensen zou beletten hun mening te geven. Waarom is dit toch een blinde vlek binnen de politicologie?
‘Van oudsher is de politicologie gericht op intrinsieke motivaties van kiezers, standpunten en voorkeuren die bepalend zijn voor politiek gedrag. Intuïtief is dat ook logisch: als mensen van partij wisselen, kan dat komen doordat ze van mening veranderd zijn. Toch denk ik dat door die focus andere factoren over het hoofd zijn gezien. Mensen kunnen namelijk ook hun gedrag veranderen zonder dat hun ideeën veranderen, omdat de context anders is.’
Het proces van de normalisering bestaat volgens Valentim uit drie fasen. In het eerste stadium hebben kiezers weliswaar radicaal-rechtse overtuigingen, maar uiten ze die niet. ‘Er is nog een sterke sociale norm die ze daarvan weerhoudt, er staan sociale repercussies op.’
Dat heeft ook gevolgen voor wie zich verkiesbaar stellen, benadrukt de politicoloog. Zijn theorie gaat over vraag en aanbod. ‘Als mensen hun mening niet laten horen, onderschatten politici hoe groot de groep is. Een politicus met radicaal-rechtse ideeën denkt dan: er is geen electoraat voor mij, ik begin er niet aan. Of diegene sluit zich aan bij een gewone rechtse partij, om meer kans te maken op succes. Het gevolg is dat de politici die wél openlijk voor radicaal-rechts kiezen, minder getalenteerd zijn. En daardoor ook weer minder kiezers aantrekken.’
Dit alles kan veranderen als er een grote gebeurtenis plaatsvindt in een land. Een terroristische aanslag bijvoorbeeld, of de komst van grote aantallen asielzoekers in korte tijd, zoals in 2015 en 2016 in Duitsland gebeurde. ‘Dat leidt ertoe dat mensen met radicaal-rechtse overtuigingen zich ineens wel uitspreken, op sociale media of op straat.
‘An sich is dat niet voldoende om de sociale norm te veranderen, zo’n piek in meningsuiting dooft vaak ook weer uit. Maar het is wel een signaal aan talentvolle politici: er zijn meer radicaal-rechtse kiezers dan ze dachten. Voor hen is er dan ruimte om deze ideeën als eerste te claimen.’
In de derde fase is er sprake van normalisering. ‘Kiezers beseffen: mijn opvattingen zijn blijkbaar niet zo marginaal of extremistisch. Daardoor voelen ze zich ook vrijer om zich uit te spreken op sociale media, in het café of op het werk. Vervolgens zien meer politici dat er electoraal gewin te behalen is op de rechterflank. Sommigen in het midden schuiven dan naar radicaal-rechts. Niet omdat hun opvattingen totaal veranderd zijn, maar omdat ze beseffen: met dit verhaal kun je ook winnen.’
In uw boek laat u zien dat radicaal- en extreemrechtse politici in Duitsland lang marginale figuren waren. Relatief laagopgeleid, geen netwerk. Dat veranderde met de komst van de AfD.
‘Uit mijn onderzoek blijkt dat er in Duitsland altijd al veel mensen waren met overtuigingen die tegen radicaal-rechts aanschuren. Die hielden hun opvattingen voor zich. Partijen waren weinig succesvol en hun politici verbleven in de marge van de politiek. Ze hadden geen toegang tot de media, geen ervaring met campagnes – niet erg aantrekkelijk voor kiezers, kortom.
‘De omslag kwam in 2015, met de vluchtelingencrisis. Toen begonnen meer mensen in Duitsland zich uit te spreken tegen migratie of tegen minderheden. De AfD bestond al, maar was in oorsprong geen radicaal-rechtse partij, eerder neoliberaal. De nieuwe leiding van de AfD greep haar kans en schoof op naar uiterst-rechts. Zij waren anders dan de oude garde van Duits radicaal-rechts: gepromoveerd, werkzaam bij grote bedrijven zoals Allianz en Goldman Sachs. Mensen van wie kiezers dachten: zij kunnen verkiezingen winnen. Je zag ook dat politici uit andere partijen – vooral de CDU – overstapten naar de AfD.’
Hoe verhoudt uw theorie zich tot de Nederlandse politieke situatie?
‘Nederland is een interessant voorbeeld. Als radicaal-rechts ergens wint, wordt vaak gedacht dat het om louter proteststemmen gaat. Dat het succes weer net zo snel zal verdwijnen als het opkwam. Nederland laat zien dat het structureel is. En dat succes blijft niet beperkt tot één partij of moment.
‘Pim Fortuyn was de eerste succesvolle radicaal-rechtse politicus in Nederland. Na de moord stortte zijn partij weliswaar in, maar het kiezerspotentieel bleef bestaan. Daarna kwamen Geert Wilders, Forum voor Democratie. Als Wilders ooit zou stoppen, springt iemand anders in dat gat.’
We kennen hier de zogenoemde Donner-doctrine, vernoemd naar voormalig minister Piet Hein Donner. Die veronderstelt dat het succes van radicaal-rechtse partijen afneemt zodra ze verantwoordelijkheid moeten dragen, omdat dan blijkt dat ze incompetent zijn.
‘Ik zie een ander patroon. Als ze voor het eerst verkozen worden in het parlement, wordt gezegd: ‘Iedereen zal snel zien dat ze zich niet kunnen gedragen.’ Zodra ze gaan regeren wordt verwacht dat ze kiezers zullen verliezen vanwege hun ongeschiktheid. Vaak is dat niet het geval. Mijn verklaring is dat mensen niet stemmen op competentie, maar op het wereldbeeld en de retoriek van radicaal-rechts.
‘Een persoonlijke kanttekening: als burger vind ik het een ongemakkelijke, frustrerende gedachte dat de samenleving het maar even moet uitzitten zodat kan worden aangetoond dat radicaal-rechts er niets van bakt. Voor geprivilegieerde groepen is dat wellicht niet zo erg, maar voor kwetsbare mensen kunnen die jaren grote gevolgen hebben.’
Wat is de rol van gewone rechtse partijen in de normalisering van radicaal rechts?
‘Als radicaal-rechtse partijen succesvol worden, schuiven gevestigde partijen naar hen op. Zelf heb ik onderzoek gedaan naar wat er gebeurt als centrumrechts het taalgebruik van uiterst rechts overneemt, bijvoorbeeld op het gebied van migratie. Dat is van grote invloed op de sociale norm, het leidt tot meer xenofobe uitingen. Middenpartijen worden immers gezien als democratischer, zij bepalen wat maatschappelijk acceptabel is. In die zin spelen ze een cruciale rol in het proces van normalisering.’
In het boek waarschuwt u ook dat democratische normen fragieler zijn dan we denken.
‘Als je mensen vraagt wat ze van democratie vinden, zegt bijna iedereen pro-democratie te zijn. Ik denk alleen dat veel mensen zich niet uit overtuiging democratisch gedragen, maar omdat ze denken dat het van hen wordt verwacht – weer die sociale norm dus. Het verschil is belangrijk, omdat er in het stemhokje niemand bij is. Ze zullen een politicus die antidemocratisch handelt dan ook minder snel afstraffen bij verkiezingen.
‘Er is een zorgwekkend onderzoek van Milan Svolik, een belangrijke denker over democratie. Hij liet zien dat als je mensen vraagt in hoeverre ze democratie steunen op een schaal van 0 tot 10, het gemiddelde bijna 9 is. Maar als je ze vraagt: ‘Zou je van partij veranderen als jouw favoriete partij de democratie begint te ondermijnen?’, dan blijkt dat gemiddeld slechts 8 procent bereid is dat te doen. Veel mensen gedragen zich volgens democratische normen, maar zouden niet echt moeite doen om de democratie te verdedigen als het er écht op aankomt.’
U concludeert in het boek dat uiterst rechts een blijvende factor zal blijven in de politiek. Dat is geen bemoedigende boodschap voor mensen die zich zorgen maken.
‘De geest kan niet terug in de fles. Deze groep kiezers was er altijd al, maar hield zich stil vanwege de sociale consequenties. Inmiddels weten ze dat ze niet alleen staan en zijn hun opvattingen genormaliseerd. Waarom zouden ze zich opnieuw terugtrekken in stilte? Hetzelfde geldt voor politici, die weten nu ook dat er electoraal succes te behalen valt met deze groep.
‘Als het doel is om uiterst-rechts te bestrijden – omdat deze beweging een gevaar vormt voor de liberale democratie, wat ik zeker denk – dan is de eerste stap om te begrijpen waarom dit gebeurt. Dat is precies wat ik in mijn boek probeer. Het is niet bedoeld als handleiding voor oplossingen, hoewel ik in de conclusie wel wat mogelijkheden bespreek, zoals burgerschaps- en democratie-onderwijs gericht op jongeren, op een leeftijd dat hun opvattingen nog niet vastliggen. Niets hiervan is makkelijk of snel opgelost; samenlevingen moeten de groei van uiterst rechts zeer serieus nemen. Denken dat het vanzelf verdwijnt is een gevaarlijke vorm van zelfgenoegzaamheid.’
EINDE
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 19/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOOT 18/BIZARRE TIJDEN!
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 18/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOOT 17/BIZARRE TIJDEN!
De afgelopen tien jaar vormden asielzoekers gemiddeld 11 procent van de migranten die naar Nederland kwamen. Dat staat in de Staat van de Migratie 2023, een jaarlijks overzicht van de migratiecijfers van het ministerie van Justitie dat vandaag is verschenen.
In 2022 steeg het aantal immigranten met 61 procent ten opzichte van 2021. De ongebruikelijk hoge stijging komt met name door de komst van vluchtelingen uit Oekraïne (108.000 mensen). Ook het aantal kennismigranten en internationale studenten steeg, net als het aantal asielzoekers (die laatste groep met 33 procent, naar 49.000).
Het ging in 2022 in totaal om 403.000 immigranten. Daar stonden 179.000 mensen tegenover die Nederland verlieten, zodat er een zogenoemd positief migratiesaldo was van 224.000. Het ministerie spreekt van een “bewogen migratiejaar”.
29.000 woningen voor statushouders
De meeste mensen vertrekken op enig moment weer zelfstandig uit Nederland. Maar zeker niet allemaal: in 2022 kregen bijvoorbeeld 29.000 vluchtelingen met een asielstatus een corporatiewoning toegewezen.
Vandaag riep demissionair staatssecretaris Van der Burg provincies en gemeenten opnieuw op om extra opvangplaatsen voor asielzoekers te organiseren. Want weliswaar ligt het aantal asielaanvragen in Nederland dit jaar lager dan aanvankelijk werd verwacht, toch heeft opvangorganisatie COA niet genoeg plekken.
Meeste immigranten uit EU-landen
In de hele wereld is het aantal vluchtelingen de voorbije tien jaar opgelopen. Wereldwijd zijn er nu zo’n 108 miljoen mensen op de vlucht, van wie ruim de helft buiten het eigen land verblijft. De landen met de meeste ‘nieuwe’ vluchtelingen waren in 2022 Syrië, Oekraïne en Afghanistan.
Meer dan de helft van de nieuwe migranten in Nederland bestond in 2022 uit mensen uit andere EU-landen: 129.000. Zij kunnen zich binnen de Unie onder voorwaarden vrij bewegen om te werken of studeren. De grootste EU-groep in Nederland komt uit Polen.
Ongeveer een derde van de migranten die afgelopen jaar naar Nederland kwamen bestaat uit reguliere migranten van buiten de Europese Unie. Hoofdzakelijk gaat het om migranten die voor werk of studie naar Nederland komen of die zich hier bij hun gezin voegen.
Van de migranten die jaarlijks naar Nederland komen, vraagt gemiddeld in de afgelopen jaren 11% asiel aan.”
COA
[CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZPOEKERS]
IS HET WAAR DAT EEN KLEIN DEEL VAN DE
MIGRANTEN ASIELZOEKER IS?
HOEVEEL MIGRANTGEN KOMEN NAAR NEDERLAND?
https://www.coa.nl/nl/lijst/
Van de migranten die jaarlijks naar Nederland komen, vraagt gemiddeld in de afgelopen jaren 11% asiel aan. De meeste migranten komen hier voor werk, liefde of studie en een groot deel komt uit Europa. In 2023 verhuisden ongeveer 332.900 mensen naar Nederland. Er vertrekken ook iedere dag weer mensen uit Nederland, bijna 191.000 in 2023. In juni 2025 zijn er ruim 124.390 Oekraïners ingeschreven bij een Nederlandse gemeente. Van hen verblijven er ongeveer 95.630 in de gemeentelijke opvang.
Asielmigratie vormde in 2022 11% van de totale migratie naar Nederland. Dit percentage is de afgelopen jaren weinig veranderd. Ruim 80% van de migranten kwam werken, studeren of voor de liefde. De rest van de migranten waren onder andere vluchtelingen uit Oekraïne. Dat blijkt uit de Staat van Migratie, een jaarlijkse rapportage van het ministerie van Justitie en Veiligheid met ontwikkelingen, feiten en cijfers over migratie.
Migratieontwikkelingen
In 2022 kwamen 403.108 personen naar Nederland. Dat is 61 % meer dan het jaar ervoor. Ook wereldwijd is een stijging van migratie te zien ten opzichte van 2021. Internationale gebeurtenissen hebben grote invloed op migratie, zoals de aanval van Rusland op Oekraïne. In 2022 kwamen ruim 108.000 vluchtelingen uit Oekraïne naar ons land. 2022 was een bewogen migratiejaar. Het zwaartepunt lag bij het aanpakken van de meest acute uitdagingen in de opvangcrisis.
Feiten en cijfers zijn van belang
Er is in de maatschappij veel discussie over migratie en asiel. De ontwikkelingen gaan snel. Feiten, cijfers en goede informatie zijn dus van belang. In de Staat van Migratie staat in cijfers uitgelegd wie Nederland binnenkomt en hoeveel mensen vertrekken. Daarnaast vind je er cijfers over de integratie van migranten, zoals over huisvesting en inburgering. Het COA is dit jaar gestart met de campagne ‘Wat is waar over asielopvang?’. Daarmee geven we antwoorden op veel gestelde asielvragen.
Lees meer over feiten en cijfers rondom migratie
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 17/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOTEN 15 EN 16/BIZARRE TIJDEN!
Onmenselijk beleid
Terwijl, het verlangen naar een waardevol bestaan kun je niet ‘indammen’ of ‘controleren’. Mensen zíjn immers geen stromen, maar individuen die veiligheid zoeken en een beter leven voor zichzelf en hun familie wensen. Niet onbelangrijk: alle mensen hebben daar recht op: ‘Iedereen heeft recht op een behoorlijke levensstandaard’, aldus artikel 13 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. ‘Elk persoon heeft het recht zich vrijelijk te verplaatsen en vertoeven binnen de grenzen van elke Staat; heeft het recht welk land ook, met inbegrip van het zijne, te verlaten en naar zijn land terug te keren.’
Toch blijven debatterende politici en leiders dehumaniserende metaforen gebruiken. Zij beseffen misschien maar al te goed dat het woordgebruik een sturende rol heeft in het politieke debat en in de manier waarop burgers over die onderwerpen praten en denken.
Vluchtelingen in ontreddering
‘Opvang in de regio’ als ultieme oplossing voor het asielvraagstuk wordt in het migratiedebat breed gedeeld: vanuit solidariteit met vluchtelingen en eerste opvanglanden, om de komst van vluchtelingen naar Europa (en Nederland) te voorkomen en/of om vluchtelingen direct terug te sturen naar waar ze vandaan komen. Opvang in de regio is geen nieuw idee. Politieke aantrekkingskracht hiervoor bestaat al decennia. Denemarken stelde het in de jaren tachtig voor. Nederland volgde begin jaren negentig met plannen van staatssecretaris Kosto. In 2003 presenteerde de Britse premier Blair zijn New Vision on Refugees en in het jaar daarna kwam Duitsland met het plan van Schily. Naar aanleiding van het grote aantal vluchtelingen in 2015 stelde het Nederlandse kabinet de ‘stip-aan-de-horizon-brief’
Maar wat wordt er eigenlijk bedoeld met ‘opvang in de regio’? En wat moet er gebeuren zodat deze opvang leidt tot een oplossing voor vluchtelingencrises?
Cijfers en definities
Wereldwijd zijn er bijna 80 miljoen mensen op de vlucht. Ongeveer 85% wordt opgevangen in minder ontwikkelde landen in de regio van de herkomstlanden. Dit hoge percentage is al jarenlang stabiel en drukt zwaar op betrokken landen. In Turkije verblijven 3,6 miljoen vluchtelingen, in Colombia bijna 2 miljoen gevluchte Venezuelanen. Pakistan en Oeganda vangen ieder 1,4 miljoen mensen op. In Libanon is een op de vier inwoners een Syrische vluchteling. Ter vergelijking: in Europa verblijft zo’n 8% van het totaal aantal mensen dat wereldwijd op de vlucht is. Nederland ontving in 2020 ruim 19.000 asielaanvragen. Kortom, opvang in de regio is sinds jaar en dag een realiteit.
Een van de gedachten achter het opvangen van vluchtelingen in de regio is dat dit terugkeer naar het land van herkomst makkelijker maakt. Maar veilige en snelle terugkeer is vaak geen reële optie. De crises in de landen van herkomst zijn veelal langdurig en complex van aard en fragiele post-conflictsituaties maken grootschalige terugkeer van vluchtelingen dan ook vaak onmogelijk. Ongeveer 15,7 miljoen vluchtelingen verblijven bijvoorbeeld langer dan vijf jaar in zogenoemde ‘protracted refugee situations’ in de regio. Daarvan keerden in 2019 slechts 317.200 mensen terug. Sommigen zien kans om verder te vluchten naar Europa, en nemen daartoe veel risico’s. Hervestiging
Overigens wordt ‘opvang in de regio’ in het politieke debat ook wel eens uitgelegd als ‘externalisatie of external processing’. Maar dan gaat het om het terugsturen van asielzoekers naar locaties buiten de EU zoals bijvoorbeeld naar Noord-Afrikaanse landen. Daar wordt dan de asielprocedure uitgevoerd door de EU lidstaten.
Erbarmelijke omstandigheden zonder toekomstperspectief
Van Heuven Goedhart, de eerste Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, zei in 1955 al: ‘refugee camps should burn holes in the conscience of those who are privileged to live in better conditions’. Inmiddels verblijft 60% van de vluchtelingen in stedelijke gebieden in plaats van in opvangkampen. Velen van hen verkeren in nijpende omstandigheden. Niet iedereen is geregistreerd of heeft papieren. Verblijfsomstandigheden zijn slecht en de hygiëne bedroevend. Vaak is er een beperkte toegang tot voorzieningen zoals zorg, onderwijs en werk en heerst er een grote mate van onveiligheid zoals risico’s op verkrachting, uitbuiting en detentie. Vluchtelingen zitten gevangen in compleet uitzichtloze situaties. En toch proberen zij het beste te maken van hun leven. Daarbij kunnen zij, en de landen die hen opvangen, zeker nog meer ondersteuning gebruiken.
Meer ondersteuning en geld nodig om beschermingscapaciteit te versterken
Volgens het Vluchtelingenverdrag is bescherming meer dan alleen het bieden van eerste humanitaire crisisopvang in de vorm van onderdak, water en voedsel. Het betekent ook het creëren van een toekomstperspectief: zowel duurzame veiligheid als economische zelfstandigheid. De landen die de meeste vluchtelingen opvangen hebben het vaak al zwaar en kunnen deze lasten niet alleen dragen. Het belang van meer samenwerking en betere verantwoordelijkheidsverdeling tussen landen van eerste opvang, landen van herkomst en asiellanden is erkend in het Global Compact for Refugees.
Nederland speelt binnen de EU al langere tijd een voortrekkersrol als het gaat om betere bescherming in de regio. Jaarlijks investeert Nederland 128 miljoen in de rechtspositie van, het onderwijs en de werkgelegenheid voor vluchtelingen en ontheemden. Deze ontwikkelingsgerichte
Bescherming in de regio aanvullend op asiel in Europa
Het is niet realistisch, en vanuit solidair oogpunt ook niet wenselijk om te verwachten dat verbetering van de beschermingscapaciteit in de regio tot gevolg heeft dat het aantal asielaanvragen in Europa of Nederland tot een nulpunt daalt. Zelfs als de situatie voor vluchtelingen in de regio verbetert, zullen er altijd vluchtelingen zijn die ook in de buurlanden vervolgd worden. Dat kan zijn vanwege hun politieke activiteiten of hun geloof. Ook zullen er altijd andere redenen zijn om door te reizen en hier asiel aan te vragen. Afschaffen van de nationale asielprocedures is dan ook geen optie. Het internationale en Europese vluchtelingenrecht bepaalt dat altijd individueel moet worden beoordeeld of terugkeer veilig genoeg is, en de geboden bescherming voldoende perspectief biedt voor een menswaardig bestaan. Dat is de kern van vluchtelingenbescherming, waar ook ter wereld.
Dit blog is samengesteld door Hugo Fernandes Mendes en Myrthe Wijnkoop
Lees verder in de blogserie
-
Wist u dat…? Feiten en ficties over migratie (deel 1)
De meeste migranten komen niet voor asiel
Nieuwsbericht | 05-02-2021 | 16:03
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 2)
Opzeggen Vluchtelingenverdrag schaadt ook Nederlands belang
Nieuwsbericht | 10-02-2021 | 16:30
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 3)
Nederland heeft relatief weinig kennismigranten
Nieuwsbericht | 16-02-2021 | 20:00
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 4)
Meeste alleenstaande minderjarige vreemdelingen uit Syrië
Nieuwsbericht | 23-02-2021 | 11:41
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 5)
Strafbaarstelling van irregulier verblijf heeft weinig toegevoegde waarde
Nieuwsbericht | 01-03-2021 | 18:46
EINDE
Reacties uitgeschakeld voor NOTEN 15 EN 16/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOOT 14/BIZARRE TIJDEN!
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 14/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOOT 13/BIZARRE TIJDEN!
Draagvlak is stabiel
Het maatschappelijk draagvlak voor immigratie in Nederland is al jarenlang behoorlijk stabiel, met een kleine meerderheid vóór en een forse minderheid tegen, blijkt uit studies (SCP, Universiteit Groningen). Ook Europees onderzoek laat stabiliteit zien: tussen 2012 en 2016 is het negatieve sentiment ten aanzien van migratie niet toegenomen, zeker niet in de West-Europese en Zuidelijke landen.
Deze maatschappelijke steun verschilt wel per type migrant. Het Sociaal Cultureel Planbureau stelt in de sociale staat van Nederland dat voor personen die vanwege de politieke situatie hun land verlaten, de deur bijna altijd openstaat. Dat vindt 87% in 2017/2018.
Het draagvlak voor gezinsmigranten is in de SCP studie minder (56%), en nog weer minder voor mensen die om economische motieven hun land verlaten (45%). Maar wordt er gevraagd naar de houding ten aanzien van asielzoekers, dan zijn mensen negatiever (63%) blijkt uit onderzoek van de Universiteit Groningen. Arbeidsmigratie kent in het algemeen minder steun dan asielmigratie, al is die wel weer groter voor migranten die op een werkvergunning komen, dan voor EU-migranten.
Het aantal migranten op zichzelf blijkt niet bepalend voor het draagvlak. Vaak gaat het over het ‘absorptievermogen’. Maar de samenleving is geen keukendoekje of spons; wat een samenleving aan kan is geen vaststaand, statisch gegeven. Mensen wennen naar verloop van tijd aan elkaar; er ontstaat een vorm van ‘alledaagse diversiteit’. Wel moet de toestroom niet te snel gaan en moeten mensen het gevoel hebben dat de overheid er controle over heeft. Take back control was niet voor niets de Brexit-slogan.
Cruciaal is hoe migranten vervolgens worden ingebed in de samenleving. Als zij een baan en inkomen hebben, vinden mensen de aanwezigheid van migranten vaker prima, omdat ze een waardevolle bijdrage aan de samenleving leveren. Dat verklaart waarom in Canada bijvoorbeeld – waar meer migranten werken – er een minder geprikkeld gesprek is over migratie. En wederzijds contact pakt ook positief uit – zelfs bij mensen die aanvankelijk negatief zijn ten aanzien van migranten. Veel van de buurten waar tijdens de ‘vluchtelingencrisis’ azc’s zijn gekomen, staan helemaal niet negatiever ten aanzien van migranten, ook waarschijnlijk omdat er veel aandacht is voor het samenleven in de buurt.
Polarisatie neemt toe
Hoewel het maatschappelijk draagvlak behoorlijk stabiel is, zijn de verschillen qua opvattingen wel toegenomen: sinds de ‘vluchtelingencrisis’ zijn mensen die politiek rechts van het spectrum staan negatiever geworden ten opzichte van immigratie en zij die links van het spectrum staan positiever. Ook zijn er grote en groeiende verschillen als het gaat om opleidingsniveau van mensen en hun visie op het brede thema migratie. Hoger opgeleiden, en dan vooral de academici, en lager opgeleiden staan hier behoorlijk tegenover elkaar, terwijl de middelbaar opgeleiden steeds meer op de lager opgeleiden gaan lijken. Hoger opgeleiden zien in processen van globalisering vooral kansen, lager opgeleiden vooral onzekerheid.
Polarisatie ontstaat ook door hoe politici en media migratie ‘framen’. Als migranten worden afgeschilderd als een potentiele bedreiging – ‘profiteurs’ of ‘gelukszoekers’ – in plaats van als een waardevolle bijdrage of als ‘mensen die hulp nodig hebben’, ontstaat er een voorkeur voor een restrictiever beleid. Hetzelfde geldt voor het schetsen van beelden als ‘overspoeld door vluchtelingen’ of ‘massamigratie’ – alsof er sprake is van een oncontroleerbare natuurramp. Politici worden zo niet de vertolker van de stem van het volk maar de aanjager van onvrede. Die framing verklaart waarschijnlijk ook waarom mensen het aantal migranten, het aantal asielaanvragen en het aantal moslims enorm overschatten. Nee, er zijn in Nederland geen 19% moslims maar 6%. Nee, we hebben hier niet 20% migranten maar 11%.
Ontwikkelingen in de samenleving minstens zo belangrijk voor draagvlak
Negatieve gevoelens ten aanzien van migratie komen niet altijd door migratie; ze zijn ook een spiegel van maatschappelijk ongenoegen. Minder steun voor migratie in een land betekent vaak dat er weinig sociaal vertrouwen is in de samenleving. Mensen zijn bang om hun baan of maatschappelijke positie kwijt te raken, of vrezen dat voor hun kinderen. Ze denken of ervaren dat ze met migranten in competitie zijn om schaarse middelen, zoals banen en huisvesting. Wie dus denkt dat het draagvlak voor migratie enkel met migranten te maken heeft schiet mis: het gaat net zo goed over het totaal aan onvrede dat zich uitstrekt van gebrek aan maatschappelijke erkenning tot wantrouwen ten aanzien van de overheid. Of zoals de sociaal-psycholoog Postmes
Draagvlak, kortom, heeft minder te maken met ‘aantallen migranten’ maar meer met de behoefte aan controle, de wijze van politieke framing, de maatschappelijke inbedding van migranten én met de bredere ontwikkelingen in de samenleving, zoals toenemende opleidingsongelijkheid. Wie bezorgd is over het mogelijk tanende draagvlak voor migratie moet al die thema’s aanpakken.
Dit blog is samengesteld door Monique Kremer
Lees verder in de blogserie
-
Wist u dat…? Feiten en ficties over migratie (deel 1)
De meeste migranten komen niet voor asiel
Nieuwsbericht | 05-02-2021 | 16:03
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 2)
Opzeggen Vluchtelingenverdrag schaadt ook Nederlands belang
Nieuwsbericht | 10-02-2021 | 16:30
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 3)
Nederland heeft relatief weinig kennismigranten
Nieuwsbericht | 16-02-2021 | 20:00
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 4)
Meeste alleenstaande minderjarige vreemdelingen uit Syrië
Nieuwsbericht | 23-02-2021 | 11:41
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 5)
Strafbaarstelling van irregulier verblijf heeft weinig toegevoegde waarde
Nieuwsbericht | 01-03-2021 | 18:46
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 6)
Vluchtelingenopvang in de regio is al realiteit
Nieuwsbericht | 08-03-2021 | 22:00
-
Wist u dat …? Feiten en ficties over migratie (deel 7)
Migranten komen niet naar Nederland voor onze verzorgingsstaat
Nieuwsbericht | 12-03-2021 | 18:26
Aantrekkingskracht verzorgingsstaat is mythe
Het is een mythe dat migranten vertrekken om goede sociale voorzieningen elders te krijgen. Voor ‘bijstandstoerisme’ of ‘een aanzuigende werking’ van onze verzorgingsstaat bestaan weinig aanwijzingen. Migranten gaan niet massaal naar landen met de meest ontwikkelde verzorgingsstaat
Geen récht op een uitkering
En wie alleen naar Nederland zou komen voor een uitkering komt bedrogen uit. Je kán helemaal geen bijstandsuitkering aanvragen als je de grens passeert. Asielzoekers krijgen onderdak en leefgeld van 59 euro per week. Europese migranten kunnen hun verblijfsrecht verliezen als ze zich melden bij de sociale dienst. En ook een WW-uitkering wacht niet op je aan de grens. Daarvoor moet je als migrant – net als iedereen – een arbeidsverleden hebben opgebouwd.
Het aantal Oost-Europese migranten – de grootste groep migranten op dit moment in Nederland – met een bijstandsuitkering is betrekkelijk gering. Het gaat om 1,8 procent in vergelijking tot 2,3 procent onder burgers van Nederlandse origine, al is er wel een lichte stijging. Oost-Europese arbeidsmigranten maken wel vaker gebruik van een WW-uitkering. Dit heeft te maken met hun kwetsbare positie op de arbeidsmarkt: ze werken veelal in de laaggeschoolde en flexibele sectoren van de arbeidsmarkt. Ook voor Nederlanders met dezelfde kenmerken geldt dat zij vaker een WW-uitkering hebben. Veel migranten die werkloos worden vertrekken echter ook weer uit Nederland en doen geen beroep op WW.
Voor hoger opgeleide arbeidsmigranten kunnen bepaalde voorzieningen die de verzorgingsstaat biedt wel cruciaal zijn voor de keuze van het bestemmingsland. Omdat het vaak (jonge) gezinnen zijn, gaat dat dan vooral om goede gezondheidszorg, kinderopvang en onderwijs voor de kinderen, verlofregelingen etc.. Maar juist op deze elementen van de verzorgingsstaat scoort ons land helemaal niet zo goed. Kennismigranten met kinderen voelen zich daarom sneller aangetrokken tot de Scandinavische landen waar de voorzieningen betaalbaarder en professioneler zijn. Ook Duitsland streeft Nederland op dit punt inmiddels voorbij.
Verzorgingsstaat toen en nu
In het verleden kwamen migranten evenmin naar Nederland om van de verzorgingsstaat te genieten. Eind jaren zestig werden ongeschoolde werknemers geworven, en stortte de economische sector waarin zij werkten kort daarna in. De toen nog royalere verzorgingsstaat keerde relatief veel uitkeringen uit, voornamelijk voor arbeidsongeschiktheid. Maar vergeleken met toen én met de ons omringende landen, is het Nederlandse sociale zekerheidstelsel inmiddels behoorlijk versoberd. Asielstatushouders, de kleinste groep migranten, vragen wel relatief vaker een bijstandsuitkering aan. Dit is veelal terug te voeren op de gevolgen van hun vluchtervaringen en de gebrekkige aansluiting met de arbeidsmarkt.
Activerende verzorgingsstaat
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 13/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers
NOOT 12/BIZARRE TIJDEN!
Er zou een asielcrisis zijn
Veelzeggend waren de woorden van premier Dick Schoof bij de presentatie van het regeerprogramma: ‘Mensen ervaren een asielcrisis.’ Niets wijst er namelijk op dat er ook echt een asielcrisis ís. Mensen die een eerste asielaanvraag doen vormen al sinds 2011 zo’n 10 procent van alle migranten die naar Nederland komen. De rest zijn bijvoorbeeld expats en studenten. Bovendien komen er op dit moment relatief weinig asielzoekers naar Nederland: in de eerste helft van het jaar waren het er een kwart minder dan vorig jaar in dezelfde periode. ‘Volle opvangcentra of vastlopende asielprocedures zijn geen asielcrisis, dat zijn problemen in de uitvoering van het asielbeleid’, aldus docent migratierecht Mark Klaassen van de Universiteit Leiden.
Nederland vangt minder mensen op dan het Europees gemiddelde
Nederland zou enorm veel asielzoekers opvangen
Nee, dat is niet aan de hand. Vorig jaar waren het er ruim 38.000. In vergelijking met andere Europese landen vragen er in Nederland juist minder mensen asiel aan: in de EU zijn er gemiddeld 2,3 asielaanvragen per 1000 inwoners, in 2023 waren dat er in Nederland 2,1. Maar ook Europa als geheel vangt niet enorm veel vluchtelingen op. Zo verbleef bijna 70 procent van alle vluchtelingen wereldwijd in 2023 in een buurland. Libanon is het land met het hoogste aantal per hoofd van de bevolking: de regering schat het aantal Syrische vluchtelingen op 1,5 miljoen op ruim 5 miljoen inwoners. In absolute cijfers vangen Iran en Turkije de meeste vluchtelingen op (3,4 miljoen). Andere landen in dat rijtje zijn Duitsland en Colombia (2,5 miljoen), en Pakistan (2,1 miljoen). Je zou het ‘benadelingswaan’ kunnen noemen, schreef CBS-
Wel is er sprake van een bewust gecreëerde ‘opvangcrisis’. Een tijdlijn op de website van COA laat zien hoe de overheid het aantal bedden en personeel steeds afschaalde wanneer er tijdelijk minder asielaanvragen waren, waardoor de organisatie niet voldoende was voorbereid toen het aantal asielaanvragen weer toenam. Met als gevolg dat er bijvoorbeeld mensen in Ter Apel buiten moesten slapen.
Het woningtekort zou door asielzoekers komen
Het woningtekort is een reëel probleem, maar heeft andere oorzaken. Zo is er jarenlang te weinig gebouwd, door onder meer stijgende bouwkosten, gebrek aan menskracht en materialen, én het feit dat Nederland te veel stikstof uitstoot en bouwprojecten daarom vaak geen vergunning krijgen. Wat ook meespeelt in de wooncrisis: in Nederland werden veel woningen opgekocht door investeerders, die ze vervolgens duur verhuren.
Nieuwkomers hebben zelf ook last van het woningtekort
Het woningtekort wijten aan mensen die een verblijfsstatus hebben gekregen, de zogenoemde statushouders, is dus onterecht. In principe hebben statushouders binnen twaalf weken recht op een sociale huurwoning, maar op dit moment verblijven ruim 19.000 mensen met een verblijfsvergunning in een azc. De meeste mensen wachten al veel langer dan die drie maanden. Van de vrijgekomen sociale huurwoningen gaat 90 tot 95 procent niet naar statushouders.
Tot 2017 hadden Nederlandse gemeenten de plicht om statushouders voorrang te geven bij het vrijkomen van sociale huurwoningen. Daarna mochten gemeenten zelf bepalen aan welke groepen ze voorrang geven bij de toewijzing van sociale huurwoningen. Het kabinet Schoof wil verbieden dat gemeenten statushouders nog voorrang kunnen geven op een sociale huurwoning. Dat zou betekenen dat er nog meer statushouders opvangplaatsen bezet houden, waardoor er nóg meer azc’s, personeel en materiaal nodig zijn.
De speciale VN-rapporteur voor het recht op adequate huisvesting, Balakrishnan Rajagopal, zei tijdens zijn bezoek aan Nederland vorig jaar dat Nederlanders ten onrechte met een beschuldigende vinger naar asielzoekers en vluchtelingen wijzen. “Het is een argument dat gebruikt wordt voor politieke doeleinden en dat slechts bijdraagt aan stereotypen over bepaalde groepen buitenlanders. Het tegendeel is zelfs waar: nieuwkomers hebben juist last van het woningtekort.”
Twee derde van de opvanglocaties voldoet al niet aan de kwaliteitseisen
De asielopvang zou té aantrekkelijk zijn
Het tegendeel is waar. Het kabinet mag dan streven naar nog ‘soberdere’ opvang, in werkelijkheid voldoen al zo’n tweehonderd van de bijna driehonderd azc’s niet aan de kwaliteitseisen van het COA. Dat zijn namelijk noodlocaties. Meerdere instanties, zoals de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, maken zich zorgen over ongezonde leefomstandigheden op de locaties. In twee jaar tijd is het aantal kinderen in noodopvanglocaties verdubbeld. Het Kinderrechtencollectief
Wetenschappers geven keer op keer aan dat vluchtelingen niet naar een land trekken omdat het als ‘luxe’ te boek staat. In de eerste plaats is de veiligheidssituatie in het land waar ze vandaan komen een drijfveer. Vervolgens is de aanwezigheid van familie of vrienden voor veel mensen de belangrijkste reden om vanuit een ander EU-land door te reizen naar Nederland. “Het is belangrijk om te onthouden dat veel asielzoekers vooral ergens vandaan vluchten, in plaats van ergens naartoe”, aldus VluchtelingenWerk.
Een vluchtelingenstatus mag niet continu in twijfel getrokken worden
De gezinshereniging zou te hoog zijn
Na de val van het kabinet Rutte IV noemde voormalig minister van Justitie Yesilgöz ‘nareis op nareis’ – waarbij niet alleen het kerngezin (ouders en kinderen), maar ook andere familieleden naar Nederland komen – een ‘groot probleem’. Ze loog dat het over duizenden mensen ging. In werkelijkheid ging het in 2023 om 170 aanvragen, waarvan er voor zover bekend 10 zijn ingewilligd. Een verwaarloosbaar aantal. Het totaal aantal nareizigers – dus wel alleen het kerngezin – dat in het kader van gezinshereniging naar Nederland kwam, nam in 2023 juist af ten opzichte van 2022. In totaal waren het er iets meer dan 10.000. “Het is zeer kwalijk en schadelijk voor het draagvlak dat er een beeld werd neergezet van een exponentiële toename van nareizigers”, vindt
Te veel mensen zouden voor altijd mogen blijven
Na vijf jaar kunnen statushouders in de meeste gevallen een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd aanvragen. In 2022 (de meest recente cijfers) werden 15.480 van die permanente vergunningen afgegeven. Het afschaffen van die vergunning zou er volgens het kabinet voor zorgen dat er minder asielzoekers naar Nederland komen. Juridisch mag het kabinet dat doen, schrijft juridisch adviseur asielrecht Anna Chatelion Coune op Verblijfblog.nl. Maar veel vluchtelingen zouden volgens haar alsnog uitzicht op een permanente vergunning houden op basis van de Europese regels. “De VN-vluchtelingenorganisatie (UNHCR) heeft altijd benadrukt dat de vluchtelingenstatus niet continu in twijfel getrokken mag worden, omdat vluchtelingen recht hebben op rechtszekerheid.”
Ook is het de vraag of asielzoekers zich nog zouden verdiepen in de Nederlandse taal en cultuur, en nog zouden zoeken naar een baan als ze niet weten of ze ooit voorgoed mogen blijven. Als ze dat niet doen zou dat een nadelig effect kunnen hebben op de sociale, psychische en financiële omstandigheden, en op het toekomstperspectief.
Door asielzoekers zouden de gezondheidszorg en het onderwijs in de problemen komen
‘Demografische ontwikkelingen leggen een enorme druk op onder meer de woningmarkt, de zorg, en het onderwijs’, staat er onder het kopje ‘Grip op asiel en migratie’ in het regeerprogramma. Het kabinet wekt daarmee de suggestie dat het de schuld van asielzoekers en migranten is dat deze sectoren vastlopen. Esther Ouwehand van de Partij voor de Dieren noemde het tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen een ‘dieptepunt’ dat asielzoekers ‘de schuld van alles krijgen’. “Je kent weinig schaamte als je kwetsbare mensen daar de schuld van geeft.”
In de strijd tegen het gebrek aan personeel zouden statushouders een rol kunnen spelen
Het onderwijs staat vooral onder druk vanwege personeelstekorten en dalende onderwijskwaliteit. De manier waarop het onderwijs gefinancierd wordt lijkt daar de grootste rol in te spelen, zo analyseert De Correspondent. Ook de problemen in de zorg hebben allerlei verschillende oorzaken. Zo staan er in de zorg momenteel 3,5 vacatures open per werkzoekende. De lange wachtlijsten stammen echter al uit de jaren negentig, en de marktwerking die werd geïntroduceerd om dat probleem op te lossen mocht niet baten. Een demografische ontwikkeling die wél grote druk legt op de zorg is vergrijzing en zolang die toeneemt, blijft de vraag naar zorg toenemen
In de strijd tegen het gebrek aan personeel zouden statushouders en mensen die nog wachten op beslissing over hun asielaanvraag een rol van betekenis kunnen spelen. Zo nu en dan gebeurt dat al, maar het is nog uniek genoeg om de krant te halen.
Mensen die asiel aanvragen zouden te veel overlast veroorzaken
De grootste overlast die Nederlanders ervaren wordt veroorzaakt door rondhangende jongeren en andere buurtbewoners. Het gaat dan bijvoorbeeld om dronken mensen op straat, mensen die anderen lastigvallen of verwarde personen. Ook dakloze mensen veroorzaken overlast. Dat de meeste overlast wordt veroorzaakt door buurtbewoners, jongeren of dakloze mensen, betekent niet dat asielzoekers helemaal geen overlast veroorzaken. Uit de incidentencijfers van het COA blijkt dat 9 procent van de asielzoekers die in 2023 in een COA-locatie of tijdelijke gemeentelijke opvang verbleef betrokken was bij een incident. Het gaat dan om dreigen met zelfdoding, zelfdestructieve actie of fysieke en verbale agressie. Van de asielzoekers in de asielopvang werd 3 procent verdacht van een misdrijf. Er zijn in 2023 in azc’s wel meer incidenten geregistreerd (13.395) dan het jaar ervoor (9.370). Die stijging valt deels te verklaren door de slechte omstandigheden waarin de mensen verblijven, zegt ook COA-bestuurslid Joeri Kapteijns.
EINDE
ESTHER OUWEHAND [PARTIJ VOOR DE DIEREN] SPREEKT ZICH TIJDENS DE
ALGEMENE BESCHOUWINGEN UIT
TEGEN VLUCHTELINGENHAAT
ASTRID ESSED
BIJDRAGE ESTHER OUWEHAND AAN DE ALGEMENE POLITIEKE BESCHOUWINGEN 2024
https://www.youtube.com/watch?
[ESTHER OUWEHAND, PARTIJ VOOR DE DIEREN]
”Voorzitter:
De mate van beschaving kan je afmeten aan hoe de samenleving
omgaat met de meest kwetsbaren”
Dit hebben wij eh vaak uitgelegd toen mensen aan ons vroegen
jaren geleden van ”Waarom is er een Partij voor de Dieren nodig?”
Nou, toen zeiden we ”als je met de meest kwetsbaren in je
samenleving zo hardvochtig omgaat, dan betekent dat meestal niet
veel goeds voor de anderen.” [0.23]
En we hebben hem op een gegeven moment niet meer gebruikt, want
Dat eh ja…..had het zo vaak gezegd en op een gegeven moment wil
je weer [?] eens iets anders [0.29]
[0.30]
Maar toen ik me aan het voorbereiden was op dit debat dacht ik
”hij moet toch weer van stal” ”hij moet toch weer van stal”
Want wat een dieptepunt hebben we bereikt in onze Nederlandse
parlementaire geschiedenis, dat glashard mensen, die gevlucht zijn
voor oorlog en geweld zo ongeveer de schuld krijgen van het nieuwe kabinet
van alle problemen en dingen die niet goed gaan in Nederland en alleen
omdat mensen een crisis ervaren.
[1.00] Ja, mensen zijn jarenlang opgehitst tegen asielzoekers.
En het opvangen van mensen, die hulp nodig hebben …een kwestie van
beschaving en dat vraagt ook iets van een samenleving.
Dus dat moet je goed organiseren.
Maar als je dan kijkt naar wat er de afgelopen jaren, decennia, is
gesaboteerd om een goeie opvang van mensen, die hulp nodig hebben, mogelijk te maken, om te zorgen, dat we goed kunnen samenleven.
Dat we als samenleving dat kleine offer ook kunnen brengen.
Dat we zeggen:”ja, dat doen we”
[1.35]
”Want als wij in de problemen zouden zijn gekomen, dan hadden
we het ook fijn gevonden als we ergens werden opgevangen.” [1.40]
Er is bezuinigd op de IND.
Opvanglocaties gesloten.
Taallessen gesaboteerd.
En van oudsher zijn het nooit de rijke wijken geweest waar mensen
werden opgevangen.
Altijd in de arme volksbuurten waar al problemen waren.
Ja, en als je dan concludeert we gaan lekker die asielzoekers als
zondebok gebruiken en dan ook nog wijzen naar problemen op
de woningmarkt, in de zorg, in het onderwijs waar ook overal de vieze
vingerafdrukken van de VVD aanzitten [2.12].
Want laten we eerlijk zijn:
VVD heeft jarenlang geregeerd en dit kabinet is een club vol
geradicaliseerde VVD’ers en CDA’ers [2.24]
Dan ken je toch weinig schaamte als je daar kwetsbare mensen
de schuld van geeft?
En het liet zich al voorspellen.
Dit gaat natuurlijk samen met andere trekjes, die niet bepaald
horen bij een gezonde parlementaire democratie, waarin je
bijvoorbeeld ook tegenmacht organiseert, tegenmacht respecteert, zelfs wil
hebben.
Autoritaire trekjes.
Het parlement buitenspel zetten.
Organisaties, die naar de rechter willen om eh aan de rechter te vragen of
de wetten en het beleid dat het kabinet heeft voor natuur en klimaat, zo
ongeveer niks dus, of eh of dat wel voldoet aan de wet eh beperkingen opleggen.
Het demonstratierecht inperken.
[3.15]
Ja voorzitter, dat is niet alleen een kwestie van dat we qua beschaving door
een ondergrens zijn gezakt, maar zo haal je ook alle zuurstof uit
de samenleving.
Autoritaire trekjes.
Voorzitter, het staat er dus niet best voor.
En wat ik ook pijnlijk vond is dat dit kabinet de koning heeft gebruikt
om plannen voor te lezen, die gewoon keihard zijn en het hele land verdelen.
[3.38] Vorig jaar sprak de koning nog mooie, persoonlijke woorden bij de herdenking van het slavernijverleden, waarin hij liet merken dat hij weet
hoeveel pijn racisme en discriminatie doen.
En de koning is ook een belangrijke steunpilaar geweest voor de mensen,
die zo keihard getroffen zijn door het toeslagenschandaal.
Waar dezelfde gedachtegang achterligt waar nu het kabinet zo schaamteloos
gebruik van wil maken.
[4.03] Ja, we zouden wel naar de feiten kunnen kijken, maar liever luister ik naar
de onderbuik.
Daar krijg je hardvochtig beleid van.
Dat raakt mensen en dat raakt ons als geheel.
En dat racisme en die discriminatie in de samenleving,
de koning zei ook: ”het slavernijverleden is nog steeds voelbaar
met racisme en discriminatie in de samenleving”
En dat merken we aan alle kanten.
Met dit kabinet dat geen woord over racisme en discriminatie in de
Troonrede eh wilde eh laten uitspreken door de koning.
En een racistische gedachtegang en institutioneel racisme in de
samenleving bestrijd je niet door te dwepen met Sifan Hassan.
Integendeel.
Je moet oog hebben voor de realiteit.
En het toeslagenschandaal is daar maar een voorbeeld van.
Want hoe er nu een zondebok wordt gemaakt van asielzoekers,
staat voor al die mensen, die zich nog steeds niet erbij voelen horen
in Nederland.
Die nog steeds worden gediscrimineerd, voor wie erbij horen nog
altijd voorwaardelijk is.
Simpelweg omdat het kinderen zijn van mensen, die in
de jaren zeventig naar Nederland zijn gehaald om hier de vuile klusjes
op te knappen.
Wat we nog steeds doen met arbeidsmigranten.
Mensen met een biculturele achtergrond, die horen er niet bij.
En dat moet het kabinet aanpakken.
Want samenleven doen we hier met z’n allen en het is een schandvlek
dat er nog steeds racisme en discriminatie is. [5.39]
[5.40]
”Pak dat aan in plaats van met een racistische gedachtegang verder
beleid te maken. [5.46]
[5.47] En zijn Nederlanders er nou mee geholpen dat het kabinet zich
bedzihoudt……Alle energie op een Nepcrisis.
Is dit het oplossen van bestaanszekerheid en de problemen van
Nederlanders?
Wat hebben die bijstandsmoeders eraan, die nog steeds niet rond kunnen
komen?
Wel cadeautjes naar aandeelhouders.
Wel dikke , vette subsidies voor een vervuilend bedrijf als Tata Steel.
Terwijl de andeelhouders en de CEO’s uit India zich rot zitten te lachen.
De belastingbetaler mag ophoesten.
Tot je dienst.
Mensen met een tweede huis hoeven minder overdrachtsbelasting te betalen.
150.000 kinderen in armoede staan daar tegenover.
900 000 mensen in armoede.
Waarom accepteer je dat als je tegelijkertijd geld genoeg hebt? [6.33]
Maak andere keuzes.
Dan doe je iets voor Nederland.
Geen oplossing voor de bouwvakkers, voor de verplegers, de politieagenten.
Al die andere mensen met zware beroepen, die niet doorkunnen tot hun 67e.
Die moeten er eerder uit, omdat ze op zijn.
Mensen, die gewoon naar de sportschool willen, die hun kinderen
naar een voetbalwedstrijd willen laten gaan.
Wordt allemaal duurder.
Aandeelhouders en mensen, die toch al genoeg hebben, die knappen ervan op.
[7.09] Voorzitter, en in plaats van je te richten op wat mensen echt nodig hebben, leidt
het kabinet de aandacht af door te blijven hitsen en te blijven vervallen in
ophits, in feitenvrije ophitspolitiek. [7.27]
Terwijl er crises zijn, die wel reeel zijn.
De klimaatcrisis, die hoe dan ook, iedereen zal raken.
En dat is niet eens zover weg.
De boeren hebben nu al te maken met de gevolgen van een veranderd klimaat.
We hoeven niet zover te kijken, omdat in Midden-Europa de overstromingen
door het veranderde klimaat heviger zijn dan ooit.
Dit staat ons te wachten.
En ben je dan bezig met wat echt van belang is voor mensen?
Voor mensen die-de koning zei het zo mooi: ”Gezondheid is het
belangrijkste wat we hebben”
Voor jou, voor je geliefden.
Mensen, die een toekomst willen voor hun kleinkinderen.
Die verwachten, dat leiders in dit land aan de slag gaan met het aanpakken
van de klimaatcrisis.
Van de natuurcrisis.
Van de wooncrisis.
Van al die dingen, die onze aandacht vragen.
[8.21]
Maar het kabinet doet dat niet.
En zoals dierenwelzijn en mensen, die niet voor zichzelf kunnen
opkomen en kwetsbaar zijn, zijn ook waarden als natuur en klimaat, de basis van ons bestaan, kwetsbaar.
Er zijn nog steeds partijen hier.
En ze zitten zelfs, hebben zelfs meegevormd in het kabinet, die de klimaatcrisis
ontkennen.[8.40]
Maar de toekomst van je kinderen staat op het spel.
Hoe haal je het in je hoofd?
De natuurcrisis wordt door het ministerie van de agro-industrie
glashard ontkend.
Nog meer mest uitrijden, schrappen op het natuurbeleid.
We kunnen niet zonder de natuur en boeren al helemaal niet.
[9.01] Voorzitter, de Partij voor de Dieren kiest voor het meest kwetsbare als
uitgangspunt voor al het beleid.
Want we kunnen niet zonder een gezonde leefomgeving.
We kunnen niet zonder een samenleving waarin we oog hebben voor
elkaar, waarin we iets over hebben voor elkaar, waarin we elkaar respecteren,
waar mensen gelijkwaardig zijn.
Heeft ook te maken met het scheve klmaatbeleid.
Mensen voelen zich totaal in de steek gelaten door een regering, die
wel subsidies geeft aan grote vervuilers.
En dan moeten zij zeker zelf zorgen voor verduurzaming van hun huis.
Ja, zo krijg je mensen niet mee, terwijl ze wel verwachten, dat de Overheid
met effectief beleid komt.
Gelijkwaardigheid heeft ook te maken met een rechtvaardig klimaatbeleid.
We moeten dit met z’n allen doen, dus we moeten zorgen dat iedereen
zich gerespecteerd voelt en in een positie wordt gebracht, dat ie het
mee kan maken.
En dat doe je niet door de mensen met het minste geld gewoon aan
hun lot over te laten.
Voorzitter, het meest prangend en het meest illustratief is denk ik
wel de natuurcrisis.
Hoe lang zijn boeren wel niet voor de gek gehouden?
Terwijl boeren alle belang hebben bij schoon water, een gezonde bodem, bij
biodiversiteit.
En opnieuw, opnieuw, wordt ze zand in de ogen gestrooid.
We weten dat het pakket waar minister Wiersma mee komt, volstrekt
onvoldoende gaat zijn.
Hoe gaat het kabinet de problemen oplossen waar deze boeren
in terechtkomen en de protesten die daaruit voort gaan komen?
Gaat de minister president eh het land koest houden?
Vorige keer liet hij blijken, dat hij niet eens wist hoe slecht het gesteld
is met de Nederlandse natuur en milieukwaliteit.
Misschien wil die nog een poging doen.
Wat…hoe is dit kabinet gegaan met dat….met die afspraken over
Mercosur?
Je kan het boeren toch niet aandoen om hier verandering van ze te vragen
en tegelijkertijd aan de buitengrenzen de deuren wagewijd open te zetten
voor goedkope zooi uit Argentinie en Brazilie?
Ik hou…zou de minister president daar graag over horen.
Voorzitter, de dieren hebben al de hoogste prijs betaald toen ze werden
overgeleverd, en ik vergeet het niet meneer Wilders, aan de BBB.
PVV heeft ermee ingestemd, dat het ministerie van LNV voortaan
het ministerie van de agro-industrie is.
En als je de mestcrisis wil oplossen, dan begint het bij de feiten.
Er is in Nederland bizar veel mest, omdat we in Nederland bizar veel dieren
fokken, in stallen houden en naar de slacht sturen.
Daar zit het probleem.
En die dieren leiden een ellendig leven.
500 tot 600 miljoen dieren per jaar.
30 miljoen dieren komt niet eens levend die stal uit.
Die creperen daar van pure ellende.
Als je over de dieren niet wil praten, ga je ook die mestcrisis niet
oplossen.
80 procent van de Nederlanders wil een einde aan de bio-industrie.
Moet je eens even kijken hoeveel draagvlak je hebt voor een transitie
in de landbouw.
[12.14]
Voorzitter, de Partij voor de Dieren vecht met alles wat ze in zich heeft
tegen ieder kabinet, en deze maakt het het meest bont van allemaal,
dat niet vooropstelt wat we met z’n allen zo dringend moeten
beschermen:
Kwetsbare waarden zoals natuur en klimaat, de rechten van dieren,
de rechtsstaat en de gelijkwaardige behandeling van iedereen
hier in Nederland.
En de bezuinigingen op de allerarmsten van de wereld doen nog een
schepje bovenop de schaamte die we voelen over dit kabinet.
We hebben het een gevaarlijk politiek experiment genoemd.
En helaas, sneller dan we hadden gedacht, is gebleken, dat
daar geen woord van was onderschat.
[12.58]
Voorzitter, geen steun voor dit kabinet, geen steun ook
voor de miljoenennota trouwens.
Betere plannen presenteren en dan kunnen we praten.
[13.07]
EINDE YOUTUBE FILMPJE
Reacties uitgeschakeld voor NOOT 12/BIZARRE TIJDEN!
Opgeslagen onder Divers